Marije: ‘Hoe kan het dat mijn goed opgevoede zoon een seksfilmpje hielp verspreiden?’

Illustratie bij: Marije: ‘Hoe kan het dat mijn goed opgevoede zoon een seksfilmpje hielp verspreiden?’ Beeld: Kek Mama
Marije Veerman
Marije Veerman
Leestijd: 9 minuten

Je zoon opvoeden met respect voor vrouwen? Nog effe niet nodig, denk je als je naar je engeltje kijkt. Maar voor je het weet is ie een puber die ‘kech’ een normaal woord vindt. En soms speel je daar als ouder onbewust een rol in. Nu al.

Lees verder onder de advertentie

“Dat zijn toch allemaal kechjes.” Mijn zoon van zestien hangt languit op de bank, verdiept in een groepsgesprek, als ik de opmerking van een van zijn vrienden opvang. Later vraag ik ernaar. Hij wuift het weg. “Ging over een paar meiden die de hele dag op straat hangen.” Ik zeg dat ik niet wil dat hij zo over meisjes praat, waar ze ook hangen. Dat woord, kech. Het doet me denken aan mijn eigen middelbare school. Ik probeer hem uit te leggen wat mij eraan stoort. Dat taal niet onschuldig is. Dat woorden ertoe doen. Dat wat voor de een een grap is voor een ander een vrijbrief kan worden. Hij rolt met zijn ogen. “Ja mam. Wat jij wil.”

Lees verder onder de advertentie

We horen de laatste jaren steeds vaker de kreet educate your son. Op social media, in opiniestukken, vaak uitgesproken door vrouwen die klaar zijn met het afschuiven van verantwoordelijkheid op meisjes en vrouwen. Niet langer vragen waarom zij alleen over straat fietste, wat ze aanhad of waarom ze ‘dat signaal’ zou hebben afgegeven. In plaats daarvan moeten we onze zonen leren wat respect, toestemming en gelijkwaardigheid betekenen. Het klinkt logisch. En lange tijd voelde dat voor mij ook zo. Een geruststellende gedachte zelfs: als je het in de opvoeding maar goed doet, dan komt het wel goed. Toch merk ik dat, nu mijn zoon zestien is en zijn wereld zich steeds verder loszingt van de veilige muren van ons huis, deze boodschap overbrengen lang niet zo simpel is als het lijkt.

Genadeloos neergesabeld

De lijst met invloedrijke mannen die publiekelijk worden beschuldigd van seksueel grensoverschrijdend gedrag en aanranding groeit al jaren, bijna wekelijks. En hoe verschillend deze mannen onderling ook zijn, ze delen één fundamentele levensfase: ze waren ooit jongens. Het voelt ongemakkelijk om hardop te zeggen, maar het is waar. Alle zogenoemde ‘slechte’ volwassen mannen begonnen hun leven waarschijnlijk ooit als onschuldige jongens. Wat ging er mis in de jeugd van iemand als Harvey Weinstein? En hoe zorgen we ervoor dat lieve, onschuldige jongens niet opgroeien tot mannen die verschrikkelijke dingen doen?

Lees verder onder de advertentie

Lange tijd dacht ik dat opvoeden vooral een kwestie was van blijven benoemen wat je belangrijk vindt. Van corrigeren, uitleggen, in gesprek blijven. Je kunt thuis als ouder eindeloos praten over respect. Over woorden, over grenzen, over wat je wel en niet accepteert. Maar ik merk ook dat er buiten die woonkamer andere codes gelden. Daar wordt mannelijkheid niet uitgelegd, maar voorgedaan. In memes. In groepsapps. In wie het hardst lacht om een grap. Wie zwijgt. Wie meedoet. Alleen al op de middelbare school lijkt er weinig veranderd sinds ik er vijfentwintig jaar geleden op zat. Meisjes worden nog steeds genadeloos neergesabeld als ze zich niet aan de heersende regels houden. Maar ook jongens leren al vroeg wat er van hen verwacht wordt. Hoe ze zich horen te gedragen. Wat stoer is en wat niet. Ik las onlangs in The New York Times dat juist ouders van jongens zich zorgen maken over acceptatie wanneer hun zoon niet aan die norm voldoet. Alsof afwijken een risico is dat je je kind liever bespaart. Het raakte me omdat het precies die spagaat blootlegt waarin opvoeden zich bevindt. Tussen wie je wilt dat je kind is en waar je hem tegen wilt beschermen.

Lees verder onder de advertentie

De kwestie kaars

En niet alleen op school worden die codes bevestigd, ook daarbuiten. Nog geen halfjaar geleden won Vandaag inside met 74% van de stemmen de Televizier-Ring, een publieksprijs, terwijl er aan tafel van die tv-show herhaaldelijk grensoverschrijdende opmerkingen worden gemaakt aan het adres van vrouwen. Het ‘kaarsindicent’ uit 2022, waarbij Johan Derksen lachend vertelde dat hij vroeger als ‘grap’ een kaars in een bewusteloze vrouw had gestoken, maar ook de opmerking dat Ilse DeLange in de jury van The voice zit omdat ze zo goed kan pijpen. Iedere keer was er ophef, zeker. En toch ook applaus. Wat leren we jongens als ze dagelijks zien dat dit soort mannelijkheid uiteindelijk wordt beloond? Voor ouders is die vraag soms pijnlijk concreet. Een collega kreeg vorige maand nog de schrik van haar leven toen ze werd gebeld door de mentor van haar vijftienjarige zoon. Samen met haar man had ze haar zoon altijd geleerd om grenzen te respecteren, toch bleek hij betrokken te zijn geweest bij het doorsturen van een seksfilmpje van een klasgenootje in een groepsapp. Toen mijn collega haar zoon ermee confronteerde, haalde hij zijn schouders op. Hij had de jongen er nog op aangesproken. “Bro, dat is lullig”, had hij gezegd. Het antwoord was een “wat doe je, sukkeltje”. Uiteindelijk stuurde hij het filmpje toch door.

Lees verder onder de advertentie

Ongemakkelijk maar waar:
‘slechte’ mannen waren ooit onschuldige jongens

Dat moment waarop hij alsnog meedeed, kan ze maar moeilijk van zich afzetten. “Nog steeds breek ik mijn hoofd over de vraag wat wij als ouders verkeerd hebben gedaan”, zegt ze. Precies die vraag vormt het vertrekpunt van het onderzoek dat journalist en bestsellerauteur Emma Brown deed. Een jaar lang probeerde ze te begrijpen hoe ze haar zoon kon opvoeden tot een man met een betere relatie tot vrouwen dan de voorbeelden die zij zag opduiken in het #metoo-debat. Wat zij ontdekte is dat mannen, net als vrouwen, al als kind te maken krijgen met schadelijke genderstereotypen die hun mentale, emotionele en fysieke gezondheid aantasten. In het boek To raise a boy vraagt ze zich op een bepaald moment af hoe we jongens kunnen leren empathisch te zijn, terwijl we ze zelf zo vaak geen empathie tonen. Ze schrijft: “Het verraste me vooral hoeveel stress en druk er op jongens ligt. Ik ben opgegroeid met het idee dat ik voortdurend mijn vrouw-zijn moest overwinnen. Ik weet nog dat in de brugklas de meiden met een enorme strandbal moesten volleyballen, terwijl de jongens met een echte bal mochten spelen. Dat is maar een klein voorbeeld, maar er zijn talloze manieren waarop we gewend zijn te denken over hoe meiden in een hokje worden gestopt vanwege hun gender. En ik denk dat we veel minder vertrouwd zijn met het idee dat jongens net zo goed in hokjes worden geplaatst, juist omdat ze jongens zijn.”

Lees verder onder de advertentie

Echte mannen

Die analyse herkent Anna Marah Jansen, specialist seksuele ontwikkeling en oprichter van het sekspositief Instagramaccount @sekswijzer. Volgens haar richt de kreet ‘educate your son’ zich te vaak op seksuele voorlichting alleen, terwijl de kern dieper ligt. “Maatschappelijk zien we een cultuur waarin man-zijn sterk wordt ingeperkt. Stoer zijn, initiatief nemen, oplossingsgericht handelen. Echte mannen huilen niet.” Daarmee doen we jongens tekort, zegt Jansen. “In de opvoeding, maar ook daarbuiten, krijgen jongens minder vaak de boodschap dat hun emoties ertoe doen. Daardoor leren ze minder om gevoelens te herkennen, te verwoorden en te delen.”

Lees verder onder de advertentie

Onderzoek laat zien hoe vroeg dat verschil ontstaat. De Amerikaanse ontwikkelingspsycholoog Judy Chu ontdekte dat jongentjes van vier en vijf jaar net zo goed als meisjes in staat zijn om emoties van anderen te begrijpen en hechte relaties aan te gaan. Maar rond hun zesde of zevende levensjaar beginnen veel jongens zich emotioneel afstandelijker te gedragen tegenover hun vrienden. Naarmate ze ouder worden, lopen empathisch vermogen en sociale vaardigheden van jongens en meiden steeds verder uiteen. Wrang genoeg lijkt dat haaks te staan op wat we weten over jonge jongens. Hoewel wetenschappers nog niet precies begrijpen waarom, wijzen verschillende studies erop dat jongens in de vroege kindertijd gemiddeld genomen gevoeliger en kwetsbaarder zijn dan meisjes. Ze raken sneller van streek, huilen vaker en hebben meer moeite om zichzelf te reguleren. Juist zij hebben in hun ontwikkeling veel nabijheid, troost en fysieke geruststelling nodig. En toch krijgen ze die vaak minder. “Mannen hebben over het algemeen ook minder vriendschappen waarin ze delen hoe het écht met ze gaat”, zegt Jansen.

Lees verder onder de advertentie

Tekst gaat verder onder de podcast

“Ze praten minder over wat hen bezighoudt of waar ze mee worstelen.” Vrouwenvriendschappen kenmerken zich volgens haar vaker door uitgebreide uitwisseling van ook intieme thema’s, waardoor die relaties emotioneel verdiepen. “Jongens zouden moeten leren dat het hele scala aan gevoelens welkom is. Dat woede niet de enige optie is. Dat ze het niet altijd hoeven te weten. Omgaan met teleurstelling, afwijzing en verdriet is essentieel. En weten dat om hulp vragen mag. Niemand hoeft het alleen te doen.”

Lees verder onder de advertentie

Depressief

Het is pijnlijk herkenbaar. Ik merk dat ik mijn dochter sneller vraag wat er aan de hand is als ze verdrietig lijkt. Bij mijn zoon schiet ik eerder in oplossingen. Laatst zei ik, toen hij een baaldag had: “Kom op, schouders eronder.” Zonder dat ik het zelf doorheb, geef ik mijn dochter meer ruimte voor haar gevoelens dan mijn zoon. Wat het extra ongemakkelijk maakt, is dat onderzoek steeds opnieuw hetzelfde patroon laat zien: hoe sterker jongens en mannen zich conformeren aan traditionele mannelijkheidsidealen, hoe groter de kans dat ze vastlopen. Op school, in risicogedrag, in depressieve klachten of zelfs suïcidaliteit. Tegelijkertijd wordt de kans kleiner dat zij hulp of zorg zoeken. Het wringt dat juist dat gedrag eerst wordt aangeleerd, genormaliseerd en vaak zelfs beloond, om er later van te schrikken. De Britse journalist Ruth Whippman schreef vorig jaar al in haar boek BoyMom: reimagining boyhood in the age of impossible masculinity over dit onderwerp: ‘De meeste populaire feministische teksten richten zich vooral op hoe jongens en mannen profiteren van het patriarchaat en minder op hoe zij erdoor geschaad worden, wat ze verliezen op het gebied van zorg en koestering, emotie en verbinding. Hier aandacht voor hebben, en tegen strijden, hoeft niet af te leiden van aandacht voor alle mogelijke manieren waarop meisjes en vrouwen gebukt gaan onder datzelfde patriarchaat: we zitten allemaal gevangen in hetzelfde onderdrukkende systeem.’

Hoe meer ik hierover lees en hoor, hoe minder ‘educate your son’ voelt als een opdracht. Het is geen gesprek en geen les. Het zit in wat ik zelf doe, vaak zonder het te merken. En in alles wat mijn zoon ziet wanneer hij zijn telefoon opent, op school zit of televisiekijkt. Misschien zit het probleem wel in het woord your. Alsof het over individuele ouders gaat, terwijl we dit systeem samen in stand houden. Protect our daughters, educate our sons. Niet alleen thuis, maar overal.”

Dit artikel verscheen eerder in Kek Mama – The Next Generation.

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail