Jan Heemskerk

Kek Mama columnist en vader Jan Heemskerk spaart ons niet, en zichzelf nog minder. Hij legt het ons nog één keer uit. Deze maand: niet mutsen.

 

NIET MUTSEN

Mijn vrouw is dol op fietsen. Ik haat fietsen, maar daar gaat het nu niet om. Mijn vrouw is dol op fietsen en neemt onze Willem al sinds de driewielertijd mee op pad. Gevolg: onze Willem is ook gek op fietsen. Of – laat ik me wat nauwkeuriger uitdrukken: hij ervaart fietsen als een volstrekt normale tak van vervoer, desnoods tot afstanden van een kilometer of dertig, in elk geval op en neer naar school. En dat is toch ook al gauw een kilometer of acht.

Wil hij ergens heen, stapt hij gewoon op zijn fiets. Ook als het regent of vriest en hij met blote benen en een dun trainingsjasje van het voetballen komt. Hij komt niet mutsen, zoals zijn broers vroeger, of papa kan rijden met de auto, omdat het vriest of regent. Of te warm is in de zon. Of te ver. Of eng. Ook vloekt hij niet, zoals zijn vader vroeger, elke meter van elke kilometer van elke fietstocht alle duivels van de hel bij elkaar, omdat hij een pesthekel aan fietsen heeft. Willem fietst gewoon, en dat is dat.

Fundament van een goede opvoeding

Bovenstaande is – en ik weet dat ik hier een boude bewering doe – het fundament van een goede opvoeding. Zorgen dat een kind iets zó gewoon vindt, dat het zich nooit afvraagt of je er een mening over kunt hebben. Of je het leuk of vervelend kunt vinden. ‘Gewoon’, dat zijn dingen waar je niet meer over nadenkt.

Hoe krijg je zoiets voor elkaar? Mijn buurvrouw heeft haar hond, Buurman, geleerd tijdens de dagelijkse wandeling zijn tennisbal bij een bepaald bruggetje te laten liggen. Dan kan zij hem pakken. Hij doet dat elke dag en vraagt zich nooit af of hij die bal misschien tien meter eerder, een straat verder of helemaal niet moet laten liggen. Kinderen zijn net honden. Ondergeschikten trouwens ook, maar daarover een ander keertje meer.

Dresseer

Nu weet ik best dat jullie vrouwen enorm van het doodknuffelen en onderhandelen zijn. En denken dat je kind is gebaat met keuzes, uitruilen, gunstige voorwaarden, beloningen en begrip en vergiffenis als het iets niet wil. Ik ben hier om te zeggen: je hebt ongelijk. Je kind is gebaat met duidelijke instructie, een totaal gebrek aan buigzaamheid en een vriendelijke, doch absolute leider. En dat ben jij. Voed op dat kind. Zet het aan zijn huiswerk en laat het niet opstaan voor het klaar is. Dwing het een bijbaantje te nemen. Laat het ieder rommeltje per direct opruimen op straffe van vroeg-naar-bed. Dresseer die hond, ik bedoel dat kind, en je hebt er een leven lang plezier van. En het kind zelf ook. Tegen de tijd dat het de deur uitgaat, is nog het vroeg genoeg voor zelfbeschikking. En zit het in de basis solide in elkaar.

Jan Heemskerk (53) is radiopresentator en tv-maker, theaterkneus en boekenschrijver, maar eerst en vooral vader van drie prachtzoons bij twee vrouwen. Je mag hem natuurlijk altijd mailen: jan@kekmama.nl

blaren kinderen
Beeld: Pixabay

En dan ineens zit er zo’n gemene blaar op de hiel of teen van je kind. Zo pak je dit euvel aan.

Zo ontstaan blaren bij kinderen

Iedereen heeft weleens last van een blaar op z’n voet. Blaren ontstaan als er te veel druk of wrijving op de voet komt (meestal op de hiel of onder de voet). Vaak is een slechtzittende schoen de boosdoener: bijvoorbeeld een nieuwe schoen die nog moet worden ingelopen en in het begin nog knelt. Maar ook te grote schoenen kunnen voor problemen zorgen: doordat de voet steeds schuift in de schoen, ontstaat er wrijving en dus een risico op blaren.

 

Hoe voorkom je blaren?

Blaren voorkom je door te zorgen voor goed passende schoenen. Zoals gezegd: niet te klein en niet te groot. Koop schoenen dus niet ‘op de groei’. Laat je kind nieuwe schoenen rustig inlopen. Eerst een paar uur, dan pas de hele dag.

 

Lees ook
Dit moet je weten over een zonnesteek bij kinderen >

 

Doorprikken of niet?

In principe hoeven blaren niet behandeld te worden. Laat de blaar dus gewoon zitten als je kind er geen last van heeft. Maak ‘m wel goed schoon met water en zeep, spoel dat af en maak alles goed droog met een tissue. Plak er een grote pleister op die de hele blaar bedekt. Er zijn ook speciale blaarpleisters te koop. Deze verzachten de pijn en hebben een vocht absorberende werking.

Heeft je kind wel last van de blaar? Dan kun de blaar doorprikken. Dat doe je zo:

  • Was je handen grondig
     
  • Maak de blaar en de huid eromheen schoon met een huidreinigingsmiddel (bijvoorbeeld jodium)
     
  • Pak een steriele naald en prik de blaar op twee plekken open: in de boven- en onderkant. Duw met een schoon watje of gaasje het vocht uit de blaar. Laat in verband met infectiegevaar de rest van de huid zitten.
     
  • Desinfecteer opnieuw de huid.
     
  • Dek de plek af met een pleister om te voorkomen dat er vuil of bacteriën bij komen.

 

Blaren op vakantie

Door de warmte, het dragen van knellende waterschoentjes en meer/langer lopen dan normaal, kunnen zeker op vakantie ook blaren ontstaan. Handel zoals bovenstaand, en raadpleeg een arts als je het in verband met infectiegevaar niet vertrouwt.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

jaloerse peuter
Beeld: Unsplash

Ja, ook peuters kunnen last hebben van het groene monster. Dit zijn de oorzaken van hun jaloezie en zo ga je daarmee om.

Waarom jaloers?

Niets menselijks is onze peuters vreemd. Dus logischerwijs kunnen ze soms flink jaloers worden. Het is een normale menselijke emotie, net als blijdschap of verdriet. Bovendien zijn peuters nog erg op zichzelf gericht. Empathie ontwikkelt zich meestal pas later, peuters kunnen zich nog moeilijk in een ander verplaatsen en gunnen een ander nog niet echt iets. En dus pakken sommige peuters rustig een nieuwe Barbie af van een vriendinnetje, simpelweg omdat ze die mooi vinden en ook willen hebben. Maar jaloezie bij peuters richt zich vooral op de aandacht van ouders. Of eigenlijk: als die aandacht naar een ander kind gaat, bijvoorbeeld als er een nieuw broertje of zusje wordt geboren. Dan kan er een ware concurrentiestrijd losbarsten.

 

Lees ook
KIND: Zo beleeft een peuter verstoppertje >

 

Zo herken je het

Een peuter die geplaagd wordt door jaloezie om jouw aandacht of liefde zal dat soms letterlijk zeggen: ‘Mijn mama! Afblijven!’ Of ze duwen hun concurrenten weg. Maar er zijn ook kinderen die dit minder duidelijk uiten. Sommige peuters gaan zich ineens lastiger gedragen: ze maken iets stuk, huilen om niets of gooien ineens hun theeserviesje door de kamer. Allemaal tekenen aan de wand die erop kunnen wijzen dat er sprake is van het groene monster.

 

Omgaan met jaloezie

Vermoed je jaloezie bij jouw peuter? Ga het gesprek aan en neem deze gevoelens serieus. Want ook jij bent soms een tikkie jaloers op je buurvrouw die voor de vierde keer dit jaar op vakantie gaat, of op die collega die een week na haar bevalling weer maat 36 had. Benoem het gedrag van je peuter: ‘Ik zie dat je het niet leuk vindt dat een ander met jouw speelgoed speelt/ik jouw zusje de fles geef.’ Dan voelt jouw kind zich al gezien en gehoord. Probeer als het enigszins kan je aandacht goed te verdelen en iets leuks in het vooruitzicht te stellen: ‘Straks maak ik een puzzel met jou.’ En realiseer je dat jaloezie een nuttige emotie is. Zo leert jouw peuter rekening te houden met een ander en dingen te delen. Wijze levenslessen, kortom.

 

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >