Mariëtte Middelbeek is chef redactie van Kek Mama en auteur. Samen met haar man Erik heeft ze twee kinderen: zoon Casper (4) en dochter Nora (3).
Lees verder onder de advertentie
Funda wordt elke maand vereerd met 51 miljoen bezoeken. Als ik een ruwe schatting maak, ben ik verantwoordelijk voor ongeveer de helft daarvan. Wat vreemd is, want ik ben niet op zoek naar een huis.
Dromen
Na een bouwmarathon van twee jaar wonen we nu in ons droomhuis. Ik roep vaak dat ik hier nooit meer weg hoef. En terwijl ik dat roep, heb ik Funda al geopend. Want zo’n boerderij met negen paardenstallen, twintig kilometer verderop, dat is toch geweldig? Allemaal een eigen paard en dan nog vijf boxen over voor eh… ja, waarvoor eigenlijk? Of die villa achter mijn ouders met 2000 m2 tuin. Of nee, dat huisje in het groen. Vanuit de tuin (met boomhut) struin je zo het bos in.
Lees verder onder de advertentie
En zo scrol ik wat af. Bij elk huis bedenk ik wat een heerlijke jeugd mijn kinderen daar zouden hebben. Neem die boerderij. Een eigen paard, ik smeekte er als kind om. Of dat huis bij mijn ouders: opa en oma op loopafstand. En in gedachten zie ik de kinderen al urenlang in die leuke boomhut klimmen.
Voor het gemak ben ik blind voor een paar feiten. Dat Nora doodsbenauwd is voor paarden. Dat die villa alleen betaalbaar is omdat hij in een krimpend polderdorp staat, op anderhalf uur van mijn werk. Dat dat boshuisje in een wijk staat met welgeteld nul kinderen. Dat de huizenprijzen te hoog zijn. Dat het zonde is om ons huis te koop te zetten. Dat ik de hypotheek niet wil verhogen, maar juist aflossen.
Hoe komt dat toch, dat eeuwige verder kijken? Is het omdat ik maar niet afkom van de hardnekkige gedachte dat ik het leven van mijn kinderen het allerleukst moet maken, op elke manier? We wonen in een nieuwbouwwijk waar je om de twee meter over een vriendje struikelt, waar de school drie minuten lopen is, waar de tuin groot genoeg is om te voetballen. Is dat dan niet genoeg jeugdgeluk? Is jeugdgeluk maakbaar? Als ik normaal nadenk, snap ik ook wel dat het zo niet werkt. Maar op Funda leef ik allemaal andere levens die er ook zo leuk uitzien.
Lees verder onder de advertentie
Ik heb mezelf nu verboden meer dan twee huizen per dag te bekijken, en alleen huizen waar het interieur niet onderdoet voor een bruin café. Bovendien moeten ze op vijftig kilometer van de bewoonde wereld liggen en achterstallig onderhoud vertonen. Het werkt. Sinds ik foto’s van verlaten dorpen, schimmelplekken en vervallen schuren bekijk, houd ik nog meer van wat we hebben. Ik hoef hier nooit meer weg, zei ik tegen Erik, en ik meende het. Bijna stond ik mezelf een blik op een boerderij met elf (elf!) stallen toe, maar ik scrolde net op tijd door.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
‘Daar praten we niet over waar de kinderen bij zijn.’ Geld was vroeger in veel gezinnen ongeveer net zo’n gezellig gespreksonderwerp als de belastingaangifte.
Je vraagt één keer of je kind z’n schoenen wil aantrekken, en vijf minuten later zit-ie nog steeds op de grond met één sok aan en een LEGO-poppetje in z’n hand. Herkenbaar, want jonge kinderen zijn nu eenmaal niet altijd kampioen luisteren. Gelukkig zijn er slimme manieren om ervoor te zorgen dat wat jij zegt […]