Beeld: Getty
Beeld: Getty

Mariëtte (moeder van Casper van 3 en Nora van 1 jaar) kan er maar niet aan wennen: vakantie met kinderen. ''Je sjouwt je een breuk en leest niet één boek.'' 

1. De bagage

Het was een paar jaar geleden, er was in geen velden of wegen een kind te bekennen (niet van mij, althans) en man en ik moesten op Schiphol met gezwinde spoed koffers herschikken wegens overgewicht. Dat herschikken betekende zoveel als het achterlaten van zeep en shampoo plus een paar schoenen. Hoe we het met z’n tweeën voor elkaar hadden gekregen meer dan vijftig kilo bagage mee te nemen voor drie weken Zuid-Afrika, is me tegenwoordig een raadsel. Ik blijk namelijk ook prima toe te kunnen met twee onderbroeken, een jurk en teenslippers, aangezien de rest van de beschikbare ruimte wordt ingenomen door kinderkleren, speelgoed en luiers. En zo kwam het dat wij afgelopen zomer met een dakkoffer (een dakkoffer, ja. Zo eentje waarvan ik ooit heb gezworen liever te sterven dan met zo’n ding te gaan rondrijden) richting zuiden vertrokken. De auto tot de nok toe volgestouwd en nog de helft vergeten. Ergens vroeg ik me af waar het precies was misgegaan, al werd die vraag al snel overstemd door de hoofdbrekende kwestie of we wel genoeg zwembadspeelgoed hadden meegenomen.

 

2. De reis

“De reis is onderdeel van de vakantie.” Zoiets riep ik – nog kinderloos – met grote regelmaat omdat ik geen hekel heb aan auto- dan wel vliegreizen en bovendien had geaccepteerd dat een uur of wat reizen nou eenmaal part of the deal is als je wat van de wereld wil zien of in de winter ergens in de tropische zon wil verpozen. Maar sinds ik eerst met een peuter en een baby op de achterbank een twee uur durende hel voor een veel te druk tolpoortje beleefde en onlangs diezelfde peuter en inmiddels dreumes op een ook nog eens vertraagde avondvlucht in slaap probeerde te krijgen ten koste van diverse gehoorbeschadigingen bij mijn medepassagiers, kijk ik hier een tikje anders tegenaan. De reis is een kwestie van survivallen, daarna begint de vakantie (min of meer).

 

3. De eindbestemming

Wellicht was ik een tikje verwend, maar vakantie, dat moest vroeger wel groot, groter, grootst. Op safari in Afrika, camperen door Australië, drie weken rondtrekken op Bali – dat werk. Zo ver mogelijk, met zon en het moest vooral niet te veel op thuis lijken. En o ja, er moest natuurlijk avontuur te beleven zijn. Tegenwoordig vind ik alles wat op minder dan vier uur vliegen ligt al geweldig, als het er maar mooi weer is, want slecht weer is uiteraard de hel als je hebt bedacht dat je kinderen zich gaan vermaken bij het zwembad of op het strand. Daarover gesproken: is er een ondiep bad dan wel een zee zonder al te veel golven, dan ben ik al blij. Is er bovendien ook nog een glijbaan, hoor je mij helemaal niet meer klagen. En andere kinderen. Om mee te spelen. Aangezien de les dat entertainment de sleutel tot alles is, inmiddels ernstig is doorgedrongen.

 

4. De accommodatie

Kijk, het maakte vroeger niet zoveel uit waar we sliepen, omdat dat precies was wat we er deden: slapen. Maar aangezien we nu meer tijd dan ons lief is doorbrengen in een hotelkamer/huisje/tent, doet het er ook daadwerkelijk toe dat die er een beetje appetijtelijk uitziet. Wij zijn namelijk niet gezegend met kinderen die je op elke strandstoel te slapen kunt leggen, omdat het er dan mee eindigt dat ze de strandstoel als trampoline gebruiken, waarna ze aan het eind van de middag instorten en veranderen in monsters. Het gevolg is dat een van ons de halve middag in de hotelkamer doorbrengt, omdat de kinderen om een of andere reden op vakantie rustig drie uur slapen en thuis met moeite drie kwartier.

 

5. De chaos

Als je, zoals ik, je huis uiterst logisch hebt ingericht zodat je de tijd dat je loopt te zoeken naar spullen tot een minimum beperkt, moet je op vakantie op z’n zachtst gezegd even bijstellen. Daar ben je namelijk de halve dag spullen aan het in- dan wel uitpakken, verplaatsen en opruimen. En op een of andere manier is er altijd iets kwijt. Meestal een speen of een sleutel. Bovendien kunnen de kinderen ineens overal bij, zodat ze opduiken met mijn onderbroek op hun hoofd, maar niet voordat ze de rest van mijn kleren in een grote bult op de grond hebben geparkeerd.

 

6. De ruzies

Van alle momenten om ruzie te maken, stond vakantie vroeger zo’n beetje onderaan het lijstje. Want: relaxed, geen stress, alle tijd. Helaas slaat bij mij de irritatie al toe als ik net een halfuur heb ingepakt voor de op zichzelf simpele dag aan het zwembad en er één zwembandje kwijt is. Hoewel hij hoogstwaarschijnlijk niet degene is die het heeft gebruikt, is mijn man wel degene die het dan moet ontgelden. Wat mij natuurlijk een heks maakt, maar andersom neemt hij het mij kwalijk als hij nog geen drie minuten op een stoel in het zonnetje kan zitten, dus we houden elkaar in evenwicht wanneer we op vakantie met kinderen zijn.

 

7. De ontsnappingen

Er bestaan natuurlijk ook brave kinderen die de halve dag zoet op een stoeltje blijven zitten of zandkastelen bouwen, maar helaas ben ik gezegend met twee leden van het nogal onderzoekende soort. Onlangs waren we op Lanzarote alwaar Casper ongeveer zeventien keer per dag de kuierlatten nam, er één keer tien man hotelpersoneel naar hem zocht en we serieus overwogen hem aan een riempje te doen.

 

8. De vermoeidheid

Feitelijk zouden vaders en moeders meer wettelijke vakantiedagen moeten hebben, aangezien vakantie met kleine kinderen en tot rust komen twee dingen zijn die net zo bij elkaar horen als de A2 en lekker doorrijden op donderdagmiddag in de regen: je dénkt dat het een logische combinatie is, tot je het eens uitprobeert. De kinderen zijn – als ze de leeftijd hebben dat ze vrij makkelijk verzuipen in een zwembad – een dagbesteding op zichzelf. Ik had op mijn vorige vakantie heel naïef drie boeken bij me, voor één week. Ik weet zelf ook niet meer precies waarom.

Dit artikel staat in Kek Mama Zomerboek 2017

9 aanslagen interieur
Beeld: Unsplash

Dacht Kek Mama’s Jorinde met haar best-wel-grote kinderen eindelijk van het wagenpark in de woonkamer af te zijn, slepen zonen van 9 en 11 gameconsoles en smoezelige tennissokken naar binnen. Dág verantwoord interieur. Daarom: 9 onvermijdelijke kinderaanslagen op de inrichting, waar je stiekem reuze van geniet.

  1. Ze wilden een puppy, dus het leek zo’n leuk compromis, dat hippe, witte designaquarium. Tot ik ontdekte dat de lamp ook ’s avonds aan moet blijven (voordat Giny de Gup en Gerard Garnaal inclusief warmwaterbeplanting het loodje leggen). En mijn zo zorgvuldig warm verlichte woonkamer opeens gehuld is in oogverblindende TL.
     
  2. Die pup kwam er natuurlijk toch. En weegt nu bijna dertig kilo. Waardoor naast de lichtgrijze bank (met vette kindervingervlekken én pootafdrukken) nu een onooglijke hondenmand staat, die de komende vijftien jaar als dreigende bron van vlooien de feng shui blokkeert.
     
  3. Die vingervlekken beperken zich gelukkig slechts tot de meubels, ramen, en muren in het trappenhuis (want waarom zou je de leuning vastpakken als je na het kuilen graven eigenlijk veel beter tegen de muur kunt steunen?). Naast de schoonmaakmiddelen prijkt dus een reusachtige pot witte latex. Ach, ik was toch altijd meer een klusser dan een poetser.
     
  4. Dat fel begeerde winterdorpje in pvc-sneeuw klonk nog best gezellig. Toen het kerst was. Tot het reuzenradje tegen dennendecor niet alleen knipperende lichtjes bleek te bevatten, maar óók nog een muziekje. Dat na een maand fulltime spelen op twee AAA’tjes nog steeds niet stuk is. En nee, het kan nog niet naar zolder. “Het is een wínterlandschap, mam. Geen kerstversiering. Zie jij de zon al schijnen?”
     
  5. DE LEGO IN PRIMAIRE KLEUREN. Want ja, daar spelen ze dus ook nog mee als ze elf zijn.
     
  6. O, en de gameconsole kan natuurlijk prima achter gesloten deurtjes in het tv-dressoir. Maar ja, daar werken de arena’s van Skylanders, Lego en Disney niet. Daar gaat dus de zorgvuldig gestileerde vazencollectie. De kinderen vinden hem juist stukken decoratiever nu, met Captain America, Batman en Luke Skywalker er al zwaardvechtend tussen.
     
  7. En wat doen die gedragen tennissokken in de magnolia?! Die horen op z’n minst in de immer aanwezige prop vuile was op de trap naar boven.
     
  8. Oké, de galerij met ingelijste kindertekeningen is een pronkstuk, werkelijk waar. Mijn felbegeerde kunstreproductie moest er wel voor wijken, maar hé: dit zijn tenminste originelen.
     
  9. Maar het aller-, allermooiste pronkstuk dat in een kinderloos leven niet eens de voortuin had gehaald, staat onder een stolp op mijn nachtkastje. Een glanzend porseleinen paard met strass-steentjes, dat ze speciaal voor mij kochten van hun eigen zakgeld. Omdat ze zeker wisten hóe prachtig ik het zou vinden.

Ze hadden helemaal gelijk.

 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

slimme trucs ouders

Kinderen zijn er een ster in: papa en mama om de tuin leiden. Dat ouders er zelf ook wat van kunnen, bewijzen deze hilarische foto's van Buzzfeed

Wie is er aan het winnen, jongens?

 
 

Zo blijft de kleine wel even zoet

 

#dadinvention

Een bericht gedeeld door Kelly (@_kellyarthur) op

 

 

 

 

Papa is liever lui dan moe

 
 
 
 

Nooit meer twijfelen: wie is wie?


 

Je dacht toch niet dat mama alles ging schoonmaken?

 

Get cleaning girl 😂💖 #babymop #babymops #bestinvention #babygirl

Een bericht gedeeld door Sam Ginnifer (@samginnifer) op

 

Zo komt de aap wel uit de mouw


 

Nooit meer zeuren om een ijsje

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >