lachen om relatieproblemen

Omdat jij het dopje nooit op de tandpasta draait en hij zijn onderbroeken altijd onder het bed gooit. Om sommige relatieperikelen kun je maar het beste heel hard lachen.

Ze hadden het zo mooi afgesproken en waren het roerend eens: Marit en haar man zouden hun zoon vegetarisch opvoeden.

Marit: “Maar Bodhi was nog geen twee of hij had zijn eerste frikandel al te pakken. Die kreeg hij van papa, in de dierentuin. Ik kreeg er nog een foto van ook. Bijschrift: ‘Vindt-ie lekker joh!’ Ik was furieus.

Wat mijn man naar binnen schuift moet hij zelf weten, maar het getuigt van weinig respect dat hij onze afspraak zo lomp aan zijn laars lapt. ‘Kom op schat,’ zei hij, ‘die frikandel was toch al dood, en onderzoek heeft uitgewezen dat er van alles in die dingen zit, maar weinig vlees.’
 

'Ga maar bij je moeder eten'

Ik kon er niet om lachen. Als wij het goede voorbeeld niet geven, van wie leert hij het dan verantwoordelijk met dieren en het milieu om te gaan? Niet van zijn vader, zoveel is duidelijk. De borden vliegen nog net niet door de kamer, maar het ís voorgekomen dat ik hem naar zijn moeder stuurde om daar aan tafel te schuiven.

Als wat ik kook niet goed genoeg is, gaat-ie maar ergens anders gehaktballen eten. Hij klaagt nooit over wat ik wel kook, maar vooral over wat níet op tafel verschijnt. Koop dan een broodje filet americain tijdens je werkpauze, denk ik dan, of bestel een portie bitterballen in het café. Maar val ons kind er niet mee lastig.”
 

In wc-papier gerolde tampons

Mats (43) baalt dat zijn vrouw al haar troep laat slingeren.

“Ik vind bijna alles lief, leuk en lekker aan mijn vrouw, maar die nachtbeugel met kwijl die structureel op het aanrecht slingert, die hoeft van mij niet. Net als de in wc-papier gerolde tampons op de badrand. Er staat nota bene een prullenbak binnen handbereik. Honderd keer heb ik er wat van gezegd, ik smeerde zelfs een keer mayonaise in die beugel – de kinderen vonden het hilarisch – maar de volgende dag lag hij er weer. Ik ruim het tegenwoordig zelf maar op. Natuurlijk verlaat ik mijn vrouw niet om deze reden, maar er komt een dag dat ik mijn gebruikte wc-papier ook gezellig laat slingeren.”
 

Géén huisdieren

Renate ligt met haar man in de clinch over twee harige huisgenoten.

“Wat waren mijn dochters blij toen ik thuiskwam van een zakenreisje en twee katjes trof. ‘Kijk mam, hoe lief’, kirde de oudste. ‘De grijze is van mij en de zwarte van haar.’ Ik werd niet goed. Zuurstokroze kastelen in de woonkamer, een gang vol wandelwagens, stepjes en kinderfietsjes – ik vind het allemaal prima, maar we hadden één afspraak: geen huisdieren. Ja, een verzorgpony als ze negen en elf zijn, die kost me hooguit een paar stinkende paardrijbroeken per week.

Nu was ik welgeteld twee dagen weggeweest en stelde hij me voor een voldongen feit. De meisjes waren natuurlijk halsoverkop verliefd geworden op die kittens. Ik zou wel de wreedste moeder ter wereld zijn om ze weer af te nemen.
 

Halve kikker als avondeten

‘Je wéét hoe ik hierover denk’, siste ik naar mijn man. Hij moest lachen: ‘Jij vindt ze ook enig, geef nou maar toe.’ Natuurlijk vind ik dat, maar binnen drie dagen wist ik weer waarom ik geen beesten wil. Want wie kan de kattenbak verschonen, elke dag stofzuigen en die beesten voeren? Precies. En dan zwijg ik nog over de ondergekotste dekbedden, onze bank die aan flarden ligt dankzij kattennagels en de half opgegeten kikkers die ze het huis in slepen.

Eén keer heb ik uit wraak zo’n halve kikker aan mijn man geserveerd, bij het avondeten. Die grap doet het nog steeds fantastisch op feesten en partijen, maar de kattenbak heeft hij nog steeds niet verschoond.”
 

'Nee, daar krijg je vieze handen van'

De man van Merel heeft een schoonmaak- en opruimobsessie.

“Niet te zuinig ook. Ik vraag me af hoeveel kinderen lego hebben die twee keer per week in de vaatwasser gaat. De complete Duplo-dierentuin van onze jongste zoon stopt hij in de wasnetjes die bedoeld zijn voor mijn panty’s en beha’s. Mijn vent verdient een medaille voor vindingrijkheid.

Niks mis met schoon speelgoed, zou je zeggen, maar zijn poets- en opruimwoede neemt zulke vormen aan dat het schier onmogelijk wordt in mijn huis te leven. Trek ik mijn ene sneaker aan, word ik een seconde afgeleid door de kinderen, is de andere spontaan verdwenen. Opgeruimd. Heb ik net vijftig euro afgerekend met onze werkster die de keuken een grote beurt heeft gegeven, komt mijn man thuis en gaat het blinkende aanrecht poetsen. Kleertjes die ik klaarleg voor de volgende ochtend: binnen een uur liggen ze alweer keurig in de kast. De brief die ik op de passagiersstoel van de auto leg zodat ik hem niet vergeet op de bus te doen: weg. De lunchtrommels op het aanrecht die ik nog moet vullen, de tas met lege flessen op de deurmat die mee moet naar de supermarkt, het vlees dat ligt te ontdooien: alles wordt neurotisch opgeruimd.

‘Hou nou eens op met dat dwangmatige gedoe!’ gil ik vaak, maar dan kijkt hij me aan of ik gek ben geworden. En zegt: ‘Hallo, wees blij dat ik je help.’ Ha, ik heb liever dat hij de schutting een keertje schildert. Maar dat doet hij niet, want daar krijg je vieze handen van.”
 

Lees ook
Hilarisch: IKEA lost je relatieproblemen op >

 

'Co-ouderschap is stukken duurder, hoor'

Susanne heeft een saai baantje en droomt van een eigen bedrijf. Haar man vindt dat geen goed idee, hij hecht aan financiële zekerheid.

“Nou ja, alsof het ons aan geld ontbreekt, hij verdient heel goed. Ik denk dat hij het gewoon lekker makkelijk vindt, een vrouw met een parttimebaan die er altijd is voor de kinderen. Als ik mijn eigen bedrijf start, zal hij thuis wat vaker de handen uit de mouwen moeten steken. En daar zit hij niet op te wachten. Maar een relatie is geven en nemen.

Zodra mijn jongste naar de middelbare school gaat, ben ik aan de beurt. Dan bedruipen de kinderen zichzelf en kan ik fulltime investeren in mijn bedrijf. Zolang ik daar de gezamenlijke rekening niet voor aanspreek, zie ik geen problemen. Ik zeg niet voor niets tegen die man van me: ‘Co-ouderschap is stukken duurder, hoor.’”
 

Sergeant-majoor

Ginette (35) denkt weleens aan scheiden omdat ze er niet meer tegen kan.

“Ik vond het aanvankelijk wel prima dat mijn man strenger is dan ik. Onze zonen van zeven en negen kunnen wel een consequente aanpak gebruiken. Ik ben nogal een rommelkont, ook in de opvoeding. Ik ontdek vlak voor de voetbaltraining dat ik de tenues nog niet heb gewassen, bedenk om kwart voor zes ’s avonds pas wat we gaan eten, vergeet altijd wanneer het juffendag is en soms liggen de jongens doordeweeks pas om half tien in bed.

Hun vader is het andere uiterste. Eén keer niet luisteren betekent een dag zonder iPad. Kamer niet opgeruimd: geen gameminuten. Hij heeft onze oudste zelfs zijn mond laten spoelen met zeep toen hij brutaal was tegen opa. Hij gedraagt zich als een sergeant-majoor, ik gun ze meer vrijheid en wil dat ze zelf dingen ontdekken.

Er is ook veel wat hun vader en mij bindt, hoor. Maar ik weet niet zeker of onze relatie zijn gedril overleeft. Dat moet echt veranderen.”
 

'Investeer in ervaringen, niet in spullen'

“Ik snak naar een man die van reizen houdt”, zegt Machteld.

Toen ik mijn vriend leerde kennen, deed hij alsof hij al de halve wereld had gezien had en nee, een baby zou heus niets veranderen aan zijn reislust. Nou, in de zes jaar dat we bij elkaar zijn, zijn we exact één keer naar Berlijn geweest. En het geld dat ik maandelijks opzijzet om te sparen voor mijn droomreis naar Zuid-Afrika, geeft hij liever uit aan sterrenrestaurants en dure kleding.

Hij vindt mijn reislust onrealistisch, met een peuter en een tweede kind op komst. Ik heb niks met zijn materialistische levensstijl. ‘Investeer in ervaringen, niet in spullen’, zei mijn vader altijd en dat geef ik mijn kinderen ook met de paplepel mee. Mijn reizen hebben me vele malen meer gebracht dan een paar Dolce & Gabbana-schoenen.”
 

Dit artikel staat in het Kek Mama Liefdesboek 2018 en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

latten samen oud aparte huizen
Beeld: Unsplash

Het kan raar lopen in het leven. Dan heb je samen kinderen, maar kun je niet bij elkaar wonen. “In het weekend zijn we heel even een gewoon gezin.”

Lisa (29) heeft een latrelatie met Henk (39), ze hebben twee dochters: Jip (5) en Saar (2).

“De Amerikanen zeggen het zo mooi: he is not the marrying type. Ik hoef bij Henk niet aan te komen met romantische fantasieën over een koets, Sissi-jurk en een servies voor de uitzet. Daar doet hij niet aan. Henk is een grote, stoere vent, een echte vrijbuiter met een eigen autosloopbedrijf. Hij heeft graag zijn eigen rotzooi om zich heen, zegt-ie. Hij wil samen oud worden, maar wel in aparte huizen. Zelfs nu we twee kinderen hebben.
 

Het leeuwendeel van de opvoeding

Henk hoefde niet per se kinderen. Hij gunde mij het moederschap, maar dan moest ik wel het leeuwendeel van de opvoeding op me nemen. Ik heb lang gepiekerd hoe ik dat moest aanpakken. Ik run een eigen kapsalon en we wonen op een uur afstand van elkaar. Uiteindelijk werd mijn moeder de oplossing. Na de dood van mijn vader kwam ze bij mij in de straat wonen en zij helpt me nu met de meisjes. Op werkdagen breng ik de kinderen naar school en het kinderdagverblijf. Oma haalt hen op, vouwt wasgoed en maakt het avondeten.

Als ik uit mijn werk kom, eten we samen, daarna gaat zij naar huis en breng ik de kinderen naar bed. Henk probeert de maandag vrij te houden, dan heb ik ook mijn vrije dag. Dan brengen we samen Jip naar school en doen we iets leuks met Saar. Tegen elf uur ’s avonds gaat hij naar zijn eigen huis en dan zien we hem pas vrijdagavond weer, als ik met de kinderen naar hem toekom.

De volgende dag passen mijn schoonouders op, want dan moet ik werken en rijd ik op en neer. Als ik zaterdagmiddag om vijf uur thuiskom, hebben we heel eventjes een echt gezin.
 

Lees ook
'Doordeweeks is papa er altijd, ze hoeft hem dus niet vaak te missen' >


'Ik miste zijn armen om me heen'

Inmiddels kan ik er goed mee leven, maar in het begin vond ik het bar ongezellig. Ik miste de armen van Henk om me heen na een zware werkdag, baalde dat we alleen seks hadden op zaterdagavond en maakte continu ruzie per app omdat ik vond dat hij te laks reageerde op mijn berichtjes. Sinds we elke avond van acht tot negen met elkaar bellen, gaat het beter.

Onze situatie is wel zo rustig, besef ik nu. Henk is een nachtdier, gaat niet voor tweeën naar bed en heeft altijd vrienden over de vloer. Supergezellig, maar zijn tempo is niet vol te houden. Doordeweeks geniet ik daarom extra van de stilte. Als de meiden in bed liggen en Henk en ik hebben gebeld, kijk ik nog even tv en om tien uur ga ik lekker slapen.

Ik moet er alleen niet aan denken dat mijn moeder ooit wegvalt, want dan stort dit kaartenhuis finaal in. Zij is de stabiele factor in ons gezin, die ervoor zorgt dat de meisjes de broodnodige regelmaat krijgen.”
 

Dit verhaal is er één van een interviewserie in het Kek Mama Liefdesboek 2018 en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 


Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

mijn man heeft een hobby

Hij zal maar elke avond op de bank liggen. Of nooit iets doen in het huishouden. Nee, deze mannen zijn werkelijk voorbeeldige vaders en echtgenoten. Alleen: die blóódy hobby.

Toen Job, de man van Annieck (36) een chopper kocht, verheugde ze zich op hele weekends op de motor. Helaas. “Het was een droom van ons beiden, een motor. Maar toen ik zeven jaar geleden zwanger raakte, kon ik mijn motorles wel opdoeken. Job reed af. Zodra de baby oud genoeg was om een nachtje te logeren, konden we hele weekends toeren met mij achterop, fantaseerden we.

Maar met zijn rijbewijs op zak en een kersverse baby rijker, vond Job het rijden toch een beetje tricky. Je bent kwetsbaar, met zoveel PK’s tussen je benen en alleen een laagje leer tussen jou en het asfalt.

Onze tweede zoon werd geboren. En toen die vorig jaar naar de basisschool ging, zag Job zijn kans schoon. Met de kinderen van half negen tot drie onder de pannen, ontvouwde zich voor ons een wereld vol vrijheden. Mogelijkheden tot uitjes. En dus: motorrijden.

 

Hermans Huis

In het plaatselijke suffertje stond een aanbieding voor een chopper. ‘Een Harley-Davidson, cool!´, riep ik. Dat bleek niet helemaal het geval, maar het betrof wel een look-a-like: zwart met veel chroom, een hoog stuur en een zadel dat met gemak ruimte bood aan zelfs uitgedijde versies van ons twee.

Jobs bod werd zonder schroom geaccepteerd, en voordat onze kinderen ‘stoer’ konden zeggen, was onze garage omgebouwd tot Hermans Huis. Geen grap, zo noemt mijn man zijn motor: Herman. Zijn nieuwste vriend door dik en dun, en die sinds de aanschaf op de eerste plek komt – ver voor mij en de kinderen.

In Job is iets wakker geworden wat ik nog niet eerder had gezien, sinds Herman bij ons woont. Was ik degene die in de afgelopen zeven jaar de complete zorg voor het gezin voor mijn rekening nam, als het om de motor gaat geeft Job bijna zijn leven. Hij sleutelt en poetst en geeft gas en poetst nog een keer: in zo’n apparaat gaat heel wat tijd zitten. Meer dan in een gezin met twee enthousiaste testosteronballen, weet ik nu.

 

Lees ook:
Mijn man heeft een hobby: ‘Die vissen kosten ons minimaal 150 euro per maand’ >

 

Job chopt

Het is nu een jaar geleden dat de chopper onderdeel van ons leven werd, en ik ben een grote illusie armer. Het woord ‘chopper’ is niet afgeleid van het sexy chop-chop-chop-geluid wanneer je de motor start, maar van het Engelse woord voor ‘hakken’. Je koopt zo’n ding blijkbaar niet primair om erop te toeren, maar om hem letterlijk uit elkaar te hakken. Wist ik veel.

Dus sta ik alleen langs de lijn bij voetbal. En lees in mijn eentje verhaaltjes voor tijdens kinderbedtijd in de weekends. Zijn moeder heeft Job al maanden niet gezien, en niet bij elk etentje is hij standaard aanwezig. Job chopt. Dag en nacht. Oude rockmuziek uit de speakers in de garage, potje bier – of twee, of drie – ernaast.

We hebben nog niet één keer gereden. Ik vraag me af of het ooit zijn bedoeling is. Dus spaar ik hard voor mijn eigen street fighter, en ben ondertussen halverwege mijn rijlessen. Kan Job over een paar maanden mooi bij de kinderen blijven als ‘ie toch aan het poetsen is; maak ik ondertussen met een vriendin de mooiste dijkroutes van Nederland onveilig.”
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >