Beeld: Getty
Beeld: Getty

Lieve (30) is moeder van Jan (3) en Dries (1). Ze was gelukkig getrouwd, tot haar man afgelopen Kerstmis totaal onverwachts zijn koffers pakte. Voor Kek Mama schrijft ze over alles wat ze sindsdien doormaakt. Deze week: de eerste verjaardag van zoon Dries, die best confronterend is.

Dinsdagavond gaat de deurbel. Mijn lieve vriendin staat op de stoep om me te komen helpen. Dries ligt al in bed en Jan zit vol verwachting te wachten op wat komen gaat. Ik loop naar zolder en pak uit een verhuisdoos een zak met slingers. Morgen wordt Dries precies 1 jaar. Samen met een opgewonden Jan en mijn vriendin versieren we de kamer. Een lange slinger van de voorkant naar de achterkant, ballonnen en een vlaggenlijn in de tuin. Jan vindt het prachtig en zet de ingepakte cadeaus bij de stoel van zijn kleine broertje.

 

Niet meer dan romantisch idee

Als Jan eindelijk slaapt, overzien mijn vriendin en ik het afgelopen jaar. 365 dagen geleden zat ik met een enorme toeter zenuwachtig tv te kijken in afwachting van mijn geplande keizersnede. Mijn ex en ik wisten allebei dat hij nog geen 24 uur later al ter wereld zou zijn. We hadden de enveloppen al geschreven en opvang voor de aankomende vier weken rond. Zo slecht als we voorbereid waren bij de eerste, zo goed waren we dat nu. Samen konden we de wereld aan. Dat ‘samen’ bleek 7 maanden later niet meer dan een romantisch idee.

 

'Lang zal ze leven' zingen

Reikhalzend had ik bij Jan uitgekeken naar zijn allereerste verjaardag, maar bij Dries was het een ander verhaal. Ik wist dat dit wel eens mijn laatste baby kon zijn. Koesteren wilde ik hem, zo lang mogelijk klein houden, onschuldig en onwetend. Als ik mijn twee jongens de volgende ochtend aan de versierde ontbijttafel zie zitten en Jan met zijn lieve hoge stemmetje ‘Lang zal ze leven’ hoor zingen, voel ik de tranen in mijn ogen. Van verdriet maar ook van geluk. Wat een confronterend moment; mijn lieve kleine Dries heeft nooit één verjaardag samen met zijn ouders gevierd. Het komt harder binnen dan gedacht. Een moment later schrik ik op door het gelach van beiden: de feestmuts van Dries is tot over zijn ogen gezakt. Wat een mooi stel, en wat fijn dat ik met hen samen ben op deze mooie dag.

 

Trots op dit gezin

De hele dag stromen de felicitaties binnen, vrienden en familie komen langs voor een gebakje, en kleine Dries is het stralende middelpunt. Hij geniet zichtbaar. En ik ook. Want hoe anders ik me het ook had voorgesteld een jaar geleden, ik mag én kan apetrots zijn. Trots op dit gezin dat helemaal van mij is. En ook al ontbreekt er een papa, een gezin zijn we zeker. Met ons drieën kunnen wij de wereld aan en kijk ik nu al uit naar volgend jaar, want wie weet zitten we er dan nóg wel fijner bij dan nu.

Mariette Middelbeek uitspraken
Beeld: Getty

Mariette zei ooit best coherente dingen, maar sinds ze kinderen heeft, is dat wel voorbij. 16 dingen waarvan je niet dacht dat je ze ooit zou zeggen.

Ooit, in een prekindertijdperk, was ik best normaal, vond ik zelf. Niet dat alles wat ik zei nou meteen relevant was voor – ik noem maar wat – de wereldvrede, maar er was nog wel enige logica in te ontdekken. Nu niet meer. Nu heb ik twee kinderen en zeg ik zonder knipperen heel vreemde dingen. ‘Lieverd, een soepstengel is geen kikker’, probeerde ik Casper dit weekend bijvoorbeeld uit te leggen.
 

Misverstand

Het bleek hier te gaan om een hardnekkig misverstand, want ik moest deze zin een keer of twintig herhalen, voordat hij eindelijk begon door te krijgen dat er toch wel degelijk verschil zit tussen die twee. Tegen die tijd dachten de buren – we waren in de tuin – waarschijnlijk dat ik iets te diep in het roséglas had gekeken dan wel rijp was voor het gesticht. Ikzelf kijk al niet eens meer op van dit soort uitspraken, ik kraam tegenwoordig nogal veel dingen uit waarvan ik nooit had gedacht dat ik ze ooit zou zeggen. Zoals dit: 

  1.  ‘Nou dag bruggetje, lekker slapen!’ (En dan zwaai ik er ook nog bij. Gewoon op straat.) 
     
  2. ‘Waarom heb je eigenlijk een slipper in je mond?’ 
     
  3. ‘Wil je geen politieauto tegen de muur smijten, alsjeblieft?’ 
     
  4. ‘Kom, pak je bouwhelm, dan gaan we naar de supermarkt.’ (Casper verlaat het huis liever niet zonder zijn blauwe Gamma-helm.) 
     
  5. ‘Je mag best een onderbroek op je hoofd, maar liever niet op straat.’ 
     
  6. ‘Niet slaan met een vliegtuig! En ook niet met een trekker!’ 
     
  7. ‘Wat had ik gezegd over eten uit de vuilnisbak?!’ 
     
  8. ‘Kijk, hier is je mokaat!’ (Nee, ik zou geen peutertaal gaan praten tegen mijn kind. Ik niet. Ook niet als ik mokaat heel schattig zou vinden en ik het niet over mijn hart kon verkrijgen hem uit te leggen dat zo’n ding eigenlijk tomaat heet.) 
     
  9. ‘De iPad is moe. Leg de iPad maar onder een deken.’ 
     
  10. ‘Heb jij de boer gezien die hoort bij dat dansende varken met dat rokje aan?’ (En dan weet mijn man dus ook gewoon wat ik bedoel.) 
     
  11. ‘Je kunt een lantaarnpaal niet opeten.’ 
     
  12. ‘Kom, dan gaan we tandenpoetsen met de aap.’ (Niet dat het helpt: zelfs de supersonische apen-tandenborstel voorkomt niet het geschreeuw dat doet vermoeden dat ik Caspers tanden poets met een kettingzaag.) 
     
  13. ‘Wil je niet aan het oor van de hond likken, alsjeblieft?’ 
     
  14. ‘Waarom ligt de afstandsbediening in de wc?’ 
     
  15. ‘Als je nu ophoudt met gillen, krijg je een kindersurprise-ei.’  (Ik nam me ooit voor ongevoelig te worden voor peutergezeur en -gegil. Het is mislukt.) 
     
  16. ‘Ik snap wel dat je boos bent, maar ik probeerde alleen maar je leven te redden.’

 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

kind vertelt niet gepest
Beeld: Unsplash

Veel ouders denken 'het wel aan hun kind te merken' of gaan ervan uit dat hun kind het zelf wel vertelt als hij gepest wordt. Maar nieuw onderzoek wijst uit dat kinderen niet alleen vaker gepest worden dan gedacht, maar het ook vaak aan niemand vertellen.

De nieuwe cijfers die RTL Nieuws publiceerde zijn schokkend: Dertig procent van alle kinderen wordt weleens gepest. Eén op de 14 kinderen is zelfs meerdere keren het slachtoffer van pestgedrag. Van alle gepeste kinderen geeft 1 op de 3 aan nooit aan iemand - niet thuis, niet aan een docent en niet aan een vriendje - te hebben verteld dat ze worden gepest. Dat blijkt uit onderzoek van vijf universiteiten en het Trimbos Instituut.

 

Verborgen houden

Hoofdonderzoeker Bram Orobio de Castro vertelt aan RTL Nieuws geschrokken te zijn van het hoge percentage kinderen dat het pesten voor alles en iedereen verzwijgt. 'We dachten dat het aantal kinderen dat gepest wordt in de praktijk wat groter zou zijn, maar dat het op deze schaal was, daar waren we van onder de indruk.' Volgens de onderzoeker houden kinderen het pesten verborgen omdat ze vrezen voor de gevolgen: 'Ze zijn vaak bang dat volwassenen niet goed met die informatie omgaan. Dat ze het aan iedereen vertellen. Of dat je de reputatie van huilebalk krijgt, omdat je bij volwassenen geklaagd hebt.' Daarnaast speelt schaamte een rol: veel kinderen denken ten onrechte dat het hun eigen schuld is dat ze worden gepest.

 

Lees ook
PERSOONLIJK: Column Anke: Pesten >

 

In vertrouwen

Sinds 2015 zijn scholen wettelijk verplicht om ieder jaar te monitoren of de leerlingen zich veilig voelen op school. Het tegengaan van pesten valt ook onder deze plicht. In hun onderzoek vroegen de onderzoekers kinderen zelf naar pesten en gepest worden. 79 procent van de gepeste kinderen zei dat het pesten al meerdere schooljaren duurde. 'Dat geeft aan dat de kinderen zelf bevragen essentieel is om pestgedrag op scholen in kaart te brengen,' aldus hoogleraar Orobio de Castro. Volgens hem moeten docenten in gesprek met leerlingen om erachter te komen wat er echt onderling speelt: 'Als je het niet aan de kinderen die gepest worden in vertrouwen vraagt of ze gepest worden, dan kun je er dus heel ver naast zitten.'

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >