Hoe Marit de Wit (36) ontdekte dat pierenbadjes, bibliotheken en kinderboerderijen een walhalla zijn voor lonkende vaders en moeders. “Gaat die zandbakvader bijna op mijn school zitten.”

De speeltuin als terrein voor flirtende vaders en moeders. Ik moest even wennen aan het idee. Ik ben van nature geen uitbundige flirt en bovendien was ik als kersverse moeder – alweer vijf jaar terug – tijdens die eerste slopende periode met van alles bezig (speentjes uitkoken, kolven, voeden, wasjes draaien, luiers verschonen), maar níet met de vraag of ik er nog een beetje patent bijliep voor het mannelijk geslacht. Ik leefde in een wereld van sprongetjes, krampjes en huiltjes en voelde mezelf dankzij de doorwaakte nachten en op hol geslagen hormonen allesbehalve een yummy mummy. Mijn enige wekelijkse uitje betrof de Hema. Flirten? Met wie dan? Waar? En waarom eigenlijk? De buit (mijn man) was zogezegd binnen, onze baby vormde de bekroning.

Onbesuisde vader

Het duurde even, maar na een jaar was de mist opgetrokken en paste ik met enig duw- en trekwerk weer in mijn favoriete skinny. Op een doordeweekse middag maakte ik met dreumes mijn entree bij de zandbak in het park. Een groepje Aziatische au pairs picknickte met blonde oppaspeuters op het gras, twee bakfietsmoeders kletsten wat op een bankje en even verderop duwde een vader nogal onbesuisd zijn schommelende zoontje heen en weer. Ik plantte mijn kind in het zand, kieperde het tasje met schepjes en vormpjes om en ging zelf aan de rand zitten. Zonnebril op, ogen dicht, genieten van de zon. Opeens hoorde ik een mannenstem: “Zo, die laat zich de kaas niet van het brood eten hè? Pittig dochtertje heb je.” Vanachter mijn donkere glazen opende ik een oog. Het was de onbesuisde vader die ongeveer twee meter naast me was komen zitten. Zijn zoontje probeerde mijn dochters schep te confisqueren. Zonder succes. Ik mompelde wat, niet in de stemming voor een oppervlakkig gesprek, en richtte mijn gezicht weer naar de zon. Maar daar had de man geen boodschap aan. Naar welke crèche ging mijn dochter? Had ik al een school op het oog? Vond ik de Teletubbies ook zo irritant? In eerste instantie gaf ik kort antwoord, maar al snel vond ik ons gesprek best amusant. Totdat ik plots merkte dat hij bijna op mijn schoot zat. Goed, dat is wat overdreven, maar ongemerkt was hij steeds een stukje dichterbij geschoven.Op de terugweg vroeg ik mezelf af waarom die vader mij zo’n ongemakkelijk gevoel bezorgde. Misschien wilde hij niet meer dan een aardig gesprek voeren? En stel dat-ie wél flirtte – wat dan nog?

Smeuïge anekdotes

Als ik tijdens een babyshower met allemaal leuke moeders aan tafel zit en het onderwerp flirten bij de zandbak in de groep gooi, vliegen er onmiddellijk smeuïge anekdotes over tafel. M. (38), noemt de bibliotheek als sjansterrein. “Vrijdag lijkt wel papadag, dan lopen er opvallend veel leuke vaders zomaar in het wild te snuffelen tussen de boeken.” Onlangs sprak een van hen haar aan, uitgerekend op een dag waarop ze zich allesbehalve aantrekkelijk voelde (“Ongesteld, chagrijnig, pukkels – je kent het wel”). Hij vroeg of ze nog een boekentip had voor zijn zesjarige dochter. M.: “Ik raadde Pluk van de Petteflet aan, vond ik vroeger altijd een geweldig boek. Voor we het wisten stonden we een dik kwartier te kletsen over onze favoriete jeugdboeken. Ondertussen bewonderde ik de kuiltjes in zijn wangen.” Nog net niet huppelend verliet ze de bieb en kon nog dagen teren op zijn oprechte aandacht.

Het hele verhaal staat in Kek Mama 07-2015.

scheiden of blijven

Je hebt het eindeloos geprobeerd. Alle voors en tegens afgewogen, tientallen keren gepraat met elkaar, en misschien zelfs wel relatietherapie gevolgd. Als de onrust en onvrede in je relatie aanhouden, wat doe je dan? Scheiden of blijven?
 

Nollie (39), moeder van twee zonen (8 en 4) en een dochter (6), trok het niet meer, de eeuwige strijd met haar man Evert (43). Begin dit jaar vroeg ze de scheiding aan. “Ons eerste gesprek ooit was een woordenwisseling. Een verbale krachtmeting. Tijdens een teamleidersvergadering op kantoor, liep ik - amper zevenentwintig jaar - de vergaderruimte binnen en zag hem in één oogopslag zitten, de nieuweling: Evert. Het zoveelste grijze pak tussen de eindeloze andere grijze pakken binnen ons bedrijf, maar met één groot verschil: hij keek me aan met zo'n zelfingenomen, brutale blik, dat ik wist dat we aan elkaar gewaagd waren.
Ik vergiste me in wat cijfers, tijdens die vergadering. Hij zette me met een gevatte opmerking op mijn plek, ik gaf een grote mond terug. 'Aangenaam', zei hij een paar uur later bij de koffieautomaat, 'volgens mij zijn wij nog niet uitgepraat.' Die middag zaten we samen op de vrijdagmiddagborrel van het werk, dezelfde nacht nog bleef ik slapen. We zijn nooit meer uit elkaar gegaan.
 

Krachtmeting

Die eerste ontmoeting zette de toon voor hoe we met elkaar omgingen. De liefde tussen Evert en mij was groot; we klikten op alle fronten en we genoten van elkaar. Er was alleen één maar: onder al die positiviteit, bleef die continue krachtmeting gaande. Had ik een zware dag gehad op werk, dan was de zijne zwaarder. Ontdekte hij een leuk, nieuw restaurant, dan kende ik iets nog veel hippers. De grootste grapjas op een feestje: we streden zonder woorden om de eer. Wie de leukste ouder was wanneer de kinderen vriendjes mee naar huis namen. Wie het meest gereisd had. Het best zijn talen sprak. Het was dodelijk vermoeiend.
Het houdt je scherp, zo'n relatie. En we zorgden óók goed voor elkaar. Wanneer één van ons ziek was. Of gestrest. Of gewoon even tijd voor zichzelf nodig had, in een pittige fase met de kinderen. Toch kon geen van ons ooit echt klein zijn bij de ander, en zich echt laten troosten. Voor ons allebei gold dat als een teken van zwakte, en dus verlies.
 

Praktische aanpak

De ergernis daarover ontstond toen onze oudste zoon gepest werd op de basisschool. Lerarengesprekken en conclaven met de schooldirectie, Evert en ik deden ze fantastisch samen. We voerden allebei het hoogste woord, waren doortastend en onvermurwbaar. Samen regelden wij het wel even, dachten we. Wat klopte, want het pesten stopte. Maar delen hoe ik 's nachts wakker lag van de zorgen, hoe mijn hart brak als mijn zoon weer eens in tranen thuiskwam en ik zachtjes mee huilde: ho maar. Andersom raakte het Evert natuurlijk net zo hard, maar ook hij hield zijn diepste gevoelens voor zichzelf. We vonden elkaar in de praktische aanpak, en dreven op emotioneel vlak steeds verder uit elkaar. Eenzaam in je eigen relatie; dat gevoel gun je niemand.
Ik merkte het niet eens, in eerste instantie. Tot ik Ewoud tegenkwam, een vriend van vrienden. We raakten aan de praat op een tuinfeestje, en voor ik het wist vertelde ik hem alles wat in me omging. Mijn angsten, mijn onzekerheden. De zorgen die ik had over mijn zoon en hoe ik dat niet echt kon delen met Evert. Ewoud liet me praten. Had geen pasklare oplossingen of gevatte opmerkingen paraat, maar voelde gewoon met me mee. En dat was precies wat ik nodig had.
 

Softe toer

Ik vertelde Evert over mijn gesprekken met Ewoud. En over hoe erg ik die emotionele band tussen ons miste. Het eerste gesprek deed hij al af met een 'Zo, gaan we op de softe toer, meisje?'. 'Dit bedoel ik dus', reageerde ik. Overdreven, vond hij. Koud en ongeïnteresseerd als hij dat echt meende, vond ik. Weer kwamen we tegenover elkaar te staan. Vochten we voor ons gelijk. Terwijl het enige wat we echt hoefden te doen, namelijk simpelweg naar elkaar luisteren zonder strijd, niet bedachten.

Wat me ooit het meest in hem aantrok, werd ons breekpunt. Zelfs toen we onze problemen bespraken met een bevriende psycholoog, probeerden we allebei nog ons verhaal zoveel mogelijk vol levenswijsheid en inzichten te vertellen. Wát een schertsvertoning.


Lees ook:
'We namen meer genoegen met elkaar dan dat we voor elkaar kozen' >

 

Twee kapiteins

Dit was gewoon wie we waren, realiseerde ik me. En niet alleen ik, Evert deelde mijn inzicht. Twee kapiteins op één schip, dat werkt gewoon niet. Misschien was het best te leren, om af en toe een stap opzij te doen en de ander gewoon te horen. Zonder meteen weer met oplossingen en wijsheden te komen. Maar de jarenlange strijd had ook iets gedaan met ons gevoel voor elkaar. Evert en ik hielden van elkaar als de vader en moeder van onze kinderen, maar de liefde voor elkaar als partners, was aan alle strijd ten onder gegaan. Zelfs de seks was al tijden dood, want hoe kun je nou echt vrijen, als je altijd maar bezig bent met scoren?
Begin dit jaar vroegen we gezamenlijk de scheiding aan. Binnen drie maanden waren we eruit, oplossingsgericht als we altijd zijn. We hebben het beklonken met een gezinsetentje. Sindsdien - ik woon de helft van de tijd met de kinderen in ons huis, Evert in een appartement even verderop - is onze relatie stukken beter. Zie ik ook weer zijn leuke kanten, en lachen we weer. Ik hoef niet meer van hem te winnen en hij niet van mij, en samen doen we ons best het zo fijn mogelijk te houden voor de kinderen. Hebben we uiteindelijk toch nog allemáál gewonnen."

Scheiden of blijven? Lees hier de tips van psycholoog Sandra van Scheijndel.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

 

man komt te snel klaar
Beeld: Pexels

De man van Annelize (39) bereikt tijdens het vrijen binnen tien seconden een orgasme. ‘Begin ik net een beetje op te warmen, is ‘ie alweer klaar.’ Seksuoloog Mandy Ronda geeft tips.

Een jaar na haar scheiding kwam Annelize, moeder van twee kinderen (8 en 6), de man van haar dromen tegen. Hij had alleen één probleempje, ontdekte ze meteen tijdens de eerste date. “We waren uit eten geweest en namen nog een afzakkertje bij mij thuis. Binnen de kortste keren lagen we te zoenen op de bank. Na een minuut of wat deinsde hij geschrokken terug. ‘Sorry’, zei hij, een beetje beschaamd. Ik begreep niet wat hij bedoelde, tot hij wat ongemakkelijk naar zijn kruis greep: hij was klaargekomen in zijn boxershort.

Wat schattig, dacht ik, hij raakt zo opgewonden van me, dat hij het niet aankan. Maar inmiddels zijn we getrouwd en drie jaar verder, en de seks heeft nog nooit langer geduurd dat twee minuten. Zodra hij me penetreert, is hij binnen tien seconden klaar. Precies wanneer ik net een beetje begin op te warmen.”
 

Zelf kan ‘ie het wel

“Hij heeft het al zijn hele leven, zegt hij, en weet niet beter. Alleen met masturberen gaat het minder snel. Tenzij ik het doe natuurlijk, want dan is het zo gepiept. We hebben weleens een verdovende crème geprobeerd, maar die werkte niet. Alleen het opsmeren bracht hem al bijna tot een hoogtepunt. Ik ben wél anders gewend, en stoor me inmiddels zo aan zijn probleem, dat ik langzamerhand begin te verlangen naar seks met een andere man. Wanneer we er weer eens over hebben gepraat, stelt hij zijn routine meestal wel even bij. Neemt meer de tijd voor mij, masseert me, en verwent me met zijn vingers of tong. Zodat ik ook geniet, voordat hij zijn tien seconden lol heeft. Maar na een week komt daar meestal de klad weer in, en bestaat de seks alleen nog maar uit vluggertjes.”
 

Aandoening

Het goede nieuws: er valt wat aan te doen, zegt seksuoloog Mandy Ronda. “Oók als een verdovende crème niet werkt. Dat is bovendien alleen maar symptoombestrijding, evenals de antidepressiva die de huisarts nog weleens voorschrijft bij dit probleem - terwijl er waarschijnlijk een heel ander probleem achter ligt.” Veel mannen denken dat ze te snel klaarkomen, maar slechts een heel klein percentage lijdt zoals de man van Annelize daadwerkelijk aan premature ejaculatie, zegt ze. “Dat is een aandoening, waarbij een man altijd tussen de nul en honderdtwintig seconden tot een orgasme komt, en het point of no return niet voelt aankomen.”

 

Lees ook:
‘Ik heb gewoon écht geen zin in seks’ >

 

Trucjes

Mandy begeleidt stellen én single mannen die hiermee te maken hebben. “Vaak blijkt dat spanning, faalangst en prestatiedruk de boosdoeners zijn”, zegt ze. “En heel soms is er sprake van een overgevoelige eikel, door een tekort aan de neurotransmitter serotonine bij depressie, of door een overschot aan adrenaline door stress.”

Neem het serieus, praat erover, en zoek hulp bij een seksuoloog, is haar advies. “Het is geen diagnose waar je zomaar vanaf komt, maar er zijn wel een paar trucjes om ermee om te gaan. Wissel wat vaker van standje, bijvoorbeeld. En als hij dan nog steeds te snel klaarkomt, kan hij tijdens het masturberen  - dus zonder prestatiedruk van zijn partner - proberen het klaarkomen zo lang mogelijk uit te stellen. Dat kan met behulp van ademhalingstechnieken en bekkenbodemtraining. Zo leert hij in contact te komen met zijn lichaam en te herkennen wanneer het point of no return zich aandient.”

Erkennen dat je dit probleem hebt is spannend, dus hulp zoeken is dapper, vindt Mandy. “Het is alleen maar hoe je het bekijkt: zie het niet als hulp zoeken voor een probleem, maar als skills halen om een betere minnaar te worden.” En daar wordt toch iedereen gelukkig van?
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >