Kreeg je vroeger vooral aandacht als je iets fout deed? Dan herken je als volwassene misschien dít

aandacht vroeger Beeld: Canva

‘Kom eens even hier, we moeten praten.’ Alleen al bij die woorden kreeg je vroeger de kriebels. Want als je ouders je riepen, was dat meestal niet om te vragen hoe je dag was geweest. Nee, dan had je waarschijnlijk iets uitgespookt. En dat kan je, zelfs jaren later, nog behoorlijk in de weg zitten.

Lees verder onder de advertentie

Als kind wil je maar één ding: gezien worden door je ouders. Niet alleen als je een tien haalt, je kamer hebt opgeruimd of juist iets hebt gedaan wat absoluut niet door de beugel kan. Maar ook gewoon tussendoor. Als je thuiskomt van school, ergens mee zit of zin hebt om je verhaal te vertellen.

Ging het er bij jou thuis anders aan toe? En kreeg je vooral aandacht wanneer je iets verkeerd deed? Dan heb je misschien al jong geleerd dat gesprekken met je ouders meestal weinig goeds voorspelden.

En hoewel je inmiddels volwassen bent en misschien zelf kinderen hebt, kunnen die oude patronen nog steeds opspelen. Bijvoorbeeld in je relatie, op je werk of tijdens een doodnormaal gesprek met een vriendin. Deze zeven gewoontes komen je dan misschien bekend voor.

1. Je vindt het lastig om je kwetsbaar op te stellen

Even vertellen dat je ergens mee zit? Liever niet. Je houdt het wel bij een vrolijk ‘gaat prima’, ook als je vanbinnen het liefst een potje zou janken. Als je vroeger vooral kritiek kreeg wanneer je iets deelde of verkeerd deed, kan het behoorlijk spannend voelen om jezelf bloot te geven.

Want wat als iemand je veroordeelt? Of vindt dat je je aanstelt? Dus houd je je gevoelens liever voor jezelf. Wel zo veilig, denk je. Alleen maakt dat het voor anderen ook een stuk lastiger om écht dichtbij te komen.

2. Je probeert je fouten het liefst te verbergen

Een foutje gemaakt op je werk? Grote kans dat je meteen in de stress schiet. Niet omdat de wereld vergaat, maar omdat je ergens diep vanbinnen verwacht dat iemand ontzettend boos zal worden. Misschien was dat vroeger namelijk precies wat er gebeurde. Een omgevallen glas, een vergeten huiswerkopdracht of een onvoldoende op school: het kon zomaar uitlopen op een flinke preek.

Lees verder onder de advertentie

Geen wonder dat je hebt geleerd om fouten zo veel mogelijk te verbergen. Terwijl je inmiddels heus wel weet dat iedereen fouten maakt. Ja, zelfs die collega die alles altijd perfect voor elkaar lijkt te hebben.

3. Je stopt vervelende gevoelens liever weg

Boos? Verdrietig? Teleurgesteld? Ach, niet zo zeuren. Gewoon doorgaan. Herkenbaar? Als er vroeger weinig ruimte was voor jouw emoties, heb je misschien geleerd om ze vooral niet te laten zien. Dus slik je je tranen in, wuif je problemen weg en zeg je dat het allemaal wel meevalt. Ook als dat helemaal niet zo is.

Lees verder onder de advertentie

Het lastige is alleen dat gevoelens zich niet zomaar laten wegstoppen. Soms komen ze er alsnog uit. Bijvoorbeeld wanneer je compleet uit je slof schiet omdat iemand de vaatwasser wéér verkeerd heeft ingeruimd. En nee, dan gaat het waarschijnlijk niet alleen om die vaatwasser.

4. Je legt de lat voor jezelf belachelijk hoog

Een goede moeder zijn, een leuke partner, een fijne vriendin én ook nog eens lekker presteren op je werk. O ja, en het huis moet natuurlijk een beetje toonbaar blijven. Klinkt als een fulltimebaan boven op je andere fulltimebaan. Als je vroeger vooral aandacht kreeg wanneer je iets goed of fout deed, kun je het gevoel hebben ontwikkeld dat je liefde en waardering moet verdienen.

Lees verder onder de advertentie

Dus doe je nóg beter je best. En nóg een beetje meer. Want goed genoeg voelt zelden écht goed genoeg. Het resultaat? Je bent voortdurend aan het rennen en raakt ondertussen steeds verder uitgeput. Misschien mag die lat dus best een paar centimeter omlaag. Of gewoon een heel eind, dat kan ook.

5. Je schiet meteen in de verdediging

‘Waarom heb je dat zo gedaan?’ Een doodnormale vraag, zou je denken. Maar bij jou gaan meteen alle alarmbellen af. Voor je het weet, ben je een complete verdediging aan het optuigen. Met uitleg, argumenten en minstens drie redenen waarom het écht niet anders kon.

Als je vroeger vaak kritiek kreeg op je fouten, kan zelfs een onschuldige vraag voelen als een aanval. Je probeert jezelf alvast te beschermen tegen een boze reactie die misschien helemaal niet komt. Want je partner wil waarschijnlijk gewoon weten waarom de auto nog niet is getankt. Niet meteen een rechtszaak beginnen.

Lees verder onder de advertentie

6. Je hebt voortdurend het gevoel dat je jezelf moet bewijzen

Je bent pas leuk genoeg als je iets bereikt hebt. Pas een goede moeder als je alles onder controle hebt. En pas een waardevolle collega als je nooit een steek laat vallen. Vermoeiend? Nogal. Toch kan dat gevoel hardnekkig zijn wanneer je vroeger weinig aandacht kreeg voor wie je was, maar vooral voor wat je deed.

Lees verder onder de advertentie

Misschien vertel je daarom liever over je successen dan over de dingen die tegenzitten. Of zeg je automatisch ja als iemand je om een gunst vraagt, ook wanneer je agenda al uitpuilt. Want ergens ben je bang dat mensen je minder leuk vinden als je niet altijd je beste beentje voorzet. Terwijl de mensen die écht om je geven je ook heus waarderen als je een keer niets presteert. Zelfs als je de hele zondag in je joggingbroek op de bank ligt.

7. Je vindt het moeilijk om mensen écht te vertrouwen

Je partner zegt dat hij van je houdt. Je vriendin vraagt hoe het met je gaat. En je eerste gedachte is: ja, maar wat willen ze van me? Als aandacht vroeger vaak gepaard ging met kritiek of straf, kan het lastig zijn om te geloven dat iemand oprecht geïnteresseerd is. Zonder bijbedoelingen.

Misschien verwacht je onbewust dat er vroeg of laat toch iets misgaat. Dat iemand boos wordt, je afwijst of je teleurstelt. Dus houd je voor de zekerheid een beetje afstand. Want als je niemand helemaal binnenlaat, kan niemand je ook écht raken. Alleen loop je daardoor misschien ook een hoop mooie dingen mis.

Lees verder onder de advertentie

Gelukkig hoeft het niet zo te blijven

Herken je jezelf in een paar van deze gewoontes? Dan betekent dat niet automatisch dat je ouders alles verkeerd hebben gedaan. Of dat jij voor altijd vastzit aan de patronen van vroeger. Hoe je bent opgegroeid, kan invloed hebben op hoe je nu met emoties, fouten en relaties omgaat. Maar dat betekent niet dat je daar niets meer aan kunt veranderen.

Lees verder onder de advertentie

Sterker nog: herkennen waarom je op een bepaalde manier reageert, kan al een belangrijke eerste stap zijn. En misschien is dat ook wel iets moois om mee te nemen in de opvoeding van je eigen kinderen. Dat ze weten dat ze bij je terechtkunnen als er iets misgaat, maar óók als er helemaal niets aan de hand is.

Gewoon omdat je wilt horen hoe hun dag was. Omdat je nieuwsgierig bent naar hun verhalen. Of omdat je ze even een dikke knuffel wilt geven. Want aandacht en liefde hoeven kinderen niet te verdienen. Die mogen er gewoon zijn.

Je kind leert omgaan met emoties door hoe jij reageert: dit maakt een groter verschil dan je denkt. Je leest het hier.

Bron: Your Tango

Voeg ons toe als voorkeursbron
Facebook Twitter Whatsapp E-mail