overdenkingen voor tweede kind
Beeld: Shutterstock

Een tweede kind. Voor je het weet zijn de kriebels zo sterk, dat de pil alweer in de kliko ligt. Of niet juist, omdat je eerste zwangerschap traumatisch verliep. Of je je met één kind volmaakt compleet voelt. Daarom: 7 overwegingen voordat je wel of niet van bil… - eh, aan het beslissen gaat.

  1. Eén kind maakt ook een gezin. Een tweede is geen must. En soms heb je gewoon iets meer tijd nodig om te beslissen. Omdat je eerste zwangerschap en/of bevalling niet liep zoals je hoopte. Of omdat het gewoon niet sneller lukt. Het eerste jaar met baby niet te doen zo zwaar was. Of je relatie wankelt. En heel soms kan het niet meer, een tweede kind krijgen.
     
  2. Gemiddeld beginnen vrouwen na anderhalf tot tweeënhalf jaar aan een tweede kind. Maar wat kan jou zo’n nietszeggend gemiddelde schelen: sommige vrouwen raken pas na jaren weer zwanger – al dan niet uit eigen keus. Bij anderen is het een maand na de bevalling al raak. Maar over dat laatste: dat raden verloskundigen niet aan. Het advies is om na je bevalling minimaal zes weken te wachten met vrijen, omdat dan je baarmoeder pas is hersteld, en het bloeden gestopt.
     
  3. Kun je van een tweede wel net zoveel houden als van je eerste? Kun je je bijna niet voorstellen, toch? Maar: ja, het is echt zo. En van je derde, vierde en zevende ook, trouwens.
     
  4. Een tweede kind is goedkoper dan het eerste. Om je meteen uit de droom te helpen: die besparing loopt niet in de talloze nullen. Maar denk aan alles wat je kunt hergebruiken aan meubels, badje, kleding; die hoef je alvast niet aan te schaffen. Al moet-ie later evengoed naar school, natuurlijk, en de prijs van luiers is helaas alleen negatief aan inflatie onderhevig.
     
  5. Twee kinderen is niet per se drukker dan één kind. Oké, we liegen: dat is het wel. In het eerste jaar. Voed maar eens een baby terwijl er een dreumes driftig aan je trui trekt, of in een woedeaanval de boekenkast leeg gooit terwijl jij net met je handen in een poepluier staat.
     
  6. Maar onthoud: na dat eerste jaar voeden ze elkaar óók op. Spelen ze samen, in plaats van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat alleen met jou. De heerlijkheid – ook vanwege het wonder dat die twee schepsels uit jouw lijf, elkáár zo leuk vinden.
     
  7. Ja: een tweede kind is echt twee keer zoveel liefde. Tot ze elkaars hersens inslaan, tenminste. Maar dan heet het apenliefde, en daar leren ze héél veel van.

 

More content below the advertising

 

Meer Kek Mama? Volg ons op Facebook en Instagram.