Deborah: ‘Het was zo eenzaam, het idee dat ik moest bewijzen dat ik dit waard was. Dat ik een goede moeder was’

column deborah Eigen beeld
Deborah
Deborah
Leestijd: 3 minuten

Deborah (30) is samen met haar man en moeder van twee zoons Jake (4) en Cody (1). Ze schrijft over het moederschap, verlies en herstel na haar postnatale depressie. Je kunt haar ook volgen op Instagram.

Lees verder onder de advertentie

Soms gebeuren de dingen die niemand ziet. Die momenten dat alles in je hoofd schreeuwt dat je faalt, terwijl aan de buitenkant alles al uit elkaar lijkt te vallen.

Ik weet nog zo’n dag. De baby huilde onophoudelijk. En ergens dacht ik misschien ook wel, misschien huilt hij niet alleen om honger of krampjes. Hij zal misschien ook wel mijn spanning aanvoelen. Die constante onderhuidse onrust die als een elektrische stroom door mijn lijf liep sinds de bevalling. Mijn schouders die nooit echt ontspanden. Mijn ademhaling die altijd net iets te hoog zat. Misschien huilde hij omdat ik nooit stil was vanbinnen.

Lees verder onder de advertentie

Bewijsdrang

Ik probeerde van alles. Maar hoe harder ik mijn best deed om rustig te zijn, hoe minder rustig ik werd. Ook toen er bezoek kwam. Gewoon familie, mensen die wilden helpen.

En ik had ook echt moeite om hem uit handen te geven. Alsof dat het definitieve bewijs zou zijn dat ik het niet kon. Alsof als iemand anders hem wél stil kreeg, dat zou bevestigen wat ik diep vanbinnen al dacht. Zie je wel. Jij kunt dit niet. Dus ik hield hem vast. Te lang. Te gespannen. Met een glimlach die niet klopte.

Lees verder onder de advertentie

Ik wilde bewijzen dat ik het onder controle had. Dat ik het kon. Dat ik geen moeder was die het niet aan kon. Maar die bewijsdwang zat me juist enorm in de weg. Hoe meer ik mezelf oplegde dat ik moest laten zien dat het goed ging, hoe slechter het eigenlijk ging.

Gaat het wel goed met je?

En ik zag het ook wel, de twijfel. Bezorgdheid. Misschien ook wel de vraag die ik zelf niet durfde uit te spreken: Gaat het wel goed?

Het leek niet alsof ik alles onder controle had. Het leek alsof ik het juist helemaal niet aan kon. Alsof ik er slechter aan toe was dan vóór de bevalling. Alsof moederschap mij niet sterker had gemaakt, maar kleiner.

Binnenin voelde alles als chaos. Mijn hart klopte te snel. Mijn hoofd draaide. Ik wilde verdwijnen. Niet bij hem weg. Maar even weg van de druk die ik mezelf oplegde. Van het constante moeten.

Gevecht

Ik huilde elke keer zachtjes, terwijl hij in mijn armen lag. En zelfs toen kon ik hem niet loslaten. Bang dat hij weer ging huilen. Alsof mijn falen ook minder zichtbaar zou zijn als ik hem maar dicht genoeg bij me hield.

Wat niemand zag, is hoe vermoeiend dat gevecht was. Het gevecht tegen mijn eigen gedachten. Tegen het idee dat ik moest bewijzen dat ik dit waard was. Dat ik een goede moeder was.

En dat was ook heel eenzaam. De somberheid. Niet alleen de spanning. Maar ook het eindeloze proberen om te laten zien dat je het kan, terwijl je diep vanbinnen voelt dat je uit elkaar valt. En op dat moment was er geen inzicht. Alleen dat moment. Mijn armen die niet durfden los te laten. Een moeder die zo graag wilde dat ze het wel kon.

Lees verder onder de advertentie

Meer lezen van Deborah en haar weg in het moederschap? Je leest haar andere columns hier.

Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail