samenwonen nieuwe liefde wel niet
Beeld: Shutterstock

Rebecca’s lover bleef na de eerste nacht, Noëlle crost het land door tussen twee huizen en Chin had zich het samengestelde gezin een stuk rooskleuriger voorgesteld.

Sabina (36), moeder van Lola (10) en Vic (8): “Hij hobbelde sinds zijn scheiding een beetje van logeerkamer naar logeerbank, ik had een hele verdieping over. Ik kende Manfred nog van vroeger, dus toen hij drie maanden na onze eerste kus opnieuw op straat stond, leek het logisch dat ik hem mijn huis aanbood.

More content below the advertising

De kinderen vonden het fantastisch, een jaar na de scheiding eindelijk weer een man in huis – en incidenteel een stiefbroer van veertien. Mijn omgeving dacht daar anders over. Mijn ex-schoonfamilie verbrak het contact, mijn broers achtten hem niet welkom bij familieaangelegenheden. Hoe haalde ik het in mijn hoofd zo snel een man in ons leven te laten?

Ze hadden een punt, want een jaar later was hij weer gevlogen. Toch zou ik het zo weer doen: mensen in nood moet je helpen. Voor mijn kinderen was hij niet meer dan een gezellige logé, die toevallig bij hun moeder in bed sliep. Mijn schoonfamilie heb ik overigens ook toen ik weer alleen woonde nooit meer gesproken.”
 

'Anderhalf jaar hield ik haar verborgen'

Javier (42), vader van Kiki (8) en Lennard (7): “Twee jaar na mijn scheiding had ik mijn kinderen al twee keer voorgesteld aan een nieuwe partner. Kinderen bij elkaar gezet, samen op vakantie geweest. Twee keer moesten mijn kinderen weer afscheid nemen. Van hun stiefmoeder, maar ook van hun stiefbroertjes en -zusjes. Dat moest duidelijk anders.

Toen ik Debby tegenkwam, sprak ik één ding met haar af: het eerste jaar betrekken we niemand bij onze relatie, hoe verliefd we ook zijn. Mijn familie nam mijn verliefdheden al niet serieus meer, mijn kinderen wilde ik al helemaal niet het voorbeeld geven dat dit de manier is om je liefdesleven vorm te geven.

Anderhalf jaar hield ik haar verborgen, en zag ik ook haar kinderen van zes en vier niet, net zomin als haar familie. Niet altijd even makkelijk, want verjaardagen en kerst vieren zonder degene van wie je houdt, is niet leuk. Bovendien was Debby na een maand of negen wel klaar voor een volgende stap. Dat ik meer tijd nodig had om zeker te zijn, maakte haar soms onzeker.

Toen we na anderhalf jaar echt nooit meer zonder elkaar wilden, lichtten we onze kinderen in én gingen we op huizenjacht. Tegen de tijd dat we verhuisden, een halfjaar later, waren onze kinderen aan de nieuwe situatie gewend. Dat is nu een halfjaar geleden. Natuurlijk knettert het weleens. Willen mijn kinderen me gewoon eens voor zichzelf of worden haar kinderen gek van de mijne. Dan doen we individueel iets met ons eigen kroost, en is het ’s avonds weer pais en vree.

Ik ben trouwens blij dat wij zelf in de twee jaar voor ons samenwonen óók eerst hebben leren omgaan met elkaars onhebbelijkheden: het servies moest toen toch nog vervangen worden.”
 

'Hij is nooit meer weggegaan'

Rebecca (35), moeder van Otis (7) en Phileine (5): “‘Mijn kinderen krijgen pas een nieuwe man te zien als ik zeker weet dat-ie voor altijd is’, riep ik toen ik net drie maanden gescheiden was. Twee weken later kwam ik Marlon tegen op een festival. We brachten de rest van de dag samen door, en die avond – mijn kinderen waren het hele weekend bij hun vader – bleef hij slapen.

Hij is nooit meer weggegaan. Toen de kinderen op maandag uit school kwamen, vertelde ik ze dat ik een man had ontmoet, en of ze het gezellig vonden als hij kwam eten. Dat pakte zo goed uit, dat mijn kinderen hem die avond zelf vroegen of hij ook bleef slapen. Marlon heeft zelf geen kinderen, dus één plus één was twee. Drie maanden later zegde hij zijn huur op en vorig jaar, iets meer dan een jaar na onze ontmoeting, zijn we getrouwd. Ik ben mijn partneralimentatie kwijt, maar een liefde voor het leven rijker.”
 

'We willen nooit meer anders'

Remco (40), vader van Tim (10), Lars (7) en Fedde (6): “Ik heb een kast van een huis, waar mijn kinderen maar twintig procent van de tijd wonen. Stéphanie en haar toen vierjarige zoon woonden in een peperduur, piepklein appartementje.

Toen we vier maanden na onze ontmoeting op een datingsite de kinderen aan elkaar voorstelden, brachten we al snel geen dag meer door zonder elkaar. Haar ex is uit beeld, ze kon gaan en staan waar ze wilde. Dus woonden we na zes maanden samen.

Dat is nu twee jaar geleden en we willen nooit meer anders. Al is het heftig, met vier opgroeiende jongens onder één dak. Voor dat ene weekend in de twee weken hebben we speciaal de garage verbouwd tot gamehok, nu horen we ze hele dagen niet.”
 

Samenleven in twee woningen

Noëlle (40), moeder van Joaquin (11) en Lily (8): “Ik was zes jaar happy single, tot ik vorig jaar op vakantie Ludo tegenkwam. Hij woont tachtig kilometer verderop, met een co-ouderschap voor zijn dochter. We brengen onze vrije weekends zo veel mogelijk met elkaar door. Toch hebben we mijn kinderen en zijn dochter nog geen weekend bij elkaar gezet.

Op traditionele wijze samenwonen is de komende tien jaar al helemaal geen optie: geen van ons wil de kinderen weghalen uit hun vertrouwde omgeving. En dan spelen de exen natuurlijk ook nog een belangrijke rol.

Dus hebben we nu een fijne tussenoplossing bedacht: met z’n tweeën richten we onze huizen helemaal opnieuw in, met ruimte voor alle kinderen, in onze gezamenlijke smaak. Leven we gewoon zo veel mogelijk samen in twee woningen. Tegen de tijd dat de verbouwingen klaar zijn, zijn we zeker een jaar verder en kunnen onze kinderen er met zijn allen van genieten – wel met duidelijke en gezamenlijk opgestelde leefregels. Dat lijkt ons vroeg genoeg voor deze alternatieve samenwoonconstructie.”
 

Lees ook
14 Gouden regels voor samengestelde gezinnen >
 

Lak aan opgetrokken wenkbrauwen

Marlies (38), moeder van Noa (9) en Pierre (7): “Bestaat die, een geschikte termijn om te gaan samenwonen? Ik denk dat jaren daten niet meer garantie biedt op succes dan weken.

Dat Joost en ik samen verder wilden, wisten we al tijdens onze huwelijken. De inkt op onze scheidingsaktes was nauwelijks droog toen we het koopcontract voor ons nieuwe huis tekenden. Alles verliep naadloos. Zijn zoon en dochter waren opgegroeid met de mijne; Joost en zijn ex waren al jaren goede vrienden van mijn ex en mij. Feitelijk voelden onze kinderen al als broers en zussen voor elkaar.

Natuurlijk werd hier en daar wel een wenkbrauw opgetrokken, dat Joost en ik direct na onze huwelijken samen verder gingen. Het kostte ons heel wat vriendschappen én de goeie band met onze exen. Maar de kinderen waren meteen gelukkig en zijn dat tot op de dag van vandaag – vier jaar later – nog steeds. Wij ook: we werken hard aan een kind van ons samen.”
 

'O, ben je wéér verliefd?'

Willeke (39), moeder van Branco (12) en Elfi (7): “Mijn familie en vrienden verklaren me voor gek dat ik mijn huur over vier maanden stopzet om te gaan samenwonen. Jochem is mijn vierde relatie sinds mijn scheiding, vijf jaar geleden. We kennen elkaar nu acht maanden. Met mijn tweede vriend woonde ik ook al een jaar samen, maar in mijn huis. Hij had een volwassen zoon, dus van een samengesteld gezin was geen sprake.

‘O, ben je wéér verliefd?’ zei mijn moeder toen ik haar vertelde over Jochem. Dat ik mijn kinderen blootstel aan opnieuw een nieuwe man vindt zij belachelijk. Ik zie dat niet zo. Ik vind dat de kinderen best mogen leren dat het oké is als liefde soms mislukt. Dat je er een punt achter mag zetten als je niet echt gelukkig bent. Ik ben mijn geloof in de liefde ondanks alle tegenslagen nooit verloren. Dat lijkt me waardevoller dan een moeder die verzuurd eeuwig single blijft.

Jochem en ik hebben samen een nieuw huis gekocht, in een dorp tussen onze huidige woonplaatsen in. Tussen onze kinderen klikt het goed, de exen steunen ons; niets staat ons in de weg. Waarom zouden we nog langer wachten?”
 

De kinderen weten nog van niks

Noëmie (37), moeder van Bram (8) en Koerd (6): “‘Mam, neem gewoon een vriend’, zeggen mijn kinderen al tijden. Ze vinden het een naar idee dat ik alleen ben in de weekends dat zij bij hun vader zijn. ‘Ik vermaak me prima’, roep ik dan. ‘Ik heb de hond toch, en vriendinnen?’ Wat mijn kinderen niet weten, is dat ik die dagen al ruim een halfjaar doorbreng in het huis van Peter en zijn kinderen, drie kilometer verderop. Dat bevalt zo goed, dat we van plan zijn er officieel te gaan samenwonen. Binnenkort stel ik Peter voor aan mijn kinderen. Als het van alle kanten klikt, pakken we nog voor de zomer onze biezen.”
 

En nu is het elke dag ruzie in huis

Chin (38), moeder van Kim (7): “We hadden er eindeloos over nagedacht en waren al bijna een jaar zeker van onze liefde. Toen pas lichtten we onze kinderen in, drie in totaal. Het was toen drie jaar na mijn scheiding.

De kinderen bleken elkaar heel leuk te vinden. Maar vanaf de eerste dag in onze peperduur verbouwde woonboerderij, op nog geen twintig minuten bij onze oude huizen vandaan, vochten ze elkaar totaal onverwacht de tent uit. Mijn dochter trok het slecht, het leven met twee pittige puberjongens, en ik had het ook onderschat. Ik had niks te zeggen want ik was hun moeder niet, mijn ex weigerde opeens mijn dochter thuis te brengen want: te ver weg.

We wonen nu twee jaar bij elkaar. Elke dag staat in het teken van ruzies – inmiddels ook tussen mijn vriend en mij. Ik wilde dat we nooit waren gaan samenwonen, wat een desillusie. Gelukkig is zijn oudste bijna achttien en gaat binnenkort het huis uit, dat verandert vast de dynamiek in huis. Zijn jongste is pas veertien en nog zeker vier jaar thuis.”
 

'Zo houden we het nog jaren vol'

Minke (34), moeder van Sarah (5): “We lagen te zoenen op de bank. Lex en ik waren na onze Tinder-match, drie weken eerder, voor de tweede keer op date geweest. Dat deed ik niet vaak, daten. Mijn scheiding, drie jaar eerder, was niet mijn keuze geweest en het duurde lang voordat mijn gebroken hart geheeld was. Maar met Lex voelde het alsof we elkaar al jaren kenden.

Licht aangeschoten betaalde ik de oppas en bood Lex nog een afzakkertje aan. Mijn dochter leek in diepe slaap. Het was drie uur ’s nachts toen ik – mijn bloes half open – opeens een stemmetje naast me hoorde: ‘Mama, wie is die meneer?’ Ik schrok me rot: het was niet de bedoeling dat ze hem zou zien. Lex pakte het gelukkig heel goed op. Hij stond op alsof er niks gebeurd was, gaf mijn dochter een hand en stelde zich voor. ‘Blijf je logeren?’ vroeg ze. Ja, dat maakte nu ook niet meer uit.

De volgende ochtend ontbeten we samen, haalden we zijn dochters van acht en zes op voor een strandwandeling en zijn nooit meer uit elkaar gegaan. ‘Na twee dates lieten jullie de kinderen kennismaken?’ riepen mijn ouders en zussen ontsteld. Maar als het goed zit, zit het goed. Voor ons was het logisch.

Sindsdien wonen we samen in twee huizen, ruim een jaar. Onze omgangsregelingen zijn precies tegenovergesteld: wanneer Sarah bij mij is, slaapt Lex zonder kinderen bij ons. En wanneer hij zijn dochters heeft, ben ik in mijn eentje daar. De kinderen zijn dus zelden allemaal samen, en dat vind ik goed zo. Zo houden ze allemaal hun vertrouwde omgeving zonder verplichtingen met nieuwe zusjes, en wonen Lex en ik toch samen. Een duur geintje, met die dubbele woonlasten, maar zo houden we het nog jaren vol.”
 

Dit artikel staat in Kek Mama 03-2019.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >