Carola de Koning (46) werkte als leerkracht en kindercoach en specialiseerde zich in stress bij kinderen. Nu is ze onderwijsdeskundige bij Wijzer over de Basisschool en ontwikkelt zij samen met haar team nieuwe leermiddelen. Ze is expert in toetsstress rondom toetsen van IEP, Leerling in beeld (Cito) en de Doorstroomtoets. In haar columns neemt ze ouders mee in herkenbare momenten en deelt af en toe een kleine tip voor thuis of op school.
Lees verder onder de advertentie
“We kwamen toch voor rekenen?” zei een vader eens met een lichte frons, toen ik een doos kleurpotloden op tafel zette. Zijn dochter zat ernaast, schouders hoog opgetrokken, potlood al nagelbijtend in haar hand. “Klopt,” zei ik. “Maar we beginnen even met kleuren.” “Huh?” klonk het, half verbaasd, half ongelovig.
Lees verder onder de advertentie
Ouders verwachtten vaak dat ik direct met werkbladen zou zwaaien of tafels zou overhoren. Maar soms was de kortste weg naar een goed antwoord… een kleurplaat.
De kriebelbuik
Datzelfde meisje zei eens: “Als ik moet rekenen, denk ik: dit lukt me toch niet… en dan krijg ik een kriebel in mijn buik en klamme handen.”
En precies daar begon het: niet bij de som, maar bij de spanning. Een kind kan prima leren rekenen, maar als het lijf op tilt slaat, gaat het hoofd op slot. Alsof er een bordje hing: ‘Gesloten wegens stress’.
Een paar zachte akkoorden
Soms koos ik niet voor kleurpotloden, maar voor muziek. Ik schoof naar de piano en speelde een paar rustige akkoorden. Geen concert, gewoon zachtjes. Na een minuut zag ik schouders zakken. De ademhaling werd rustiger. Er kwam weer ruimte.
Misschien omdat muziek ook mijn eigen uitknop is. Als kind zat ik uren achter de piano. Later werd het mijn manier om mijn hoofd leeg te maken. In mijn praktijk ontdekte ik dat kinderen hetzelfde ervoeren. Alsof de muziek fluisterde: “Je hoeft nog niks.”
Van kleuren naar sommen
Na vijf minuten kleuren of luisteren, openden we alsnog het rekenschrift. Het grappige was: ineens lukte er veel meer. Begonnen we gespannen, dan voelde elke som als een berg. Maar ontspannen? Dan was diezelfde som een heuveltje.
Er was ook een jongen die heel stoer deed: “Rekenen? Makkie, joh!” Maar zodra het schrift openging, knaagde hij zenuwachtig op zijn pen. Na vijf minuten krabbelen met kleurpotloden floepte er plots een hele rij sommen uit zijn pen. Stoer doen is soms gewoon een masker voor stress.
Het IKEA-moment
Begrijp me goed: ik ben zelf ook niet stressvrij. Geef mij een zak schroefjes en een IKEA-handleiding en ik heb óók klamme handen en een bonkend hart. Mijn brein sluit dan niet alleen wegens stress, maar ook wegens te veel schroefjes en te weinig plankjes.
Het verschil is dat ik weet dat ik dan even pauze moet nemen. Een kopje thee. Een paar akkoorden. En ineens lukt het wél. De kinderen in mijn praktijk hadden hetzelfde nodig. Alleen wisten ze dat nog niet.
Kleine ritueeltjes
Het hoefde niet ingewikkeld te zijn: vijf minuten kleuren, een rustig muziekje, een ademhalingsoefening. Het ging er niet om wát we kozen, als er maar even een momentje was waarin de stress zakte.
Een moeder vertelde: “We kleuren nu standaard eerst een mandala. Het voelt alsof we tijd verliezen, maar daarna gaat het oefenen sneller én gezelliger.” Precies dat.
Een succeservaring cadeau
Het mooiste vond ik die glinstering in de ogen van een kind dat net nog dacht dat het niks kon. Niet door een sticker of beloning, maar omdat het zelf ervoer: “Hé, ik kan dit.” Daar deed ik het voor. En dat lukte niet met extra werkbladen, maar met vijf minuten ontspanning.
Slotakkoord
Dus ja, toen ik nog bijles gaf, begon ik met kleuren. Of met een rustig pianostuk. En steevast met een verbaasde ouder die na afloop toegaf: “Oké… dit werkt dus echt.”
En eerlijk? Ik gun het mezelf steeds vaker. Eerst even kleuren. Eerst de piano. De rest, een spreekwoordenspel ontwikkelen, IKEA-kasten en de chaos van de dag, komt daarna wel.
Volg Wijzer over de Basisschool op Instagram voor tips en tricks.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.
‘Daar praten we niet over waar de kinderen bij zijn.’ Geld was vroeger in veel gezinnen ongeveer net zo’n gezellig gespreksonderwerp als de belastingaangifte.
Je vraagt één keer of je kind z’n schoenen wil aantrekken, en vijf minuten later zit-ie nog steeds op de grond met één sok aan en een LEGO-poppetje in z’n hand. Herkenbaar, want jonge kinderen zijn nu eenmaal niet altijd kampioen luisteren. Gelukkig zijn er slimme manieren om ervoor te zorgen dat wat jij zegt […]