Els en Do

Ik heb een raar probleem: mijn zoon van vier is geobsedeerd door zijn piemeltje. Hij haalt hem om de haverklap uit zijn broek om hem te vergelijken met de piemels van zijn broertje en vriendjes. Hij zwaait ermee aan tafel, bij oma, in de klas. Wat moet ik doen: verbieden of denken: het gaat vanzelf wel over.

Hier hebben meer jongetjes last van. Het is een aandoening die kan doorgaan tot ver in de volwassenheid (denk aan de president van de Verenigde Staten). De zoontjes van Kek Mama-columniste Roos Schlikker deden het ook: ze vergeleken de hele dag hun piemeltjes. Op een dag kreeg hun vader er genoeg van. Hij ritste zijn broek open, haalde zijn eigen exemplaar tevoorschijn en zei: ‘Dit is pas een grote piemel.’ De jongetjes bogen vol ontzag het hoofd. Sindsdien wordt in huize Schlikker niet meer over piemels gepraat.
 

More content below the advertising

Kamer

Zeg niet tegen uw zoon: ‘Je mag niet meer aan je piemeltje zitten.’ Dat leidt tot Freudiaanse complexen. Zeg: ‘Je hebt een prachtige penis maar ik hoef hem niet de hele dag te zien. Als je ermee wilt zwaaien doe je dat niet aan tafel, bij oma, in de klas of bij vriendjes. Daarvoor heeft een mens een kamer. Daar mag je er zoveel mee zwaaien als je wilt, maar val er anderen alsjeblieft niet mee lastig.’ Mocht uw zoon niet over een eigen kamer beschikken, dan bedenkt u een variant. De badkamer bijvoorbeeld, of zijn indianentent.
 

Regels

Waar het uiteindelijk om gaat is dat hij voelt dat u grenzen stelt. Hij mag niet met eten gooien, hij mag de hond niet slaan, hij mag niet de hele dag gamen, en hij mag in de huiskamer niet zijn piemeltje uit zijn broekje halen. Dat zijn nou eenmaal de regels, en het is uw taak hem die te leren, anders komt hij later nergens in het leven.
 

De opvoedtantes Els en Do beantwoorden opvoedvragen met een knipoog en stellen zichzelf voor: “Wij zijn geboren voordat de pil was uitgevonden, kwamen ter wereld zonder dat onze ouders daarom hadden gevraagd en werden te hooi en te gras opgevoed. Zelf kregen wij heel bewust kinderen en daarom voelen we tot op de dag van vandaag (ze zijn inmiddels 34, 22 en 20) de plicht hen permanent gelukkig te maken. We kennen dus twee opvoedingsstijlen van nabij, en blijven onverminderd op zoek naar de gulden middenweg.”

 

Ook een opvoedvraag? Mail ’m naar elsendo@kekmama.nl

 

Dit artikel staat in Kek Mama 06-2018.




 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >