Naomi (30) doet communicatie bij een gemeente en is getrouwd met Youp (33). Samen zijn ze de trotse, soms oververmoeide ouders van tweeling Ties en Evi (3). Verwacht in deze column geen opvoedadviezen, maar wel veel liefde, chaos en herkenbare peuterperikelen uit het leven van een tweelingmoeder. Je kunt haar ook volgen op Instagram: @naomiappelman.
Lees verder onder de advertentie
Groepslesjes met peuters: de sociale druk op een oververmoeide moeder
Ik heb het allemaal geprobeerd met mijn tweeling: babyzwemmen, peutergymmen, peuterdans en nu muziekles. Niet omdat ik er zelf nou zo’n zin in had, maar omdat ik het gevoel had dat het je plicht is als ouder om je kroost nog onder de vier jaar mee te slepen naar allerlei sociale groepjes. Ik neem je even mee in mijn reis, om er uiteindelijk achter te komen dat de lat wel wat lager mag voor mezelf als moeder.
Lees verder onder de advertentie
Niet zinken
Al tijdens mijn zwangerschap begonnen de sociale ouder-kindactiviteiten. Ik begon met zwangerschapszwemmen. Niet per se om andere moeders te ontmoeten, maar omdat ik letterlijk geen enkele andere vorm van beweging kon doen met mijn gigantische buik. Ik takelde mezelf in het water, probeerde een half uur lang niet te zinken, en takelde mezelf er daarna weer uit. Aldaar maakte ik de commitment om met mijn twee baby’s ook te komen babyzwemmen.
Lees verder onder de advertentie
Krijsen, krijsen, krijsen
Dit was gelijk de ergste activiteit die ik met de kids heb gedaan. Ga er maar eens aan staan: in de bloedhitte een baby omkleden terwijl de andere baby standaard ligt te krijsen. Je man die met zeer grote tegenzin meegaat. Lig je in het water, is alles koek en ei, maar dan begint de drama weer als je eruit komt. Janken, krijsen, alles onder pissen (de kinderen, niet ik), natte kleren uit, droge kleren aan proberen te krijgen bij de krijsers. Dan zelf nog in een klein hokje omkleden met diezelfde krijsers. Vervolgens sta je met een burn-out en een bijna-scheiding weer buiten. Na twee keer hebben we letterlijk en figuurlijk de handdoek in de ring gegooid.
Lees verder onder de advertentie
Opgeruimd staat netjes
Even later kwam de peutergym. In een ijskoude gymzaal achter twee peutertjes van twee jaar aanrennen was ook geen aanrader. Kind 1 rent alle kanten op, stopt constant zijn vinger in de putjes in de vloer van de gymzaal, trekt aan de touwen van de trapeze en als je even niet kijkt, stort-ie zichzelf van grote hoogte naar beneden. Kind 2 durft niet te functioneren als ze verder dan twee millimeter bij mij vandaan is en hangt óf aan mijn been, óf ik til haar op. Als je ter afsluiting dan ook nog de hele gymzaal moet opruimen, terwijl dat is wat je de hele dag thuis al doet, ben je er na twee maanden ook wel weer klaar mee.
Lees verder onder de advertentie
Proeven
Toen kwam peuterdansen. Maar liefst drie proeflessen hebben we gedaan. Ik vond het zelf helemaal enig. Ik hoefde niemand om te kleden en ik hoefde ook niks op te ruimen na afloop. Maar kind 1 vond het afschuwelijk en probeerde steeds terug naar huis te vluchten. Kind 2 hing weer jammerend aan m’n been. Na drie proeflessen (want: zouden ze het de volgende keer wél leuk vinden?) was ik er wederom klaar mee.
Lees verder onder de advertentie
Rustig aan
Nu zitten we op muziekles. Met een klein groepje slaan ze elke week een paar keer op een trommel en zingen ze een liedje. Ze vinden het enig. Ik vind het enig. De lat ligt lager en we zijn allemaal blij. En dat lijkt me een goede conclusie voor iedere ouder. Je zit waarschijnlijk nog jaren aan voetbal, dansles en hockey vast. Moet je dan al zoveel op je bordje nemen als ze zo klein zijn? Ik vind inmiddels van niet.
Lees verder onder de advertentie
Benieuwd naar meer avonturen van Naomi en haar tweeling? Je leest haar andere columns hier!
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
‘Daar praten we niet over waar de kinderen bij zijn.’ Geld was vroeger in veel gezinnen ongeveer net zo’n gezellig gespreksonderwerp als de belastingaangifte.
Je vraagt één keer of je kind z’n schoenen wil aantrekken, en vijf minuten later zit-ie nog steeds op de grond met één sok aan en een LEGO-poppetje in z’n hand. Herkenbaar, want jonge kinderen zijn nu eenmaal niet altijd kampioen luisteren. Gelukkig zijn er slimme manieren om ervoor te zorgen dat wat jij zegt […]