Beeld: Pixabay
Beeld: Pixabay

De een lust er wel pap van, de ander vindt twee keer per jaar al teveel. "Als we eenmaal bezig zijn, denk ik: waarom vrijen we niet vaker?"

'Hij slaapt nog, ik bespring hem'

Myrthe (37), woont samen, drie kinderen van 16, 14 en 3. Seksfrequentie: twee, drie keer per week. “Wij doen het meestal in de ochtend, als de kinderen nog slapen. Ik word voor de wekker wakker, mijn vriend ligt nog knock-out en ik bespring hem. Succes verzekerd. ’s Avonds zijn we te moe voor sex. Als ik mijn bed ruik, wil ik slapen. Heel soms plannen we echt een avond in, dan slapen we pas rond vier uur. Ik vind het ook praktischer in de ochtend. Kun je meteen douchen en begin je de dag lekker vrolijk. Maar goed, het gebeurt weleens dat we halverwege horen roepen: ‘MAMA! WAKKER!’ Of dat mijn oudste zoon ineens als een kamerolifant de trap op rent. Dan gaan we vroom op onze telefoons kijken. Gelukkig slapen we op zolder, als er een kind naar boven stormt, hebben we een paar seconden speling.”

 

'Zegt mijn vriend: het wordt weer eens tijd'

Yule (34), woont samen, twee kinderen van 5 en 2. Seksfrequentie: twee, drie keer per maand. “Voor we kinderen kregen, kon ik er geen genoeg van krijgen. Nu zit ik in de fase: laat me alsjeblieft met rust. Slaapgebrek is dodelijk voor je seksleven. Je bent óf uitgeblust óf je kind verstoort de vrijpartij. Als mijn vriend aan de bel trekt dat het weer eens tijd wordt, trek ik een mooi lingeriesetje aan om in de stemming te komen. Eenmaal bezig vind ik het vaak heerlijk en denk ik: waarom doe ik het niet vaker? Sex betekende voor mij genieten van zijn lijf, je verbonden voelen met elkaar, maar ook gewoon platte lust. Ik mis mijn oude ik enorm.”

 

'Kiezen op elkaar en meedeinen'

Joyce (39), getrouwd, tweeling van 3. Seksfrequentie: eens in de zes maanden. “John zou elke dag willen, ik heb zelden zin. Dat wringt. Ik probeer elke avond ver voor John naar bed te gaan en hou me slapende als hij naast me komt liggen. Van de gedachte aan sex word ik al naar. Geen idee waarom, ik ben gewoon nooit een tijger in bed geweest. Niet met John, niet in eerdere relaties. Toen we een kind wilden heb ik een kleine opleving gehad, maar eenmaal zwanger stortte mijn libido weer in. Ik vind sex een overschatte activiteit binnen een relatie. Zoenen, knuffelen en strelen vind ik lekker en intiem genoeg. Helaas is John het niet met mij eens. Hij blijft aandringen, ik blijf hem afwijzen. Pas als hij echt boos wordt, geef ik toe. Kiezen op elkaar, een beetje meedeinen en dan ben ik er voorlopig weer vanaf.”

 

‘Nooit meer een verwassen slaapshirt’

Femke (36), getrouwd, twee kinderen van 17 en 4, seksfrequentie: twee keer per week. “Een jaar geleden vreeën mijn man en ik hooguit eens per maand. Ik heb zo’n druk leven dat ik vergat ook nog vrouw te zijn. In bed droeg ik grote T-shirts en het irriteerde me als mijn man gezellig tegen me aankroop. We hebben hulp gezocht bij een therapeut. Nu ga ik ’s avonds eerst lekker in bad liggen. Ik smeer mezelf in met bodylotion en trek een sexy nachthemdje aan. Ook mijn man is actiever geworden. Hij stuurt me vaker een erotisch appje, neemt bloemen mee en is galanter. Voor ons werkt het. Inmiddels vrijen we soms drie keer op een dag.”

 

‘De slaapkamer is van ons'

Esmeralda (33), getrouwd, twee dochters van 7 en 3, seksfrequentie: twee keer per week. “De ene keer vrijen we een uur, de volgende keer hebben we een vluggertje en soms trekken we er twee, drie uur voor uit. Ook de seksspeeltjes wisselen we af. Soms geen, soms één, soms meerdere. Die speeltjes liggen veilig opgeborgen in de kledingkast, mijn favoriet verstop ik in mijn nachtkastje. Tot nog toe hebben onze meiden ze niet gevonden. We willen ook niet dat ze zomaar in onze slaapkamer komen. Niet dat ik geheimzinnig wil doen over sex, hoor. Ik wil er later vrij met ze over praten. Zelf ben ik ook zo opgevoed. Mijn moeder kocht op de Huishoudbeurs mijn eerste vibrator.”

 

‘We pakken ’s ochtends ons momentje’

Karin (47), woont samen, drie kinderen van 18, 16 en 7, seksfrequentie: twee, drie keer per week. “Michel en ik wonen sinds een halfjaar samen. Daarvoor kwam hij eens per week langs en hadden we urenlang sex als mijn zoontje sliep. Nu we samenwonen, zijn Michels dochters ook bij ons ingetrokken. Zij hangen ’s avonds op de bank, dan komt er niks van vrijen. Michel maakt me soms wakker als ik al slaap en we proberen ’s ochtends vroeg vaak een momentje te pakken. Omdat we pas kort samenwonen hebben we weinig nodig om het leuk te maken. Tijd vinden om sex te hebben is al spannend genoeg.”

 

'Dat kun je een peuter niet aandoen'

Daphne (28), getrouwd, dochter van 3, seksfrequentie: twee keer per maand. “Er slaapt een peutermeisje op onze slaapkamer. Dat komt omdat we geen kamertje voor Liv hebben in ons huis. Toen we nog een baby was, hadden Jasper en ik gewoon sex. Het was misschien een beetje gênant als ze wakker werd als ik net hijgend bovenop zat, maar een speentje was genoeg om haar weer in slaap te krijgen. Nu Liv ouder is, wil ik absoluut niet dat ze geconfronteerd wordt met de hobby van haar ouders. We hebben voor de veiligheid een laken opgehangen tussen de bedden, maar toch. Als we het al doen ben ik muisstil en lig ik vooral te luisteren of zij niet wakker wordt. Niet echt goed voor de passie.”

 

'Woensdag, 23:00 uur, 'goed gesprek''

Bianca (31), getrouwd, drie kinderen van 9, 7 en 5, seksfrequentie: een keer per week. “Als ik sex niet inplan in de gezinsagenda, komt het er niet van. Mijn man werkt onregelmatig, heeft nachtdiensten en sport twee keer in de week. Sex is vaak de sluitpost. Het klinkt misschien een beetje zakelijk om sex op de familieplanner te zetten, maar voor ons werkt het. Elke zondag maken we een weekschema en overleggen mijn man en ik over een geschikt moment. ‘Goed gesprek voeren’ schrijven we dan bij woensdag. Ha!”

Dit artikel staat in Kek Mama 06-2017.

Bekijk nu ons Slaapkamerstress-filmpje. Wij vinden ‘m hilarisch.


scheiden of blijven vreemdgaan
Beeld: Shutterstock

Je hebt het eindeloos geprobeerd. Alle voors en tegens afgewogen, tientallen keren gepraat met elkaar, en misschien zelfs wel relatietherapie gevolgd. Als de onrust en onvrede in je relatie aanhouden, wat doe je dan? Scheiden of blijven?

De man van José (38) had haar bezworen nooit meer vreemd te gaan. Ze leidden een gelukkig gezinsleven met hun zoon (9) en dochter (5), toen ze op een dag rare, lichamelijke klachten kreeg. “Ik had wat pijnlijke wondjes rond mijn vagina, de dag voor mijn verjaardag. ‘Zeker gesneden tijdens het scheren’, gokte ik, en ik besteedde er verder geen aandacht aan. De volgende dag zou ik een tuinfeest geven. Mijn jurk hing klaar, de champagne was besteld, en stiekem was ik nieuwsgierig naar het cadeau dat Huib voor me geregeld had. Voor het eerst ooit hadden de kinderen en hij daar niks over losgelaten.

Wat zijn cadeau was, werd me de volgende ochtend op mijn verjaardag pijnlijk duidelijk. Ik had koorts, voelde me vreselijk lamlendig, en de wondjes waren er meer geworden. Pijnlijker. ‘Heb ik weer’, somberde ik, ‘een huidinfectie op mijn eigen feest.’ Misschien kon de huisarts het met een zalfje of kuurtje weg toveren. Ik kon hetzelfde uur nog terecht.

 

Soa zonder twijfel

‘Is het mogelijk dat je een soa hebt?’, vroeg de dokter toen ik wat ongemakkelijk op de behandeltafel lag. ‘Onmogelijk’, antwoordde ik. Huib en ik waren al twaalf jaar samen, en na zijn affaire van een jaar geleden, had hij me bezworen nooit meer vreemd te gaan. Ik geloofde hem. Ik voelde het. Hij was destijds alleen maar vreemdgegaan doordat ik in een depressie zat en er met mij geen land te bezeilen viel. Nu ging het fantastisch. Met mij, maar bovenal: tussen ons. We hadden lol, vreeën de sterren van de hemel, en waren simpelweg dolgelukkig met z’n vieren.

‘Ik vind het heel rot voor je, maar ik kan er niks anders van maken’, sprak de huisarts: ‘Dit is zonder twijfel herpes.’

Hérpes? Ik dacht dat ik flauwviel. Het virus waart soms al jaren in je lichaam en komt pas veel later tot uitbraak, legde ze nog uit. En het was niet het einde van de wereld, want de meeste mensen hebben er na de eerste uitbraak nog zelden last van. Het gros van de volwassenen zou het virus bij zich dragen. En bovendien verliep alleen zo’n eerste aanval, een ‘primo’, zo heftig. Lief bedoeld, al dat sussen, maar het stelde me niet gerust. Zeker niet toen ze toevoegde: ‘Maar bij een ‘primo’ als deze is het niet waarschijnlijk dat de besmetting jaren geleden heeft plaatsgevonden. Dit moet ergens tussen de twee en tien dagen geleden gebeurd zijn.’

 

Lees ook:
‘Ik kan mijn kinderen niet wéér een scheiding aandoen’ >

 

Wéér vreemdgegaan

Ik voelde de grond onder mijn voeten vandaan zakken. Tussen de twee en tien dagen geleden. Zes dagen geleden was Huib op zakenreis geweest. Ik weerde de conclusie waarvan ik wist dat hij waar was uit mijn gedachten. Hij was wéér vreemdgegaan. En had mij nu niet alleen opgezadeld met de emotionele gevolgen, maar vooral met de lichamelijke. Ik voelde me verminkt voor het leven.

De huisarts nam voor de zekerheid een kweek. Daar kwam een aantal dagen de bevestiging uit: herpes type 2, de genitale variant van de koortslip.

Overstuur vertelde ik Huib over de diagnose. Die vertrok geen spier. ‘Kan niet’, zei hij. ‘Ik heb geen klachten. Dan zul je het dus wel vóór mij opgelopen hebben. Of ben jíj soms vreemdgegaan?’ Dat hij me dát durfde te vragen, maakte me woest. Bovendien: vóór hem? Dat was twaalf jaar geleden. De kans dat het virus zich al die tijd slapende had gehouden en uitgerekend nu – ik was fit, gezond en gelukkig – tot uitbraak kwam, was nihil, volgens de huisarts.

 

Niks, voetbal

Mijn koorts was ondertussen flink opgelopen, en de pijn ondraaglijk. Mijn relatiecrisis daarbij opgeteld, maakte dat ik in mijn hele verjaardagsfeest geen zin meer had. Ik zegde al het bezoek af met een griepexcuus en ondertussen draaiden mijn hersenen op volle toeren: was Huib eerlijk, of loog hij – wederom?

Toen de kinderen die avond sliepen en ik doodziek op de bank lag, vertrok Huib naar voetbal. Dat ik me verdrietig, bang en ellendig voelde, leek hem niet te deren. Zodra hij weg was, opende ik zijn laptop – iets wat ik in al die twaalf jaar nooit in mijn hoofd had gehaald. Hij had niet eens zijn best gedaan het te verbergen. Ze stond bovenin zijn mail: Sophie. De conversatie liep tot maanden terug. Hotelafspraken. Diners. Reisjes. En tot overmaat van ramp: hij was nú naar haar toe.

 

‘Alsof jij iets voorstelt in bed’

Ik wist niet of ik in paniek moest raken of woedend moest zijn. Wat ik wel wist, was dat hij weg moest. Hij had me voor het leven getekend met zijn vreemdgaan; ik tolereerde hem geen seconde meer in onze nabijheid. Online regelde ik een opslagbox, en bestelde een verhuisbusje én een slotenmaker voor de volgende dag. Toen Huib in het holst van de nacht – ‘Derde helft, bier, taxi’ – bij me in bed kroop, ging ik bijna over mijn nek. ‘Ik weet dat je bij Sophie was’, zei ik. ‘Ik weet dus ook dat zíj herpes heeft.’ Huib – beschonken – keerde zich van me af, en zei: ‘Het is niet dat jij iets voorstelt in bed.’

Twaalf jaar relatie en tien jaar huwelijk. Twee prachtige kinderen. Ik pakte mijn dekens op, en vertrok naar de logeerkamer. Terwijl Huib sliep, verzamelde ik zijn belangrijkste spullen in sporttassen. Ik hield me slapende toen hij de volgende ochtend opstond en de kinderen klaar maakte voor school. Twee uur later reed het verhuisbusje voor.

 

Alimentatie

Nu, drie maanden later, zijn we in onderhandeling over het ouderschapsplan. Huib is ermee akkoord dat ik in ons huis blijf wonen. Hij verblijft bij een vriend, zegt hij, maar ik vermoed dat die vriend Sophie heet. Op zondagen haalt hij de kinderen op om iets leuks te doen. Wanneer hij ze ophaalt en weer thuisbrengt, wisselen we geen woord met elkaar. Ik weet niet hoe ik dat ooit nog moet kunnen. Sinds mijn ‘primo’ heb ik nog twee uitbraken gehad, steeds tijdens mijn menstruaties. Ik weet niet of ik ooit nog een man durf te vertrouwen. Wat ik wel zeker weet, is dat die opslagbox de beste beslissing is die ik ooit heb genomen, en dat de dinertjes met Sophie nu opgaan aan zijn alimentatie.”
 

Scheiden of blijven? Lees hier de tips van psycholoog Sandra van Scheijndel.

 

Dit was de laatste aflevering van de serie 'Scheiden of blijven'.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

koud in bed minnaar
Beeld: Unsplash

Zij slaapt naakt, haar man in een shirt en boxershort. Zij wil tegen hem aankruipen, hij blijft op zijn helft van het bed. Zij wil vrijen, hij kijkt liever voetbal. En wat doe je dan? Dan neem je een minnaar. “Ik wil me af en toe begeerd voelen.”

Loué (36): “‘Draai je eens om’, zei Joris toen we elkaar drie maanden kenden. We lagen net in bed, hadden elkaar anderhalve week niet gezien en ik snakte naar een vrijpartij. Ik drukte mijn billen tegen zijn onderlijf, hij sloeg zijn armen om me heen, fluisterde hoe dol hij op me was en viel in een diepe slaap.
 

Teken aan de wand

Ik was verbouwereerd. Als je net verliefd bent, sta je stijf van de hormonen, dan wil je vrijen als je elkaar zo lang niet hebt gezien. Althans, ik. Dit had ik nog nooit meegemaakt. Niet dat ik twijfelde aan zijn gevoelens. Die liet Joris overduidelijk blijken met talloze appjes, liedjes en foto’s en telefoongesprekken voor het slapengaan.

Achteraf was die nacht een teken aan de wand. Joris heeft gewoon geen hoog libido. We hebben twee prachtige kinderen van acht en zes die uit liefde zijn geboren, maar hij kan niks met mijn verlangen naar erotische avonturen en een groots en meeslepend leven. Voor hem is seks zoiets als niezen of krabben als je jeuk hebt. Voor mij is het een manier van verbinding maken en je gevoelens uiten. Ik ben gewoon veel intenser in alles dan Joris, hoeveel hij ook van me houdt.
 

Matchen

Na een jaar verschenen de eerste echte scheurtjes in onze seksuele relatie. Kocht ik sensuele lingerie, dan zei Joris dat hij een voetbalwedstrijd wilde zien. Hadden we een romantisch etentje, dan wilde hij al voor het toetje naar huis. ‘Kijken we lekker tv in bed’, zei hij dan. Dan hoopte ik maar dat het een opwindende film zou worden en koos hij voor Die hard with a vengeance. Ik slaap het liefst naakt, hij in boxershort en T­-shirt. Lekker praktisch als de kinderen wakker worden, zegt hij, maar hij deed het ook al toen we elkaar net kenden. Een spontane vrijpartij in de badkamer, op klaarlichte dag terwijl de kinderen tv kijken: ondenkbaar voor Joris.

Overduidelijk geen match, zou je zeggen, maar er is heel veel wat we wél delen. De opvoeding van de kinderen bijvoorbeeld, waarover we exact hetzelfde denken. We werken allebei fulltime, maar ik heb nooit het gevoel dat ik degene ben die alles thuis moet regelen, we zijn volkomen gelijkwaardig. Joris is hartstikke zorgzaam, kan goed praten over gevoelens, probeert te begrijpen wat me beweegt, en luistert naar me als ik dingen anders wil in onze relatie of ergens mee worstel. Hij heeft een brede interesse en we kunnen samen lachen: hij is mijn beste vriend en soulmate.

Alleen de seks, die matcht dus niet. Zelfs knuffelen gaat hem niet makkelijk af, ook niet met de kinderen. Hij kan alleen slapen als hij op zijn eigen helft van het bed ligt, en het komt niet in hem op een van onze kinderen spontaan op schoot te trekken. Hij is zelf niet zo opgevoed, en bezit die drang ook van nature niet.
 

Vriendschap of liefde

Mijn vriendinnen begrijpen er niks van. ‘Verwar je vriendschap niet met liefde?’, vragen ze als ik mijn frustratie uit. Maar wat ik heb met Joris is zo veel meer dan vriendschap. Het seksuele verlangen ís er ook wel, het is bij mij alleen veel groter dan bij hem. Een puur fysieke kwestie, emotioneel zijn we nauwer verbonden dan de meeste stellen die ik ken.

Gelukkig kunnen Joris en ik er wel over praten. Voor hem voelt het niet goed om te vrijen wanneer hij er geen zin in heeft, en dat respecteer ik. Voor mij is het niet fijn er steeds om te moeten vragen en zo vaak afgewezen te worden. ‘Ik begrijp het als je je heil bij een ander zoekt’, zei hij eens. ‘Ik wil het alleen niet weten.’
 

Marc

Daarom vertel ik hem niets over Marc, die ik een jaar geleden tegenkwam op de datingsite Second Love. Hij heeft een relatie met een vrouw die nooit meer wil vrijen. Ik vind hem lief en aantrekkelijk, maar onze relatie is puur seksueel. Het is niet zo dat Marc en ik alleen in bed liggen, we gaan ook weleens uit eten of naar een tentoonstelling. We noemen het een vriendschap­plus, en zien elkaar zo’n twee keer per maand. We geven elkaar iets wat onze partners ons niet kunnen geven, maar blijven emotioneel gebonden aan onze eigen gezinnen.

Het is vrij makkelijk om Joris te bedriegen. Twee vriendinnen weten van mijn verhouding, en dekken me wanneer ik een date heb met Marc. Soms nemen we een hotel, en zeg ik dat ik bij een vriendin blijf slapen. Bellen doen we niet, appen houden we binnen de perken. Alles om geen argwaan te kweken bij onze partners. Ik heb er trouwens ook niet echt behoefte aan. Ik mis Marc niet als ik hem niet zie. Een date is zoiets als een afspraak met de kapper of de schoonheidsspecialist: een onderhoudsbeurt voor mijn lichaam. Omdat ik er op die manier naar kijk, voel ik me niet echt schuldig.

Joris en ik vrijen nog hooguit eens in de twee maanden, en nooit op de dag dat ik Marc heb gezien. Op een dag met twee mannen vrijen vind ik een nogal onsmakelijke gedachte. Marc en ik vrijen niet veilig; we zijn allebei al jaren samen met onze partners en hebben geen seks met anderen. Er is dus geen reëel risico dat we een soa doorgeven, en een zwangerschap is dankzij mijn spiraaltje niet aan de orde.
 

Lees ook
Verliefd op een schoolpleinvader: 'Ik had al drie jaar een affaire met hem' >

 

Glad ijs

Ik ben me ervan bewust dat ik op glad ijs sta. Niet als het om mijn huwelijk gaat; Joris zou me een affaire uiteindelijk vergeven. Maar er bestaat het risico dat Marc en ik op den duur diepere gevoelens voor elkaar ontwikkelen. Ik ben er niet echt bang voor, maar seks is iets sterks. Al die stofjes die vrijkomen bij het vrijen. Ik voel me heerlijk in de armen van mijn minnaar. Warm, begeerd en veilig. Ik voel me ook veilig bij mijn eigen man, maar in ons bed is het ijs­ en ijskoud.

Ik maak me zorgen over de toekomst. Nu ben ik nog jong en is het niet moeilijk iemand te vinden die me fysieke warmte geeft. Maar de verhouding met Marc heeft niet het eeuwige leven. Zover wil ik het niet laten komen – een relatie met twee mannen tegelijk voelt toch verkeerd. Hypocriet, ik weet het, maar ik vind het nogal een verschil of je je man één jaar of twintig jaar bedriegt. Van kerel naar kerel hoppen is niet iets wat bij me past.

Het is ook de vraag hoelang ik dit volhoud, een huwelijk met een man van wie ik zielsveel hou maar met wie ik nauwelijks een seksuele band heb. Misschien vind ik dat tegen de tijd dat ik vijftig ben helemaal niet meer belangrijk, maar nu lig ik er weleens wakker van. Ook omdat ik mijn man niet wil bedriegen, zelfs al heeft hij er min of meer toestemming voor gegeven. Misschien loopt er wel een vrouw rond met wie hij het net zo fijn kan hebben als met mij en die zelf ook bescheiden seksuele verlangens heeft. Andersom zou niets me gelukkiger maken dan een man als Joris die me ook fysiek de warmte geeft waar ik zo naar verlang. Alleen: ik hou van Joris, en hij van mij. Een relatie betekent altijd concessies doen. De vraag is of ik deze concessie de rest van mijn leven kan volhouden.

Marc worstelt hier niet mee. Onze verhouding heeft niets te maken met zijn huwelijk, zegt hij. Hij snapt niet dat ik er zo’n big deal van maak. Waarom zou het fout zijn wat we doen? Als hij dat zegt kruip ik nog eens extra dicht tegen hem aan. Daarna moet ik het weer weken zonder seks doen en eigenlijk heeft hij ook wel een beetje gelijk.”
 

Dit artikel staat in het Kek Mama Winterboek 2018.


 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >