oppas playdates
Beeld: Unsplash

Janna wil je best helpen als je plotseling opvang nodig hebt, maar laat zich niet gebruiken als oppas. “Daarvoor hebben we de bso uitgevonden.”

“Hé hallo, Emmy wil graag met je dochter spelen en gaat dus mee naar jou want ik wil die drukte niet in huis en je moet haar ook thuisbrengen want ik ga echt niet de hele wijk door om mijn kleinkind op te halen. Oké, doei.”

Na die woordenwaterval verlaat de oma van Emmy op haar dooie gemak het schoolplein. Het is niet de eerste keer dat ze een speelafspraak delegeert. Ik staar het mens sprakeloos na. Maar dan kijk ik naar die meisjes en vind ik het best. Kom maar met ons mee, Emmy. Dat ik je aan het eind van de middag thuis moet brengen, neem ik wel voor lief.
 

It takes a village to raise a child

Begrijp me goed, ik ben een fanatiek aanhanger van het principe it takes a village to raise a child. Zeg zelf: waar zouden we zijn zonder buurvrouwen en schoolpleinmoeders als we onverwacht opvang nodig hebben. Maar zo nu en dan bekruipt me het gevoel dat ik word ingezet als sluitpost van andermans belabberde planning.

Op een avond appte een schoonpleinvader me met de vraag of ik het leuk vond zijn dochter Mara de volgende dag uit de bso te halen. Het stond er echt letterlijk. Of ik het leuk vond. Hij kon haar tegen acht uur ’s avonds bij mij ophalen. Ik begon aan een lange app om hem uit te leggen waarom ik het niet zag zitten zijn kind te halen. Dat die van mij op een andere opvang zitten en dat ik bovendien die avond een afspraak had.

Hoofdschuddend wiste ik mijn hele relaas – hij gaf mij nul uitleg waarom hij mijn hulp nodig had, waarom zou ík verantwoording afleggen? Ik tikte terug: ‘Jammer joh, het komt niet uit.’
 

'Oké top, ik zit in het buitenland'

De betreffende schoolpleinvader is vrij hardleers. Een paar weken later vroeg hij of mijn oudste woensdagmiddag met Mara kon spelen. Bij hem, appte hij expliciet. Hij is gescheiden, zijn ex en hij hebben co-ouderschap. ‘Gezellig’, schreef ik terug. ‘Ik zie je morgen op het schoolplein en dan regelen we het wel.’

Nog geen uur later volgde een appje waarvan mijn nekharen acuut overeind gingen staan: ‘Oké top, ik zit in het buitenland en hoop dat ik morgen op tijd terug ben.’ Ik voelde de bui al hangen. En jawel hoor, de volgende ochtend kreeg ik het verzoek zijn dochter om twaalf uur mee naar huis te nemen. Zijn vliegtuig was zogenaamd vertraagd. ’s Avonds om kwart over zes stond hij eindelijk bij mij op de stoep.
 

Lees ook
51 dingen die je denkt wanneer vriendjes komen spelen >

 

'Ze zijn er altijd, elke dag'

Ik ben niet de enige moeder die dit soort idiote dingen meemaakt. Laura, een goede vriendin van me, is een paar maanden geleden verhuisd naar een andere stad. Haar dochters kunnen het prima vinden met de kinderen van de buren. Op een dag was ik op bezoek. Ik wip wel vaker langs omdat ik vlakbij werk. Ik zei dat het me opviel dat de buurkinderen wel heel vaak over de vloer kwamen. Laura zuchtte diep: “Klopt, ze zijn er altijd, elke dag. Ook in het weekend. Ik laat het maar, want ze spelen zo leuk samen. We wonen hier net, dus ik wil niet moeilijk doen.”

Vorig weekend stonden ze op zondagochtend om half tien al op de stoep. Bij mijn vriendin liep iedereen nog in pyjama te lummelen. Dat was de eerste keer dat ze hen niet binnenliet. Twee uur later stond het span er weer. Toen Laura voorstelde dat haar kinderen een keer bij de buren zouden spelen, dropen ze af. Laura’s kinderen zijn nooit verder gekomen dan de voordeur van de buren. Die mensen hebben altijd wel een smoes: ze moeten nog eten, papa is moe of de hond is te wild. Met andere woorden: ze hebben gewoon geen zin in kindergedoe.

De buren van mijn vriendin Claudia zijn nog maar net gescheiden. Sinds kort wonen Jorrit en Marieke om en om een week in het huis, met de kinderen. Claudia weet precies wanneer de beurt aan Jorrit is. Dan belt hij op zaterdagochtend steevast met de mededeling dat Joep zo’n zin heeft met de buurjongens te spelen. Onzin, hij wil gewoon uitslapen en op z’n gemak de weekendkrant lezen. Slimme vader, denkt Claudia, terwijl ze Joep en haar eigen zoontjes uit de gordijnen vist.
 

'Ging ze ook nog bellen'

Ik vind het linke soep, ouders die de speelafspraken van hun kinderen coördineren. Vaak doen ze het enkel uit eigenbelang. Maaike: “Een moeder van school stalkt me min of meer met speeldates. Ze appt me dan dat haar zoon met die van mij wil spelen. Ik geloof daar niks van, ik hoor Gijs nooit over dat jongetje.

Bovendien vind ik dat de kinderen zelf prima hun afspraken kunnen regelen, ze zijn acht. Ik heb het gevoel dat ze haar kind gewoon kwijt wil. Het is een druk kereltje, dus ik snap dat best. Maar zeg dat gewoon. Vorige week appte ze me drie keer in twee uur tijd. Omdat ik niet reageerde, ging ze ook nog bellen. Ik zat in een vergadering en kon daar echt niet gaan bakkeleien over wel of niet spelen en bij wie. Kom op zeg.”
 

Smoesjes

De moeder van Lucie vroeg een keer of haar dochter met mij mee naar de speeltuin kon. Ze had zin alleen met haar oudste naar de stad te gaan. Omdat ze gewoon recht voor z’n raap zei wat ze wilde, vond ik het een prima plan. Ik voel haarfijn aan wanneer iemand met een smoes komt aankakken. Dat herkent mijn vriendin Loes. Elke drie weken wordt haar gevraagd de dochter van een kennis mee naar huis te nemen. Haar moeder moet dan werken, maar dat wordt niet gezegd. Onlangs heeft ze daar een einde aan gemaakt. Ze appte: ‘In geval van nood kun je altijd op me rekenen. Maar ik wil niet structureel oppassen, daar heb je bso’s voor.’

Zelf draai ik er nooit omheen. Ik heb de laatste weken een paar keer een werkspoedje moeten oplossen. Ik hol dan naar de buurvrouw, mijn dochters in mijn kielzog. Aan de deur vertel ik in drie zinnen wat ik moet en hoelang ik daarmee bezig ben. Dat zij dan even meisjes opvangt, vind ik goud waard. Andersom doe ik dat ook met liefde. En vorige week was de buurman op zakenreis toen zijn vrouw buikgriep kreeg. Ze kon niet op haar benen staan. We hebben natuurlijk haar kinderen opgevangen. De ene buurvrouw haalde ze uit de bso en zorgde voor avondeten, de ander regelde dat iedereen de volgende dag met gevulde broodtrommels in de klas zat.

Laatst zag ik een moeder krijtwit op het schoolplein staan. Griep. Toen onze dochters hand in hand naar buiten huppelden, stelde ik gauw een speeldate bij ons voor. Aan het eind van de middag bracht ik haar weer thuis. Haar moeder had gelukkig weer wat kleur op haar wangen.
 

Last minute appjes

Tot mijn grote ergernis blijft de vader van Mara proberen mij voor zijn karretje te spannen. Hij belt me niet en spreekt me ook niet aan op school, maar appt zijn verzoeken last minute door. Vorige week maandag vroeg hij of Mara met mij mee naar huis kon. Toen ik hem liet weten dat ik aan het werk was, appte hij terug: ‘Geen stress’. Ik wist niet wat ik las. Hoezo geen stress? Het is niet mijn kind en niet mijn probleem.

Twee tellen later verscheen het verzoek of het donderdag wel kon, inclusief logeren. Ik moest echt keihard lachen. Waar was die gast mee bezig? Ik vroeg wat hij allemaal van plan was. Geen antwoord. Dat kreeg ik wel van zijn dochter, die uiteindelijk toch een middagje kwam spelen. Papa was aan het skiën in Oostenrijk. Het was zijn week met Mara en daarom zocht hij de hele week back-up voor zijn eigen kind. Ja hallo, ik ben de bso niet.

 

Dit artikel staat in Kek Mama 05-2018 en is al een keer eerder gepubliceerd.

​​​​​​​


 


Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

zo zet je een speurtocht uit
Beeld: Unsplash

Geen zin in een peperduur georganiseerd kinderfeestje? Zet zelf een speurtocht uit! Zo doe je dat.

  1. Bedenk een doel van de speurtocht. Een schat vinden, bijvoorbeeld. Een raadsel oplossen, of een woord vormen. Elke aanwijzing die de kinderen tijdens hun tocht tegenkomen, brengt ze een beetje dichterbij de ontrafeling of de plek van de beloning.
     
  2. Hang er dus een thema aan. Een spooktocht, bijvoorbeeld (houd even rekening met eventuele tere zieltjes in het gezelschap), of piraten.
     
  3. Denk na over de locatie. Nee, serieus. Met zesjarigen klinkt het veilig om het in je eigen huis te doen, maar geloof ons: daar krijg je spijt van. Het bos of strand (onder begeleiding) is natuurlijk altijd goed, maar gewoon in je eigen wijk kan ook: ballonnen aan lantaarnpalen of bordjes in de berm, en gáán.
     
  4. Stippel een route uit die plek biedt voor spelletjes onderweg. (En geen levensgevaarlijke verkeerskruispunten bevat – mocht dat je in de organisatiestress even ontschieten). Een grasveldje is bijvoorbeeld perfect voor een potje ‘Wie scoort is keep’: de winnaar ontvangt bij de volgende aanwijzing iets leuks of lekkers.
     
  5. Meer ideeën voor spelletjes onderweg: draai twintig rondjes onder de wijsvinger van de jarige, en loop in een rechte lijn vooruit. Maak heksensoep met zes ingrediënten op de aanwijzing. Zeg het alfabet achterstevoren op, of spring over een vooraf gemarkeerde ‘krokodillenrivier’.
     
  6. O, laat degene die nieuwe aanwijzingen vindt, hoe dan ook punten verdienen. (In te wisselen tegen snoep/een grabbelcadeautje/het voorrecht het volgende spel te kiezen). Houdt zelfs jongens van acht bij de les – voordat ze nog vóór de eerste aanwijzing al in de bomen slingeren.
     
  7. Verzin iets om het spoor mee te markeren. Ballonnen dus, linten, of veren. Ook leuk: maak een boekje met foto’s van de route. Een soort speurtocht ín een speurtocht: ‘zoek deze boom en vind de aanwijzing’. Of: gebruik reflecterende materialen. Folie, een stuk cd, een spiegeltje.
     
  8. Nooit doen: met stoepkrijt pijlen tekenen op de stoep. Het zal maar gaan regenen.
     
  9. Stuur aanwijzingen naar hun mobieltjes. (Mits ze die hebben, dan). Jij bent natuurlijk altijd bereikbaar voor extra clues, terwijl je lekker aan de koffie zit. Houdt ze gegarandeerd bij de les, en jij houdt ze op een afstandje veilig in de gaten (terwijl manlief ze mooi fysiek in het oog mag houden, om calamiteiten te voorkomen).
     
  10. Neem de tijd die het jou kost om de speurtocht af te leggen niet als maatstaf. Kinderen rennen!
     
  11. Eindig in een speeltuin. Heb je meteen een feestje op locatie en kan iedereen even uitrazen – inclusief jij, onderuit met een drankje.
     
  12. Bestel lekker een kant-en-klare speurtocht online. Mocht je het spoor zelf al bijster zijn. Hier, bijvoorbeeld.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

kinderen verwende nesten
Beeld: Unsplash

Moeder Kimberly Valzania windt er geen doekjes om: onze kinderen zijn verwende nesten, en we hebben ze zelf gecreëerd.

Ben jij er zo een? Zo’n zogenaamde helikoptermoeder die overal bovenop zit? Die alles regelt voor haar kind, nooit een gebeurtenis in zijn leven mist, overal bij betrokken is en alles in het werk stelt om ervoor te zorgen dat hij zich vooral speciaal en belangrijk voelt, met een fantastisch en rijk leven? Kimberly begrijpt dat best. Ze is er zelf ook één. Zo’n moeder het helemaal anders wil doen dan haar ouders vroeger, die geen idee hadden waar hun dochter eigenlijk precies mee bezig was in haar leven. Maar, schrijft ze op ScaryMommy, we hebben het helemaal verkeerd aangepakt. Betrokkenheid is goed, maar we zijn erin doorgeslagen. En nu zijn onze kinderen verwende nesten. Dat komt volgens haar hierdoor:
 

  1. We onderhandelen met onze kinderen. “Als je je lief gedraagt, krijg je iets lekkers.” En wanneer je kind zich daar niet aan houdt: “Goed, je krijgt nog één kans om te luisteren.” Wat er natuurlijk altijd meer worden. Zo luisteren onze kinderen natuurlijk nooit.
     
  2. We ruimen hun kamers op. Omdat we het gewoon niet meer aankunnen, de zooi en vuile was, maar onze kinderen toch toestemming hebben gegeven met vriendjes af te spreken of een film te kijken. Bovendien: als je het zelf doet, gebeurt het tenminste. Sukkels die we zijn. En nu weten onze kinderen niet beter dan dat een ander hun zooi wel opruimt.
     
  3. We dragen hun tassen. Omdat ‘ie zo zwaar is, arm schaap, met al dat huiswerk erin. Alsof hij hem zelf niet even uit de auto kan tillen als hij er al de hele dag mee op school heeft rond gezeuld. Je bent toch geen pakezel?
     
  4. We vragen wat ze ’s avonds willen eten. Is jou dat vroeger óóit gevraagd? Je at gewoon wat de pot schafte, laat staan dat we de keuze kregen of we uit eten wilden of gewoon zelf zouden koken.
     
  5. We laten de plannen van de kinderen tussen de onze komen. “Nee, we kunnen niet komen, want Pietje heeft een wedstrijd.” Wat natuurlijk prima is, want daar willen we zelf graag bij zijn. Maar moeten we echt ons eigen leven on hold zetten, als we ook prima eens een wedstrijd kunnen missen? Krijgt je kind heus niks van.
     
  6. We willen gewoon dat ze gelukkig zijn. Maar een keer níet gelukkig zijn omdat je je zin niet krijgt, is goed voor kinderen. Ze moeten leren dat het leven niet alleen om hen draait. Krijgen ze karakter van.
     
  7. We vormen geen front met onze partner. Mag het niet van mama? Vraagt je kind het toch lekker aan papa. Vind je het gek dat je kind jullie tegen elkaar uitspeelt, als jullie samen niet één lijn trekken?
     
  8. We geven onze kinderen geen taken en verantwoordelijkheden. Als je kind de tafel niet dekt en afruimt, de vaatwasser niet inruimt of de hond niet uitlaat, zou hij potdorie huur moeten betalen.
     
  9. We bedenken smoesjes voor hun slechte gedrag of cijfers. “Ach, hij was zo moe.” “Ze had honger.” “Hij kon zijn huiswerk niet maken door voetbaltraining.” Hallo, zonder discipline wordt het nooit wat met de arbeidsethos van je kind.
     
  10. We gaan in discussie met hun leraren en trainers. Prima dat je je kind verdedigt, maar een kind moet ook leren om voor zichzelf op te komen, én zijn meerdere te respecteren. O, en als de leraar zegt dat je kind een luie werkhouding heeft: geloof dat dan gewoon. Hij heeft het best voor met je kind.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >