Katelijne (29) had het zich zo mooi voorgesteld: een relaxte moeder, een kraaiende baby. Dat valt tegen met een stuiterbal als zoon.

“Mijn leven lang wilde ik jong moeder worden. Ik had een relaxed beeld voor ogen. Hoe we bijvoorbeeld op zondagochtend wakker zouden worden met zijn drieën, hoe de baby nog even rustig tussen ons in zou komen liggen en hoe we daarna ontspannen zouden ontbijten. Maar mijn zoon is helemaal niet rustig, de stress kwam al met de bevalling. Hij werd geboren met stukken huid die loslieten en werd meteen naar de couveuse gebracht. Hij was groot. Het was geen gezicht, mijn lobbes op die afdeling vol te vroeg geborenen, maar ze dachten dat hij een vreselijke huidziekte had waardoor hij bij iedere aanraking pijn zou hebben. Hij lag er onder een nevel van water en ik had moeite het vredige beeld bij te stellen dat ik al die jaren had meegedragen. Ik werkte als leidster in de kinderopvang. Als iemand wist hoe je met kinderen om moest gaan, was ik het. En kijk nu eens, ik was niet eens in staat een gelukkige, kraaiende baby op de wereld te zetten. Die huidziekte bleek mee te vallen, hij mocht al snel naar huis, maar de ongerustheid bleef. Het was of er een alarmknop in mij was omgedraaid, die ik niet meer uit kreeg. In de jaren die volgden ontwikkelde hij allerlei klachten. De loslatende huid bleek het gevolg van een lichte vorm van ichthyosis, dat is vissenschubbenhuid: een extreem droge huid. Maar ook bleef hij onrustig en snel overprikkeld. Toen hij vier was lieten we hem testen en bleek hij op het niveau van een peuter te zitten.”

Het hele verhaal staat in Kek Mama 13-2015. 

In samenwerking met Kek Mama