Rianne Arendsen (35) is onderwijskundige, docent kinderyoga, schrijver en o ja: moeder. Vooral moeder. In haar columns deelt ze haar observaties en bespiegelingen rondom het ouderschap – aanmodderen met de beste intenties. Volg Rianne ook op Substack.
Lees verder onder de advertentie
We zitten in de auto terug naar huis, na een zinderende zomermiddag in het park. We bezochten een marktje, lunchten op een terras en de meiden bevochten elkaar in een wieltjesbattle (step versus loopfiets). Er lijkt geen vuiltje aan de lucht. Tot op de terugweg een lumineus idee wordt geopperd: wie het langst zijn mond kan houden.
Lees verder onder de advertentie
De Peuter heeft de spelregels gemist, of beschikt over het werkgeheugen van een goudvis. Ze presteert het meermaals om binnen dertig seconden haar mond te openen voor een onsamenhangend relaas, een vraag – iets over eten – of een in minder dan dertig seconden gecomponeerd muziekstuk. Na een paar pogingen is haar zus het zat: ‘Nu alleen papa en mama! 3. 2. 1. Start!’ How little does she know.
De Echtgenoot en ik wisselen een blik. Op onze gezichten breekt een grijns door. Ik weet wat hij denkt. Hij weet wat ik denk. En wie ons een beetje kent, weet het ook. #koppig #fanatiek. Verliezen is geen optie.
Koppig en fanatiek: verliezen is geen optie
De oudste vindt het fantastisch en is hoorbaar onder de indruk. Maar na een minuut of vijf heeft ze er genoeg van. ‘Papa moet winnen!’ scandeert ze vanaf de achterbank. ‘Mama moet praten!’ Waarom alle pijlen ineens op mij gericht zijn begrijp ik niet precies, maar de Peuter sluit zich zonder vragen aan bij Kamp Papa. ‘Mama moet praten!’ Misschien hebben ze, niet geheel ten onrechte, hun hoop op mij gevestigd.
Lees verder onder de advertentie
Nog voordat we thuis zijn smeekt onze dochter ons of we als-je-blieft weer willen praten. De eerste doembeelden verschijnen. Hoe erg is het als je een tijdje niet tegen je partner praat? Of misschien vooral: tegen je kinderen? Zou gebarentaal iets oplossen? Want welk scenario ik ook laat passeren, één ding is zeker: opgeven is er geen van. En ik weet dat de Echtgenoot er hetzelfde over denkt.
Zo weet ik er ook nog wel één
Geruisloos ruimen we de boodschappen op. Terwijl de meiden zich op een ongestoord rollenspel storten, word ik in de bijkeuken klemgezet. De kieteldood die volgt is onvermijdelijk, maar ondanks de twee pakken amandelmelk in mijn handen houd ik me staande. Ik giechel, ons codewoord ligt op het puntje van mijn tong, maar ik slik het in. Nadat ik de kliko aan de weg heb gezet, blijk ik door de Echtgenoot te zijn buitengesloten. Als we het zo gaan spelen, weet ik er ook nog wel één.
Lees verder onder de advertentie
Ik stuur een berichtje naar een vriend van de Echtgenoot, die vanavond langskomt. ‘Wil je zo even bellen? Als hij opneemt, win ik een spelletje!’ Ik ben er vrij zeker van dat geen enkel weldenkend lid van zijn vriendengroep dit verzoek zal weigeren – tijdens hun spelletjesavonden zijn het zijn vrienden die geregeld het onderspit delven. Ondertussen gaan we aan tafel. De telefoon wordt niet opgenomen.
Schuldgevoel
Op voorhand voel ik me al schuldig over dit diner. Terwijl ik me afvraag hoe mijn man de kinderen eigenlijk aan tafel heeft gekregen, trekt onze oudste aan mijn schouder. ‘Ga je alsjeblieft normaal praten, mam?’ De Echtgenoot steekt zijn telefoon over tafel. Zelfs die regel wordt geschonden voor dit potje pokerface. ‘Gelijkspel?’ heeft hij getypt. Er volgt een schriftelijk overleg boven de saladeschaal. Ik schrijf dat ik hem niet vertrouw. ‘Terecht’, krijg ik terug. Onze dochters volgen de heen en weer pendelende telefoon, zich berustend in de afloop.
Lees verder onder de advertentie
Op zijn vingers telt de Echtgenoot af: 3. 2. 1. ‘Hallo’, zegt hij. Op de tweede tel echo ik mee: ‘Hallo.’ Onze dochters stralen. In mijn borst komt ruimte voor opluchting. Ons huwelijk heeft de test overleefd. En het wordt nog beter, want onze vijfjarige scheidsrechter doorbreekt de stilte. ‘Papa was net iets eerder, dus mama heeft gewonnen.’
Dat een bevalling zich niet laat plannen, blijkt wel uit het bevallingsverhaal van Romee Abrahams. Terwijl op het erf het grote verjaardagsfeest van haar vader in volle gang was, dienden de weeën voor haar tweede zoon Alfie zich aan.
Anouk is trotse echtgenote van Erwin en mama van vier meiden: Aurélie (12), Emeline (10), Vieve (8) en Lilou (5). In hun levendige huishouden is het soms één en al chaos, maar liefde, gelach en spontane dansfeestjes voeren steevast de boventoon. Anouk deelt vol enthousiasme haar avonturen in het ouderschap.
De juffen op school noemen Pilar ‘tante’, terwijl ze heus wel weten hoe het zit: voor Laura en Daniël is ze hun vrouw, en als een tweede moeder voor hun dochters Rosa (9) en Carmen (7). “We zijn gewoon een gezin.”
Tijdens de nieuwjaarsnacht van 2000 op 2001 brak er brand uit in café De Hemel in Volendam. Melanie Klene (40) overleefde de ramp, maar liep ernstige brandwonden op. Inmiddels is ze moeder van twee zoons (11 en 8). De gebeurtenis is verweven in haar gezin en heeft haar gevormd tot wie ze nu is.
Melissa Ramakers Quekel (29) leeft met een zeldzame stofwisselingsziekte en kampt met complexe gezondheidsproblemen. Ze is afhankelijk van sondevoeding en draagt een glucose-sensor. Ondertussen zet ze alles op alles om er voor haar dochters Lotte (2,5) en Elise (1) te zijn.
Floor is al 25 jaar juf op een basisschool en moeder van Lotje (17) en Abel (19). Ze heeft een relatie met Roderik en is bonusmoeder van Kiki (10) en Feline (13). Op haar werk heeft ze te maken met 28 kleuters en 56 ouders. Maar wie is ze nou eigenlijk wat aan het leren? […]