Lotte: ‘Mijn man neemt me kwalijk dat ik van hem eiste dat hij zijn droombaan zou afslaan’
Haar man werkt hard en kreeg eindelijk die promotie, voor de droombaan waar hij het allemaal voor deed. Maar ja. Lotte zag het niet zitten.
Patricia van Liemt is radiopresentator, schrijver en moeder van Maria (15) en Phaedra (12). Ze schrijft rake, eerlijke, grappige en vooral herkenbare columns over haar leven.
Ik ben dichter bij mijn kinderen dan ooit.
Althans, dat denk ik hoor. Als je het aan hen vraagt, vraag ik me af of ze hetzelfde zullen zeggen. Ik ben in hun ogen vast nog steeds streng, want ik ben ook die ouder die de hele tijd over schermtijd zeurt en regels heeft over telefoongebruik en bedtijden. Ik ben ook nog altijd de ouder die zegt dat ze hun handen moeten wassen als ze uit school komen, of ze met een scheef gezicht aankijkt als de vaat weer eens op het aanrecht staat.
(Wacht, dat statement klopt eigenlijk niet, want meestal staat het gewoon nog op de leuning van de bank voor de televisie.)
Ik ben ook de ouder die andere puberouders appt om te vragen of Charlotte, Cato en Vlinder (God, wat hebben die kinderen toch bijzondere namen) ook daadwerkelijk pas om 00:00 uur thuis hoeven te zijn. Dit uiteraard tot grote frustratie van mijn 15-jarige, want meestal blijkt dan dat ze ons allemaal tegen elkaar hebben uitgespeeld. En laten we eerlijk zijn, dat hoort erbij. Maar het hoort er ook bij om wél ouder te blijven.
Ik ben ook die ouder die zorgt dat ze na een lazy weekend met pizza en patat weer minimaal vier dagen iets van groente naar binnen harken. En de ouder die vasthoudt aan bruin brood doordeweeks en wit brood in het weekend. Gewoon, als tegenhanger van al dat snoep dat ze stiekem kopen.
Ik ben die ouder die ziet dat de oudste groeit als kool en daar soms moeite mee heeft, en haar spontaan meeneemt naar de stad om een paar nieuwe broeken te scoren. En die dan ook ziet dat de jongste niet wéér de afdankertjes van haar grote zus wil, en haar daarom ook trakteert op een nieuwe jeans.
Ik ben die ouder die ze kent als mijn broekzak.
Die ’s avonds de tijd neemt om bij ze te liggen en over hun rug te kriebelen (Oké, toegegeven: de oudste wil dat niet meer. Maar op een onbewaakt moment kruip ik soms toch naast haar, aai ik over haar grote puberhoofd en weet ik dat ze zich diep vanbinnen fijn en veilig voelt.)
Het is gek, maar ik ben dichter bij mijn kinderen dan ooit.
Misschien wel omdat ik eindelijk dichter bij mezelf ben.
En dat is dan het onverwachte voordeel van scheiden. Niet iets wat ik van tevoren had gepland. Niet iets dat in de folder van de mediator stond. En zéker niet iets wat ik op mijn vision board had gezet. Maar kennelijk iets dat langzaam gebeurt.
Tussen het opruimen van lege chipszakken, het controleren van huiswerk dat je zelf niet begrijpt (thanks, ChatGPT), en het in toom houden van mijn eigen tranen als ik zie hoe snel ze groot worden. Het is het soort nabijheid dat je niet kunt faken. Maar het is er ineens.
Als we samen op de bank zitten. Als ze iets met me delen wat écht speelt.
Dan voel ik het.
We zijn hier.
Ik ben dichtbij.
En we redden het.
Meer lezen van Patricia? Hier vind je haar andere columns.