Simone: ‘Ik maakte precies dezelfde fout bij mijn zoon, ondanks dat ik me zó niet gehoord voelde door mijn eigen moeder’

columnist Simone de Bruijn Beeld: Mandy Brander
Simone de Bruijn
Simone de Bruijn
Leestijd: 4 minuten

Simone de Bruijn verwondert zich vaak over kleine dingen in het leven, die ze koppelt aan grotere dingen. Het leven reikt in die zin elke keer weer iets aan. Soms zijn het alledaagse dingen, zoals de vakantieliefdes van haar kinderen. Soms dingen die spelen in de maatschappij, zoals kinderen die het land uit worden gezet. Ze werkt als journalist, tekstschrijver en fotograaf. Ze woont samen met haar man en twee zonen van 8 en 6.

Lees verder onder de advertentie

‘Mama, moet ik zo naar school?’, vraagt mijn 8-jarige zoon terwijl hij gloeiend als een kachel op bed ligt. Het is maandagavond. Ik voel aan zijn voorhoofd en vertel dat het avond is, dat we net aan tafel gegeten hebben, alhoewel hij lag te slapen op de bank. Het kwartje lijkt niet te vallen, hij ijlt. Na een tijdje legt hij zich erbij neer en slaapt verder.

Lees verder onder de advertentie

Griepepidemie

De griepepidemie is ook in ons huis aanbeland. Omstebeurt worden we gevloerd, de een heftiger dan de ander. Waar mijn oudste zoon drie dagen op bed ligt, blijft het bij mij beperkt tot het vol snuiten van ontelbare papieren zakdoekjes.

Ik kan het me allemaal nog uit mijn eigen jeugd herinneren, hoe we als dominosteentjes in het gezin stuk voor stuk omvielen. Specifiek één keer. Mijn broer was al twee dagen flink ziek. Ik voelde me op een avond ook niet lekker. Mijn moeder geloofde er niets van. Ze dacht dat ik net als mijn broer vast ook thuis wilde blijven van school. Lekker de hele dag tv kijken. ‘Ga maar slapen, dan kun je morgen gewoon naar school’. Tot ik die nacht alles onder spuugde. Ik zie mezelf nog hangen met mijn hoofd in de wc-pot. Toen was het wel duidelijk, geloof ik.

Lees verder onder de advertentie

Touché

Deze ochtend maakte ik precies dezelfde fout bij mijn zoon. Ondanks (of dankzij?) het feit dat ik me zó niet gehoord voelde destijds door mijn moeder. Hij klaagde dat hij zich niet lekker voelde. ‘Eet maar je ontbijt en dan kijken we verder, je hebt vast geen zin in school’, hoorde ik mezelf mopperen. Ook ik werd ingehaald door de realiteit: de havermoutpap met rozijnen die hij nog geen minuut eerder had opgegeten, belandde zo weer terug in zijn kom. Netjes opgevangen, dat zeker, zij het wat zuurder. Touché, hij bleef thuis.

Lees verder onder de advertentie

Als moeder ben ik op dit soort dagen continu bezig een inschatting te maken. Is mijn kind echt ziek, of niet? Soms zie ik het zelf al aankomen. Door een waterige blik of een wel erg warme rug. Soms zit ik er faliekant naast, is er wel degelijk iets aan de hand en heb ik het niet door, zoals deze keer. Niet zelden ingestoken door mijn eigen agenda en gemoedstoestand. Een ziek kind kan ik er écht niet bij hebben op een dag vol met werkafspraken en deadlines. En soms hebben mijn kinderen vast wel degelijk zin om een dagje thuis te blijven. Alhoewel ik dat laatste eigenlijk nog nooit heb meegemaakt.

Geloof je me nu wel?

De ochtend na het ijlen, veeg ik mijn agenda leeg. Tussen de slaapjes door bingen we de Olympische Spelen. Hij onder zijn flanellen dekbed met eekhoorntjes op de bank. De emmer in de aanslag en zijn Takkie-knuffel onder de arm. Ik met mijn laptop op schoot ernaast. Toch nog wat e-mails wegwerken, maar dat lange artikel schrijven, bewaar ik voor een andere dag. Met een schuin oog zie ik hoe shorttracker Xandra Velzeboer onderuit gaat bij de gemengde aflossing. Tussendoor haal ik bij de supermarkt rode druiven, het enige wat hij die dag wil eten. Hij eet er acht.

Lees verder onder de advertentie

In de middag lopen we het kleinste denkbare blokje om ons huis. Langer is te veel gevraagd. ‘Mam, je gelooft nu wel dat ik echt ziek ben, toch?’, vraagt mijn zoon. Ik grinnik, hoor de jongere versie van mezelf erin terug. ‘Ja’, zeg ik.

Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail