Kek Mama-columnist Jan Heemskerk is vader van drie prachtzoons bij twee vrouwen. Hij spaart ons niet, en zichzelf nog minder. Deze maand legt hij nog één keer uit: opgroeien heeft zo z'n voor- en nadelen.

Ik had niet zoveel met de babytijd. Baby’s zijn zo verdomde fragiel en voor een zenuw­lijer als ik is dat een bron van voortdurende zorg. Zijn ze stil, vraag ik me af waarom ze geen geluid maken, huilen ze, ben ik bezorgd dat er iets engs aan de hand is. Zijn ze warm, ben ik bang dat ze overkoken, voelen ze koel, doe ik ze vlug een duffeltje aan.

 

Kleuters

Het wordt een stuk beter, vind ik, als kinde­ren kunnen praten, al is het maar een beetje, zodat ze in ieder geval de basisemoties ‘pijn’, ‘honger’, ‘dorst’ of ‘moe’ kunnen verwoorden. En natuurlijk foutloos ‘papa lief’ kunnen zeggen. Bijkomend voordeel van de net-kunnen-praten-fase is dat ze dan ook nog niet bijzonder mobiel zijn en niet plotseling de straat ophollen, de trap aflazeren dan wel beginnen te grabbelen naar gloeiendhete koekenpannen. Dat heb je dan wel weer met kleuters, die beweeglijkheid, maar daar staat tegenover dat die al een beetje vatbaar zijn voor eenvoudige opdrachten zoals: “Papa is vijf minuten naar de bakker, beweeg je niet en als je gehoorzaam bent, krijg je straks een krentenbol.” Er is toch zeker een kans van één op vier, zou ik zeggen, dat je kleuter rustig blijft zitten spelen en niet, zoals mijn Pieter, op blote voeten via een alternatieve route naar de bakker kuiert, zodat ik hem misloop en hij even later – vredig kauwend op een krentenbol – door het meisje van de bakker wordt thuisgebracht, waar ik al in dolle paniek op zoek ben naar het verloren kind. Kleuters: best leuk, maar fundamen­teel onbetrouwbaar.

 

'Ze vinden alles leuk'

Naarmate ze richting de tien gaan, naderen de meeste kinderen de volmaakte balans tussen dingen kunnen, gehoorzaam luisteren naar opdrachten en héél veel houden van hun ouders. Kinderen van een jaar of acht, negen, vinden alles leuk om te doen, lachen om ieder grapje dat je maakt, en willen nog volop worden geknuffeld. Toptijd. Uitgebreid van genieten en nooit meer vergeten.

 

Bergafwaarts

Want daarna, vrees ik, gaat het bergafwaarts: de kinderen stromen vol met hormonen, krijgen een snor of borsten, zijn het nergens mee eens of willen de hele tijd worstelen om te laten zien hoe sterk ze zijn. Ze schreeuwen en gillen, nemen gasten met brommers mee naar huis, slopen werkelijk alles wat wel of eigenlijk niet kapot kan, in­clusief diverse botten in hun eigen lichaam. Daarna vertrekken ze uit huis, wat meestal voor beide partijen een hele opluchting is.

 

'Je houdt altijd even veel van ze'

En dus stellen we vast dat kinderen tussen de vijf en de tien het leukst zijn, maar dat je wonderlijk genoeg op alle leeftijden even­ veel van je kinderen houdt. Niet voor het eerst bedenk ik hoe schitterend de natuur dat allemaal toch heeft geregeld.

Dit artikel staat in Kek Mama 07-2017

kinderen-met-twee-moeders-of-vaders

Kinderen met homoseksuele ouders groeien even gelukkig, tevreden en goed functionerend op als kinderen uit een gezin met een vader en een moeder. Dat zegt hoogleraar homoseksueel ouderschap Henny Bos.

Door de kinderen te observeren, filmen en vragenlijsten in te laten vullen, zag Bos hoe ze zich gedroegen op school en binnen het gezin. En wat blijkt? Ze voelen zich niet minder gelukkig. Ook vertonen ze niet meer grensoverschrijdend gedrag.

 

'Begrensde acceptatie'

Maar toch kunnen ze volgens de wetenschapper van één ding wel last hebben: de 5 procent die uitgesproken negatief is over homoseksualiteit. Bos: "Er is sprake van een begrensde acceptatie vanuit de maatschappij: enerzijds heb je in Nederland als homo of lesbische vrouw veel vrijheid, maar tegelijkertijd vinden mensen het geregeld vies als twee mannen elkaar zoenen."

 

Lees ook
Vrolijke opvoedtantes Els en Do over opgroeien zonder mannen >

 

'Wie is nou je echte moeder?'

"De samenleving zendt tegenstrijdige boodschappen uit en dat zien we ook terug in ons onderzoek", vervolgt Bos. "Zo krijgt de helft van de kinderen met twee moeders of twee vaders weleens vragen als: wie is nou je echte moeder? Of: mis je dan geen vader?’" Het zou volgens de wetenschapper best kunnen dat kinderen het moeilijk hebben met zulke vragen, maar ouders kunnen hier een belangrijke rol in spelen: "Hoe bereiden zij hun kinderen voor op opmerkingen en reacties vanuit de maatschappij? Ook de zichtbaarheid van andere vergelijkbare gezinnen helpt. Dat kinderen om zich heen zien dat er meer zijn zoals zij."

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >
De juf

Een leerkracht vertelt aan Kek Mama wat ze meemaakt. Deze keer: Juf Annette (41) geeft les aan groep 7.

Dinsdagochtend elf uur, een binnenzwembad op de Veluwe. We zijn met de bovenbouw op kamp. Er zijn maar liefst 75 leerlingen mee. Vorig jaar waren het er vijftig, en toen vond ik al dat het maximum was overschreden. Nu zijn er niet eens meer slaapzalen voor de begeleiders in onze kampeerboerderij. ’s Nachts liggen we met tien leerkrachten en tien ouders op opblaasmatrassen in de ruimte tussen de voordeur en de keuken. Max, de vader van Julia, heeft zich op de plek naast mij weten te wurmen. Hij trakteert me iets te vaak op ongewenste knipoogjes. Gelukkig heb ik een niets onthullende pyjama aan. Maar het slaapt niet lekker.
 

Buikpijn van de spanning

Ik heb al weken buikpijn van de spanning, omdat ik veel verantwoordelijkheden heb. En dan heb ik ook nog de cursus voor bedrijfshulpverlener gevolgd. Wat heeft me bezield? Als dank voor mijn ijver ben ik nu verantwoordelijk voor alle ongelukjes en ongelukken die voorbijkomen.

Ik sta als bhv’er een trapje hoger dan een EHBO’er. Ik kan niet alleen pleisters plakken, tekenbeten behandelen en mitella’s aanleggen, maar ook de stabiele zijligging toepassen, reanimeren en branden blussen.

De andere volwassenen begeleiden gezellig wedstrijden, spelletjes, droppings. Ik zeul erachteraan met mijn EHBO-kist. Gisteren, op dag één, heb ik ontelbaar veel pleisters geplakt, zeven bloedende knieën verbonden, drie hoofdwonden gestelpt en vier teken verwijderd.

Vanochtend viel Elsje (7) uit een boom. Haar enkel zwol op en werd blauw. Een breuk? Ik spoot er een coldspray op. Een van de chauffeurs bracht haar naar de EHBO in de stad.

Ze waren nog niet weg of er klonk gebrul uit de keuken. Keukenhulpje Benjamin (8) had te enthousiast uien gesneden. Uit zijn wijsvinger spoot bloed, het topje lag er bijna af. Ook hij is naar de EHBO. Met een gaasje uit mijn kist.
 

Lees ook
Juf Charlotte (41) wordt gek van de ouders van Fiene >

 

Zwembandjes

Nu zijn we dus in het zwembad. Terwijl zeven leerlingen geen diploma hebben. Die moeten zwembandjes om. Mijn hart slaat een slag over als ik twee paar bandjes aan de kant van het diepe zie liggen. Ik ren naar de badmeester. Samen scannen we de bodem van het bad. Of daar een kind ligt. Dan zie ik de zwemdiplomaloze Hamza en Anouar (beiden 8) van de glijbaan glijden. Zonder zwembandjes. Overspannen roep ik ze naar de kant, sleur ze uit het water en zeg streng: “Of die dingen aan, of ik bind jullie voor de rest van de dag vast op een stoel.”
 

Nog één nacht

Collega Inge belt vanuit het ziekenhuis. Benjamins vinger is gehecht. En Elsjes enkel is niet gebroken, maar wel zwaar gekneusd. Inge brengt ze naar huis. Morgen gaan wij ook. Ik kan niet wachten. Nog één keer douchen onder een lauw, miezerig straaltje. Nog één nacht op mijn slaapmatrasje naast de knipogende Max. Ik snak naar mijn eigen man. En naar mijn eigen bed. En naar een bad van drie uur. En naar de herfstvakantie.


Dit artikel staat in Kek Mama 10-2018.
 

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >