Gun jij je kind ook levenslang een gezonde en frisse mond? Begin dan zo vroeg mogelijk met het aanleren van een goede mondverzorging. Want jong geleerd is oud gedaan. Met deze tips voorkom je gaatjes en ander tandleed. 

Marieke van Zanten van Mondzorgpraktijk Te Gekke Bekkies  leert kinderen (en ouders) al op jonge leeftijd hoe zij gaatjes en tandvleesproblemen kunnen voorkomen. Dit zijn haar beste tips.

More content below the advertising

1. Tweemaal daags

Zodra het eerste tandje zichtbaar is, moet er gepoetst worden. Tot twee jaar is één keer per dag genoeg. Vanaf twee jaar zowel ’s morgens als ’s avonds goed poetsen. Tot vier á vijf jaar is peuter tandpasta prima, daarna kun je overstappen op junior tandpasta of volwassen tandpasta. De hoeveelheid fluoride is gelijk, de smaak verschilt alleen.

2. Napoetsen maar!

Écht goed je tanden poetsen is best een klus. Kinderen zijn rond hun tiende pas motorisch in staat om zelf hun tanden grondig te verzorgen. Tot die tijd geldt het advies om altijd na te poetsen. Of voor te poetsen, dat kan natuurlijk ook. Heeft je kind alle tandpasta al opgesabbeld? Doe dan voor het napoetsen nog een klein beetje tandpasta op de tandenborstel.

3. Fluoride is een must

Over fluoride gaan de meest wilde verhalen rond: het zou giftig en kankerverwekkend zijn. Maar de hoeveelheid fluoride in tandpasta is zo klein dat je wel heel veel tubes tandpasta per dag moet innemen wil het schadelijk zijn. Fluoride is het enige middel dat gaatjes kan voorkomen en beginnende gaatjes kan stoppen. Tandpasta’s zonder fluoride maken het gebit wel schoon en hebben soms ook een licht antibacteriële werking, maar ze hebben geen effect op de diepste laag van de tandplak. Kinderen die poetsen met fluoridevrije tandpasta krijgen daarom sneller gaatjes.

4. Wel spugen, niet spoelen

Na het poetsen je mond spoelen met water. We doen het bijna allemaal fout. Met water spoel je de tandpasta namelijk weg en zo kan de fluoride zijn werk niet goed doen. Dus: tandpasta uitspugen en de rest lekker laten zitten. Je hoeft ook niet perse in de badkamer boven de wastafel te poetsen, al heeft dat wel de voorkeur omdat je dan in de spiegel goed kunt zien wat je doet. Lekker op de bank voor de televisie met een spuugbekertje ernaast poetsen is ook een optie.

5. Zeven eetmomenten per dag

Zorg voor niet meer dan zeven eet- en drinkmomenten per dag. Na het nuttigen van suikers ( ook fruitsuikers en koolhydraten) gaan de bacteriën in je mond aan het werk om het tandglazuur te herstellen. Ze produceren een zuur dat steeds een beetje tandglazuur oplost. Het speeksel in je mond gaat een half uur na het eten en drinken aan het werk om het beschadigde tandglazuur te herstellen. Hiervoor is anderhalf uur de tijd nodig. Eet (of drink) je in de tussentijd weer iets met suiker, dan heeft het glazuur niet voldoende tijd om zich te herstellen en kunnen gaatjes ontstaan. Probeer eet- en drinkmomenten daarom ook altijd te combineren.

6. Eerst opdrinken, dan spelen

Veel kinderen krijgen één glas limonade per dag. Want: meer is slecht voor de tanden. Maar dan moeten ze dit glas wel in één keer leegdrinken. Nemen ze steeds tussen het spelen door een slokje, dan heb je elke keer een nieuw suikermoment en krijgt het speeksel geen tijd om het tandglazuur te herstellen. Heel verraderlijk dus.

7. Pas op met pyjamapapjes

Er zijn steeds meer peuters met zuigflescariës: ernstig tandbederf door te lang poedermelk of pyjamapapjes te drinken uit de fles. Zodra een kind zijn eerste tandje krijgt, moet je indien mogelijk eigenlijk stoppen met avond- en nachtflessen. De suikers in de melk hebben anders de hele nacht de tijd om het tandglazuur aan te tasten. Iets wat zich vaak pas uit zodra je kind twee jaar is en al meerdere tanden gaatjes hebben. Merk je dat je kind minder wil eten of drinken, moeite krijgt met poetsen of vaak met z’n vingers in de mond zit? Dit kan te maken hebben met het doorbreken van tanden en kiezen, maar het kan ook zijn dat je kind gaatjes heeft. Omdat het tandglazuur nog zo dun is, ontstaan gaatjes bij kleine kinderen razendsnel.

8. Frisdrank no-go voor melkgebit

Cola, Fanta of Ice-Tea: je tanden zijn er niet bepaald dol op. Voor melktanden is het helemaal funest. In koolzuurhoudende dranken zit namelijk suiker én zuur en het glazuur van melktanden kan dit niet aan. Dit geldt ook voor vruchtensappen en Roosvicee, omdat deze naast suikers ook veel zuur bevatten. Af een toe een glaasje is niet meteen dramatisch, maar als je kind iedere dag een glas prik of sap drinkt zie je het tandglazuur bijna oplossen.

9. Tanden wisselen = extra aandacht

De meeste kinderen beginnen rond hun zesde met het wisselen van tanden en rond die leeftijd breken de eerste blijvende kiezen achter het melkgebit door. Een cruciaal moment , want het glazuur van het blijvende gebit is nog niet zo sterk en een gaatje is dus zo gevormd. Daarnaast wordt het poetsen een stuk lastiger met al die ‘gaten’ in de mond. Besteed rond het wisselen daarom extra veel aandacht aan de mondverzorging. Een gaatje in het blijvende gebit kan je kind de rest van zijn leven gemiddeld al snel zo’n 2.500 euro kosten.

10. Ga langs de mondhygiënist

De meeste ouders gaan vaste prik twee keer per jaar met hun kinderen naar de tandarts. Maar waarom zou je niet ook naar de mondhygiënist gaan? Zij zijn gespecialiseerd in preventie, kunnen je tips geven hoe je de mond van je kind gezond kunt houden, helpen met poetsinstructies en je adviseren bij een bewuste keuze wat betreft voeding en dranken. Plus: zwakke plekken in de tanden worden zo op tijd ontdekt. Hoe eerder je begint met preventieve controle, hoe beter. Want slechte gewoontes neem je mee, ook als je van tanden wisselt. Voor een afspraak bij de mondhygiënist heb je geen verwijzing nodig van de tandarts en voor kinderen tot 18 jaar wordt het gewoon vergoed vanuit de basisverzekering. Geen excuses dus om niet te gaan. Kijk voor meer tips en een NVM-mondhygiënist bij jou in de buurt op www.mondhygienisten.nl/consument/jeugd/


 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >