zes-seconden-zoenen-goed-relatie

Uit onderzoek blijkt dat minstens twintig procent van de stellen vaak meer dan een week niet met elkaar zoent, simpelweg omdat ze het te druk hebben. En da’s zonde, want met al zes seconden zoenen per dag voel je minder stress en krijgt je relatie een megaboost.

En dan zorgt dat gezoen bovendien ook nog eens voor minder ruzie en meer begrip voor elkaar.


Waarom zes seconden?

Dat legt relatiedeskundige Paulien Timmer uit: ‘Een zoen korter dan zes seconden is al voorbij voordat je hersenen het kunnen registreren en alle fijn voelende hormonen door je lichaam vliegen – alsof het nooit is gebeurd. Een zoen van meer dan zes seconden zorgt ervoor dat je de ander echt even voelt. Het is een zoen met potentie, zoals een onderzoeker het omschreef.’ En nee, die potentie hoef je niet waar te maken (dan wordt het ook knap lastig om het bij zes seconden te houden), vervolgt Paulien. ‘Het gaat er vooral om dat je de zoen, en je partner, helemaal voelt.

 

Zes uur per week

Toen Paulien Timmer als studente de man van haar leven tegen het lijf liep, werd ze gegrepen door het fenomeen: hoe blijf je samen gelukkig? Intussen is Paulien gelukkig getrouwd met diezelfde meneer en een ware relatie-expert. Ze interviewde honderd stellen die meer dan veertig jaar samen zijn en schreef er het boek Lang + Gelukkig over. Met mooie verhalen en vooral veel fijne raad over hoe je dat nou doet, een leven lang verliefd zijn. Want dat kan, zegt Paulien. Ze volgde een opleiding bij John Gottman, een Amerikaanse psycholoog die al meer dan veertig jaar relaties onderzoekt. Als enige in Nederland geeft ze sinds kort zijn training. Dat gelukkig samen zijn kan al door zes uur per week te investeren.

 

Het stappenplan

 

ELKE OCHTEND
6 SECONDEN ZOENEN & 10 SECONDEN KNUFFELEN
Paulien: “Voor of na het ontbijt, met of zonder tong, doe het, het is fijn en het werkt.”

5 MINUTEN: WAT DOE JE VANDAAG?
“Vraag elkaar wat de ander die dag gaat doen. Waar je tegenop ziet of juist zin in hebt. Het is een heel eenvoudig ritueel. Een simpele manier om elkaar te blijven vinden in tijden van drukte.”

 

ELKE AVOND
20 MINUTEN SAMEN BIJKLETSEN
“Zoek elkaar als eerste op als je weer thuiskomt. Veel koppels begroeten de kinderen uitgebreid en als ze elkaar zien is het: ‘Hé, heb je die rekening al betaald?’ Het is belangrijk elkaar eerst een kus te geven, dan komt de rest. En dan heb je nog een, zoals John Gottman dat noemt, ‘stressreducerend gesprek’. Je komt terug op dat ene ding dat je ’s ochtends hebt besproken, gaat door de highlights van de dag. Klaagt wat over zaken die tegenvielen. Troost elkaar als dat nodig is, lacht om maffe voorvallen. Een van de koppels uit mijn boek had dat gesprek tijdens hetkoken terwijl de kinderen tv keken. Weer anderen praatten na het eten als de kinderen nog wat speelden. En anders kan zo’n  gesprek ook gewoon ’s avonds op de bank als het spul in bed ligt.

 

Eerste plaats

"Wat ik keer op keer heb gehoord bij die tientallen echtparen die ik sprak: zet alsjeblieft je relatie op nummer één. Trek je niets aan van mensen die zeggen dat je je kinderen op de eerste plaats moet zetten. Het is juist het beste voor je kroost. Ik wil mensen niet bang maken, want een relatie heeft altijd ongelukkige fasen, maar het mooiste cadeau dat je je kind kunt geven, is een gelukkig huwelijk hebben. Een vrouw die ik sprak zei: ‘Mijn man kwam altijd op de laatste plaats en ik dacht ‘hij begrijpt het wel’.’ Maar ze vroeg zich uiteindelijk af waarom ze hem zo laag zette en besloot hem op de eerste plaats te zetten, wat hij omgekeerd al uit zichzelf deed. En niet dat ze nou zoveel meer tijd aan hem  besteedde, maar ze belde hem overdag even. Begroette hem blij als hij thuiskwam. Hun hele leven veranderde. De kinderen werden relaxter, want zij zat er eerst teveel bovenop. En ze kreeg zelf meer energie."

 

Bedanken

"Elkaar bedanken doet ook wonderen voor je relatie. Dat kun je mooi in zo’n dagelijks gesprek doen, of tussen de bedrijven door natuurlijk. Het is makkelijk en het werkt als een trein. Wat fijn dat jij de kinderbroodtrommels al hebt gesmeerd. Lekker die thee. Heel simpel en je gaat er echt gelukkiger van worden omdat je je allebei meer gewaardeerd voelt en zelfs je herinneringen gelukkiger worden.”

 

1 KEER PER WEEK
2 UUR DATEN
“En dat kan ook gewoon thuis als de kinderen liggen te pitten. Hoofdzaak: je mag het niet over de kinderen hebben en niet over praktische zaken. Het gaat om zielsvragen als ‘Waar maak je je zorgen over?’ ‘Wat is nu je grootste wens?’ Of: ‘Wat zijn de drie meest speciale momenten van je leven?’ Je verandert allebei steeds, dus is het goed elkaar te blijven bevragen en nieuwsgierig te blijven. Een van de stellen uit mijn boek sliep voor zo’n avond afzonderlijk om de beurt een uur terwijl de ander op de kinderen paste. Dan legden ze de kinderen op bed en hadden ze een avond samen terwijl ze allebei redelijk uitgerust waren."

 

Moeilijke tijden

"De stellen die ik sprak die echt nog gelukkig waren met elkaar, waren bereid samen en ieder voor zich te groeien. Zoals Henk die zei: ‘Als iets van de ander je nog irriteert, heb je je er niet genoeg in verdiept.’ En dat na veertig jaar huwelijk, mooi vind ik dat. Bijna alle stellen hebben moeilijke tijden meegemaakt. Periodes waarin ze overwogen te scheiden, waarin ze volledig langs elkaar heen leefden. Maar ze wisten zeker: we blijven bij elkaar, we geven niet op. Dat scheelt al een deel van de stress. Natuurlijk zijn er factoren die het echt onmogelijk kunnen maken samen te blijven. Stelselmatig vreemdgaan, verslaving, mishandeling. Maar vaak hoor je: ‘het gevoel is op’ of ‘we zijn uit elkaar gegroeid’. Dat zijn geen goede redenen, gevoel kun je weer terugkrijgen. En je kunt weer naar elkaar toe groeien."

 

Geloven in groei

"Er zijn mensen die in het lot geloven en mensen die in groei geloven. Mensen die geloven in het lot, geloven in de ware. Er is één persoon die bij je past en dat zal voor altijd goed gaan. Degenen die in groei geloven, vinden dat je door problemen samen juist sterker wordt. Dat je relatie mooier wordt en dat je de ware een beetje creëert. Het is nooit helemaal zwart-wit, maar ik denk dat veel mensen dat lot-geloof hebben. ‘Het is goed, dus je hoeft er niet aan te werken.’ En dan valt het tegen als het moeilijk wordt. Een huwelijk is misschien wel het moeilijkste dat je ooit zal doen in je leven. Het komt zo dichtbij, is een spiegel van jezelf en het brengt zoveel shit naar boven van vroeger. En net zoals gezondheid niet betekent: afwezigheid van ziekte, zo is een goede relatie niet de afwezigheid van problemen. Het gaat om de manier waarop je met problemen omgaat.”

 

1 KEER PER WEEK
1 UUR PRATEN
“Het zogenaamde State of the Union-gesprek: hoe staat het met je relatie? Hierin bespreek je dingen die je allebei moeilijk vindt. ‘Ik merkte dat je teruggetrokken was deze week. Is er iets, kan ik je ergens mee helpen?’ Of: ‘Ik heb me afgelopen dinsdag kapot geërgerd aan je.’ Maar zeg het vooral niet op die manier. Handig om eerst iets positiefs te zeggen en altijd vanuit jezelf te praten: ‘Ik had er last van dat je afgelopen dinsdag et cetera.’ En erken je eigen aandeel: ‘Ik was hondsmoe dus ik was misschien wat sneller geïrriteerd.’ Zo’n gesprek is niet makkelijk, het vraagt veel beheersing. En ook respect en geduld voor elkaar. Het fijne is wel dat je lastige onderwerpen kunt bewaren voor dat State of the Union-gesprek dus je hoeft elkaar de rest van de week niet lastig te vallen met negatief gedoe.

 

Vier valkuilen

De vier bekende valkuilen zijn: kritiek, in de verdediging schieten, een muur optrekken en minachting. Met kritiek bedoel ik dingen als: ‘Je zet ook nóóit het vuilnis buiten.’ Terwijl je ook kunt zeggen: ‘Jammer dat je het vuilnis niet hebt buitengezet.’ Of het gewoon zelf doen omdat je partner waarschijnlijk veel meer andere dingen in huis doet dan jij denkt. Zo doe ik het nu thuis. In de verdediging schieten is dat je je afsluit voor kritiek. Zeggen dat het niet waar is en als het even kan eroverheen gaan met: ‘En jij doet altijd dit.’ Dan sta je tegenover elkaar.

 

Hij is een lamzak

Een muur optrekken, is iets wat tachtig procent van de mannen doet. Het is geen onwil, maar ze raken vaak in paniek bij conflicten. Het helpt als je kunt accepteren dat hij even tot zichzelf moet komen. Met de laatste, minachting – oftewel de ander minder waard vinden – is het goed te beseffen dat wat je denkt niet altijd waar is. Je kunt denken: hij doet nooit wat en hij is een lamzak. Maar dat hoeft niet waar te zijn. En hoe je denkt, heeft invloed op hoe een ander zich gedraagt. Beter is het om te turnen naar: waar ben ik dankbaar voor, wat vind ik goed van hem? Dat is niet jezelf voor de gek houden, het is simpelweg een andere waarheid. Kost wat moeite, maar dan heb je ook wat. Zo kun je, ook als je partner geen zin heeft in diepgravende relatiegesprekken, op eigen houtje je relatie een andere draai geven omdat je er zelf anders in staat.”

 

Maar wacht, waar is sex in dit stappenplan?

“Dat zit niet in die zes uur. Maar het is wel goed sex te plannen, zeker als je kleine kinderen hebt. Dat vinden mensen suf maar dat is onzin. Toen je aan het daten was, plande je het ook. Je had een date, kleedde je supermooi aan. Eigenlijk bereidde je je voor op sex. Veel stellen uit mijn boek planden het ook. Een koppel ging een keer in de twee maanden een weekend weg en in dat weekend namen ze alle tijd voor sex, masseren, praten. Daar konden ze dan weer twee maanden op teren. Als je nog kleine kinderen hebt, helpt het te accepteren dat het een paar jaar wat minder is. Hou de lange termijn-blik, want het wordt beter, echt. En dat je niet denkt: we hebben amper nog sex, raak me niet aan en blijf uit m’n buurt. Zie sex niet alleen als sex, het is ook verbondenheid. De passie van het begin verdwijnt, daar kun je niks aan doen. Maar passie kan ook uit vriendschap voortkomen. Als je elkaar écht kent, komt daar ook aantrekkingskracht uit voort. Niet de geiligheid van vroeger misschien, wel: ik wil zo dicht mogelijk bij je zijn. Dat doe je voor een deel ook al door die zes seconden zoenen en tien seconden knuffelen bij het ontbijt.”

lachen-om-relatieproblemen

Omdat jij het dopje nooit op de tandpasta draait en hij zijn onderbroeken altijd onder het bed gooit. Om sommige relatieperikelen kun je maar het beste heel hard lachen.

Ze hadden het zo mooi afgesproken en waren het roerend eens: Marit en haar man zouden hun zoon vegetarisch opvoeden.

Marit: “Maar Bodhi was nog geen twee of hij had zijn eerste frikandel al te pakken. Die kreeg hij van papa, in de dierentuin. Ik kreeg er nog een foto van ook. Bijschrift: ‘Vindt-ie lekker joh!’ Ik was furieus.

Wat mijn man naar binnen schuift moet hij zelf weten, maar het getuigt van weinig respect dat hij onze afspraak zo lomp aan zijn laars lapt. ‘Kom op schat,’ zei hij, ‘die frikandel was toch al dood, en onderzoek heeft uitgewezen dat er van alles in die dingen zit, maar weinig vlees.’
 

'Ga maar bij je moeder eten'

Ik kon er niet om lachen. Als wij het goede voorbeeld niet geven, van wie leert hij het dan verantwoordelijk met dieren en het milieu om te gaan? Niet van zijn vader, zoveel is duidelijk. De borden vliegen nog net niet door de kamer, maar het ís voorgekomen dat ik hem naar zijn moeder stuurde om daar aan tafel te schuiven.

Als wat ik kook niet goed genoeg is, gaat-ie maar ergens anders gehaktballen eten. Hij klaagt nooit over wat ik wel kook, maar vooral over wat níet op tafel verschijnt. Koop dan een broodje filet americain tijdens je werkpauze, denk ik dan, of bestel een portie bitterballen in het café. Maar val ons kind er niet mee lastig.”
 

In wc-papier gerolde tampons

Mats (43) baalt dat zijn vrouw al haar troep laat slingeren.

“Ik vind bijna alles lief, leuk en lekker aan mijn vrouw, maar die nachtbeugel met kwijl die structureel op het aanrecht slingert, die hoeft van mij niet. Net als de in wc-papier gerolde tampons op de badrand. Er staat nota bene een prullenbak binnen handbereik. Honderd keer heb ik er wat van gezegd, ik smeerde zelfs een keer mayonaise in die beugel – de kinderen vonden het hilarisch – maar de volgende dag lag hij er weer. Ik ruim het tegenwoordig zelf maar op. Natuurlijk verlaat ik mijn vrouw niet om deze reden, maar er komt een dag dat ik mijn gebruikte wc-papier ook gezellig laat slingeren.”
 

Géén huisdieren

Renate ligt met haar man in de clinch over twee harige huisgenoten.

“Wat waren mijn dochters blij toen ik thuiskwam van een zakenreisje en twee katjes trof. ‘Kijk mam, hoe lief’, kirde de oudste. ‘De grijze is van mij en de zwarte van haar.’ Ik werd niet goed. Zuurstokroze kastelen in de woonkamer, een gang vol wandelwagens, stepjes en kinderfietsjes – ik vind het allemaal prima, maar we hadden één afspraak: geen huisdieren. Ja, een verzorgpony als ze negen en elf zijn, die kost me hooguit een paar stinkende paardrijbroeken per week.

Nu was ik welgeteld twee dagen weggeweest en stelde hij me voor een voldongen feit. De meisjes waren natuurlijk halsoverkop verliefd geworden op die kittens. Ik zou wel de wreedste moeder ter wereld zijn om ze weer af te nemen.
 

Halve kikker als avondeten

‘Je wéét hoe ik hierover denk’, siste ik naar mijn man. Hij moest lachen: ‘Jij vindt ze ook enig, geef nou maar toe.’ Natuurlijk vind ik dat, maar binnen drie dagen wist ik weer waarom ik geen beesten wil. Want wie kan de kattenbak verschonen, elke dag stofzuigen en die beesten voeren? Precies. En dan zwijg ik nog over de ondergekotste dekbedden, onze bank die aan flarden ligt dankzij kattennagels en de half opgegeten kikkers die ze het huis in slepen.

Eén keer heb ik uit wraak zo’n halve kikker aan mijn man geserveerd, bij het avondeten. Die grap doet het nog steeds fantastisch op feesten en partijen, maar de kattenbak heeft hij nog steeds niet verschoond.”
 

'Nee, daar krijg je vieze handen van'

De man van Merel heeft een schoonmaak- en opruimobsessie.

“Niet te zuinig ook. Ik vraag me af hoeveel kinderen lego hebben die twee keer per week in de vaatwasser gaat. De complete Duplo-dierentuin van onze jongste zoon stopt hij in de wasnetjes die bedoeld zijn voor mijn panty’s en beha’s. Mijn vent verdient een medaille voor vindingrijkheid.

Niks mis met schoon speelgoed, zou je zeggen, maar zijn poets- en opruimwoede neemt zulke vormen aan dat het schier onmogelijk wordt in mijn huis te leven. Trek ik mijn ene sneaker aan, word ik een seconde afgeleid door de kinderen, is de andere spontaan verdwenen. Opgeruimd. Heb ik net vijftig euro afgerekend met onze werkster die de keuken een grote beurt heeft gegeven, komt mijn man thuis en gaat het blinkende aanrecht poetsen. Kleertjes die ik klaarleg voor de volgende ochtend: binnen een uur liggen ze alweer keurig in de kast. De brief die ik op de passagiersstoel van de auto leg zodat ik hem niet vergeet op de bus te doen: weg. De lunchtrommels op het aanrecht die ik nog moet vullen, de tas met lege flessen op de deurmat die mee moet naar de supermarkt, het vlees dat ligt te ontdooien: alles wordt neurotisch opgeruimd.

‘Hou nou eens op met dat dwangmatige gedoe!’ gil ik vaak, maar dan kijkt hij me aan of ik gek ben geworden. En zegt: ‘Hallo, wees blij dat ik je help.’ Ha, ik heb liever dat hij de schutting een keertje schildert. Maar dat doet hij niet, want daar krijg je vieze handen van.”
 

Lees ook
Hilarisch: IKEA lost je relatieproblemen op >

 

'Co-ouderschap is stukken duurder, hoor'

Susanne heeft een saai baantje en droomt van een eigen bedrijf. Haar man vindt dat geen goed idee, hij hecht aan financiële zekerheid.

“Nou ja, alsof het ons aan geld ontbreekt, hij verdient heel goed. Ik denk dat hij het gewoon lekker makkelijk vindt, een vrouw met een parttimebaan die er altijd is voor de kinderen. Als ik mijn eigen bedrijf start, zal hij thuis wat vaker de handen uit de mouwen moeten steken. En daar zit hij niet op te wachten. Maar een relatie is geven en nemen.

Zodra mijn jongste naar de middelbare school gaat, ben ik aan de beurt. Dan bedruipen de kinderen zichzelf en kan ik fulltime investeren in mijn bedrijf. Zolang ik daar de gezamenlijke rekening niet voor aanspreek, zie ik geen problemen. Ik zeg niet voor niets tegen die man van me: ‘Co-ouderschap is stukken duurder, hoor.’”
 

Sergeant-majoor

Ginette (35) denkt weleens aan scheiden omdat ze er niet meer tegen kan.

“Ik vond het aanvankelijk wel prima dat mijn man strenger is dan ik. Onze zonen van zeven en negen kunnen wel een consequente aanpak gebruiken. Ik ben nogal een rommelkont, ook in de opvoeding. Ik ontdek vlak voor de voetbaltraining dat ik de tenues nog niet heb gewassen, bedenk om kwart voor zes ’s avonds pas wat we gaan eten, vergeet altijd wanneer het juffendag is en soms liggen de jongens doordeweeks pas om half tien in bed.

Hun vader is het andere uiterste. Eén keer niet luisteren betekent een dag zonder iPad. Kamer niet opgeruimd: geen gameminuten. Hij heeft onze oudste zelfs zijn mond laten spoelen met zeep toen hij brutaal was tegen opa. Hij gedraagt zich als een sergeant-majoor, ik gun ze meer vrijheid en wil dat ze zelf dingen ontdekken.

Er is ook veel wat hun vader en mij bindt, hoor. Maar ik weet niet zeker of onze relatie zijn gedril overleeft. Dat moet echt veranderen.”
 

'Investeer in ervaringen, niet in spullen'

“Ik snak naar een man die van reizen houdt”, zegt Machteld.

Toen ik mijn vriend leerde kennen, deed hij alsof hij al de halve wereld had gezien had en nee, een baby zou heus niets veranderen aan zijn reislust. Nou, in de zes jaar dat we bij elkaar zijn, zijn we exact één keer naar Berlijn geweest. En het geld dat ik maandelijks opzijzet om te sparen voor mijn droomreis naar Zuid-Afrika, geeft hij liever uit aan sterrenrestaurants en dure kleding.

Hij vindt mijn reislust onrealistisch, met een peuter en een tweede kind op komst. Ik heb niks met zijn materialistische levensstijl. ‘Investeer in ervaringen, niet in spullen’, zei mijn vader altijd en dat geef ik mijn kinderen ook met de paplepel mee. Mijn reizen hebben me vele malen meer gebracht dan een paar Dolce & Gabbana-schoenen.”
 

Dit artikel staat in het Kek Mama Liefdesboek 2018.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

mama gaat vreemd Saskia
Beeld: Unsplash

Ze willen voor geen goud hun gezin opbreken, maar hebben wel een minnaar. “Ik zie ons huwelijk als een bedrijf waarin we samen het gezin leiden en waaruit ik af en toe kan ontsnappen met mijn minnaar.”

Saskia (39), getrouwd met Hans, drie kinderen van 14, 11 en 9. Heeft sinds vijf jaar een minnaar: Sydney.

“Ik heb gezworen dat mijn kinderen nooit de pijn van een scheiding hoeven mee te maken. Ik was zelf acht toen mijn ouders uit elkaar gingen en ik vond het de hel. Hans en ik hebben ook geen best huwelijk. Eigenlijk hebben we nooit goed bij elkaar gepast, maar na de geboorte van de jongste zijn we echt uit elkaar gegroeid. Ons huwelijk is een soort wapenstilstand. De ruzies die we vroeger maakten, vinden we nu nutteloos. We praten over de kinderen en het huis, dieper gaat het niet. Ieder heeft zijn eigen vrienden, leeft zijn eigen leven. Als gezin gaan we nog op vakantie en op familiebezoek, meer niet.
 

Meer zit er voorlopig niet in

Liefde vind ik bij mijn minnaar Sydney. Hij is vrijgezel en woont achter ons. We zien elkaar al vijf jaar lang twee keer per week, een paar uurtjes, als de kinderen op school zijn. Meer zit er de komende negen jaar niet in. Ook Hans wil niet scheiden. Hij kan prima leven met onze rolverdeling. Ik werk niet, zorg voor het huishouden en de kinderen, waardoor Hans alle ruimte krijgt carrière te maken.

Of Hans ook vreemdgaat, geen idee. Hij zal heus weleens een schatje hebben als hij op zakenreis is. Hij weet niet dat ik een minnaar heb, ik denk niet dat hij iets vermoedt. Hans heeft me ooit frigide genoemd, waarschijnlijk denkt hij dat seks me koud laat.
 

Lees ook
Mama gaat vreemd: 'Ik wilde zo graag weer eens flirten en zoenen' >

 

'Ons huwelijk is liefdeloos, niet hopeloos'

Mijn vriendinnen vinden dat ik weg moet bij Hans, dat ik aan mezelf moet denken. Maar ons huwelijk is liefdeloos, niet hopeloos. We wonen in een vrijstaand huis, rijden allebei een mooie auto, gaan op wintersport én luxe zomervakanties. De kinderen geven ons genoeg afleiding en liefde. Ik zie ons huwelijk als een bedrijf waarin we samen het gezin leiden en waaruit ik af en toe kan ontsnappen met mijn minnaar.”

Dit verhaal is onderdeel van een interviewserie in Kek Mama 10-2017.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >