Zoon van familie Verleg uit Een Huis Vol opgenomen in het ziekenhuis
De familie Verleg, bekend van Een Huis Vol Emigreert, verruilde Nederland voor een nieuw leven in Spanje en leek daar helemaal op hun plek.
Beeld: Eigen beeld
Laurie (38) is orthopedagoog, opvoeddeskundige en moeder van zoons Dex (7) en Otis (3). Sinds vorig jaar woont ze met haar gezin in Kaapstad. In haar column schrijft Laurie over haar ervaringen van het emigreren met twee jonge kinderen, het leven in Zuid-Afrika en de hoogtepunten en worstelingen van het ouderschap.
“Waarom heb je nou een trui aan? Het is toch altijd warm in Afrika?” Mijn vriendin, eentje die ik niet zo heel frequent spreek, kijkt me verbaasd aan via het scherm. Zal ik nog even uitleggen dat Zuid-Afrika een land is en je dus niet over het continent Afrika kunt spreken als een plek waar het ‘altijd warm’ is? Dat je het klimaat van Egypte onmogelijk kunt vergelijken met het weer in Botswana? Ik laat het maar even zitten. Achter haar zie ik terrasstoelen, zonnebrillen en een Aperol Spritz. In Nederland is het hoogzomer. Hier in Kaapstad is het augustus, en dus gewoon winter.
Winter zonder sneeuw en ijspret, maar wel met koude nachten, regen die soms dagen aanhoudt, en ochtenden waarop je je afvraagt of je ooit nog zonder pantoffels door het huis loopt. Toch lijkt dat besef mijn oudste zoon volledig te ontgaan. Hij verschijnt het liefst dagelijks in korte broek, alsof hij auditie doet voor een zomercatalogus. “Maar mam, het is toch augustus? Dan is het zomer.” Hij vergeet soms dat augustus het januari van Zuid-Afrika is. Dat het hier juist betekent dat het erg donker is, dat je verkouden wordt, dat er snot uit alle kieren en gaten loopt en dat je jongste kind ’s nachts naast je bed staat met een blafhoest die klinkt alsof er een zeehond in de kamer is verdwaald.
De summier meegebrachte wintercollectie uit Nederland bleek voor het tweede jaar wederom onvoldoende. Ik bedacht me dat ik me dat vorig jaar ook al realiseerde, maar dat dit blijkbaar onvoldoende aanzet had gegeven om tot actie over te gaan. Iets met ontkenning, vermoed ik. Afgelopen week gooide ik dus toch maar eens vier maten pantoffels in m’n boodschappenmandje. Met koude voeten ben je nergens. Ondertussen scrolde ik door foto’s van vrienden in Nederland die met opgestroopte mouwen en broekspijpen aan een witbiertje zaten. Jaloezie en afgunst zijn niet de mooiste karaktertrekken van een mens, maar ik zal er maar eerlijk over zijn: die komen dan toch naar boven.
Ook het schooluniform van mijn zoon is niet afgestemd op koude en natte dagen. Voor de winteroutfit zijn ‘comfortabel en zacht’ niet de eigenschappen waardoor de uniformmakers zich lieten inspireren. Geen lekkere coltrui, dikke sokken, een hoodie of donzig jack. Nee, een grijze pantalon van harde stof met een wit soort blouse dat in Nederland alleen tijdens een bruiloft uit de kast komt. Een eigen jas aan mag eigenlijk ook niet. Alles moet in de kleuren en branding van de school. Hier hebben wij op z’n Nederlands gezegd schijt aan. Wij Nederlanders fietsen naar school, daar heb je een geel regenjack bij nodig. Punt.
Toch zit er iets bijzonders in die Zuid-Afrikaanse winter. De dagen waarop het na vijf dagen grijze regen ineens strakblauw is en 25 graden wordt. Dat je ’s ochtends nog een sjaal draagt en ’s middags op blote voeten in de tuin zit. Dat je op een winterse zondag naar het strand kunt, niet om te zwemmen maar om walvissen te spotten. Tegelijkertijd voelt de winter hier zwaarder dan in Nederland. Hij duurt korter, ja, maar de huizen zijn niet verwarmd, nauwelijks geïsoleerd en voelen soms kouder vanbinnen dan buiten. En waar de je de deprimerende januari en februari maanden in Nederland doorkomt door de aanwezigheid en gezellige momenten met vrienden en familie, zijn die in de matige juli en augustusmaanden in Kaapstad wel ineens erg ver weg.
Dus ja, ik zit in augustus in een trui. Met een kop thee, terwijl het buiten giet. Mijn oudste in korte broek naast me, mijn jongste met een snotneus op schoot. En als straks de zon doorbreekt, trek ik mijn slippers aan en zet ik de deur open, en weet ik: de lente staat voor de deur.
Meer avonturen van Laurie in Zuid-Afrika lees je hier.