mijn man is homoseksueel
Beeld: Shutterstock

Zoenen, knuffelen: dat doen José (39) en haar man Emre als vanouds. Maar seks heeft Emre alleen nog met zijn minnaar.

“Het was misschien ons vierde weekend samen. Amper twintig waren we, en smoorverliefd. De periode waarin je alles mooi en interessant vindt aan elkaar, zelfs de voorgaande sekspartners. We lagen in bed en hadden het ontbijt mee onder de dekens genomen. We lachten en kletsten en vreeën en kletsten weer verder. Natuurlijk hadden we al wel wat gerommeld met anderen, vertelden we allebei aan elkaar. Het was het obligate onderwerp dat toch een keer ter sprake moest komen, en onze exen stonden niet bepaald in rijen dik opgelijnd. Het was een veilig onderwerp.
‘Allemaal vrouwen?’ vroeg ik. Geen idee waarom, ik flapte het er gewoon uit.
‘Nee, ook twee mannen’, antwoordde Emre zonder blikken of blozen.
‘Cool’, zei ik. Dat vond ik echt. Ik was twintig, en niks was gek.
Ik heb nog vaak teruggedacht aan dat gesprek. Had ik er conclusies uit moeten trekken? Had ik beter moeten weten, toen hij me jaren later ten huwelijk vroeg en we vol liefde en overtuiging aan kinderen begonnen?
 

Nauwelijks een stap verder

Ik had weleens gezoend met een meisje. Een keer of drie zelfs. Studentenhumor. We waren dronken, jongens riepen: ‘Zoenen! Zoenen!’ en wij gehoorzaamden, gierend van de lach, en namen nog een drankje. Niks opwindends, niets waardoor ik ooit aan mijn geaardheid ging twijfelen. Die grens is hoe dan ook dun, bij vrouwen. Toch? Je past samen beha’s, gaat samen naar de sauna en de wc, slaapt samen in een tweepersoonsbed tijdens een vakantie. Zo’n kus is nauwelijks een stap verder als je verder allebei overtuigd hetero bent. Het deed me niets.

More content below the advertising

Zo benaderde ik de homoseksuele ervaringen van Emre ook. Dat hij verder was gegaan dan zoenen, tot orale seks aan toe, hield me wel bezig. Het was gebeurd op de kamer van die jongen, nog bij zijn ouders thuis. Niet aangespoord door anderen, niet dronken, maar omdat ze het allebei wilden op dat moment. Heel anders dan mijn situaties, in mijn ogen, maar Emre garandeerde me dat het echt alleen een kwestie was geweest van experimenteren. Híj had weer nog nooit een pilletje geslikt en ik wel. Dat is ook experimenteren met iets wat je nu nooit meer zou doen, wierp hij dan tegen.
 

Onafscheidelijk

Ons seksleven was prima. We vreeën vaak en bevredigend. Emre was altijd erg gericht op mijn genot. Achteraf vraag ik me af of hij het wel echt prettig vond als ik hem aanraakte. Wanneer ik aan voorspel bij hem begon, ging hij meestal het liefst meteen over tot geslachtsgemeenschap. Daar zocht ik destijds niks achter, want zitten de meeste mannen niet zo in elkaar?

Emre en ik waren sinds begin af aan onafscheidelijk. Ik vind hem nog altijd de leukste persoon die er bestaat, en hij vindt dat van mij. Niemand is liever, grappiger, zorgzamer en slimmer dan hij. En hij is een fantastische vader. Hij kijkt nog net zo verliefd naar Max en Mila – nu tien en acht – als toen ze net geboren waren. Was altijd degene die wakker werd wanneer ze ’s nachts huilden. Ging met ze naar het consultatiebureau en rijdt ze nog altijd naar sportclubjes en vrienden wanneer hij niet aan het werk is – en neemt op de terugweg nog bloemen voor mij mee ook.

Niks deed me vermoeden dat hij deels ongelukkig was. Ook wanneer ik terugkijk met de wetenschap die ik nu heb. We bewegen ons nog steeds door het leven als een stel verliefde pubers. Lopen hand in hand, zoenen, knuffelen. Overal en altijd. Maar vrijen doen we al vijf jaar niet meer.
 

Avondje dineren

We zouden een avondje dineren met vrienden. Max en Mila waren vijf en drie, de kinderen van onze vrienden van vergelijkbare leeftijd. We hadden ze vooraf te eten gegeven en gezamenlijk in bed gelegd. Zo deden we het meestal, op dat soort avondjes. Als we naar huis gingen, legden we de kinderen gewoon slapend in de auto, of we haalden ze de volgende ochtend op. Maar die avond wilde geen van de kinderen slapen. Ze bleven naar beneden komen; er viel geen volwassen gesprek te voeren. De mannen waren op dreef. Wilden whisky drinken en muziek draaien zonder gezeur. ‘Weet je wat,’ zei ik, ‘gaan jullie maar lekker genieten, dan gaan wij wel met de kinderen in ons huis zitten. Misschien slapen ze daar wel.’ We woonden een paar straten verderop, het leek een logisch plan.

Het bleek te werken. Eenmaal in hun eigen bedden waren mijn kinderen zo vertrokken, en de kinderen van mijn vrienden volgden gedwee. We trokken een fles wijn open, en nog één, en daarna vertrok mijn vriendin naar huis. ‘Ik stuur Emre wel meteen naar jou’, knipoogde ze toen ze wegging. ‘Die van mij mag nog even aan de bak.’ We moesten lachen. Tien minuten later rinkelde mijn telefoon.
 

Samen in bed

Ze is vast iets vergeten, dacht ik toen ik het telefoonnummer van mijn vriendin op mijn scherm zag. Maar toen ik de trilling in haar stem hoorde, draaide mijn maag zich om. ‘Mijn bed, Jos’, zei ze. ‘Ze lagen in míjn bed. Ze hadden niet eens door dat ik binnenkwam.’ Even dacht ik dat ik het verkeerd begreep. Waren ze misschien dronken in slaap gevallen? Dat zou niet verwonderlijk zijn, met de hoeveelheden whisky die ze al hadden weggewerkt toen wij vertrokken. Mijn vriendin hielp me dezelfde seconde uit de droom. ‘Alles kon ik zien, in volle glorie. Ik schop hem eruit.’

Verbouwereerd hing ik op. Kon dit een dronkenmansactie zijn? Had ze het misschien toch verkeerd geïnterpreteerd? Gezien de plasticiteit van haar verhaal leek dat laatste onwaarschijnlijk. Ik voelde me misselijk en verward. Wat betekende dit voor ons huwelijk? Was dit iets eenmaligs, of al langer aan de gang? Wat móest ik hier in godsnaam mee?
 

Open over zijn gevoelens

Emre kwam pas uren later thuis. Het moet tegen vieren zijn geweest. Ik was inmiddels in alle staten. Eigenlijk begreep ik op dat moment al hoe de vork in de steel zat. Maar misschien had ik het mis, hoopte ik. Hij was een puinhoop. Had gehuild, zijn haar zat door de war. ‘Was het lekker?’ zei ik bits – precies het tegenovergestelde van wat ik eigenlijk wílde zeggen: dat ik hem hoorde en niets liever wilde dan dat hij nu echt eens volledig open zou zijn over zijn gevoelens.

Emre trok een eettafelstoel naar achter, liet zijn hoofd in zijn handen zakken, en huilde. Ik had ontzettend met hem te doen, maar zette me tegelijkertijd schrap voor wat komen ging.
‘Práát met me’, zei ik.
Ik nam hem in mijn armen.
‘Ik hou van je, ik hou van je, ik hou van je’, zei hij.
Ik heb geen idee hoelang we zo gezeten hebben. Maar opeens leek het alsof iemand het me influisterde.
‘Hou je meer van mannen?’ vroeg ik.
‘Fysiek’, antwoordde Emre. ‘Want bovenal hou ik van jou.’
Ik wist dat het waar was.
 

'Hij had iets nodig wat ik hem niet kon geven'

We hebben innig verstrengeld geslapen, die nacht. Het was niet dat hij willens en wetens was vreemdgegaan. Hij had zo lang gevochten tegen zijn gevoel, zo veel gegeven aan mij en de kinderen. Ik kon niet boos zijn. Hij had iets nodig wat ik hem niet kon geven, nooit. Ik voelde me niet gekwetst, wel verdrietig. Dit stond los van mij, van ons, van ons gezin. Dit was een stuk van Emre dat er ook mocht zijn, en het brak mijn hart dat hij zich er al zo lang voor had afgesloten. Tegelijkertijd wist ik ook dat er voor mij geen ruimte was voor dat stuk in een traditionele relatie tussen ons.
 

Lees ook
'Voor ik het wist, zat ik hartstochtelijk met een vrouw te zoenen' >

 

Dronkenmansactie

De vrijpartij met onze vriend was inderdaad een dronkenmansactie, werd in de loop der dagen duidelijk. Onder invloed van de whisky had Emre hem verteld over zijn gevoelens. Dat hij zich seksueel eigenlijk meer aangetrokken voelde tot mannen, maar dat al die tijd had verdrukt. Het was een taboe, in zijn Turkse familie – hoe progressief die ook was. En bovenal wilde hij mij niet kwijt.

Hij had onze vriend verleid, gaf hij toe. Iets wat, zo leerden we later, ons de hele vriendschap zou kosten. Onze vrienden verweten Emre wat er gebeurd was, gingen uit elkaar omdat mijn vriendin niet met de homoseksuele actie van haar man kon leven, en keek mij erop aan dat er voor mij wél ruimte was voor een andere invulling van onze relatie.

We delen twee kinderen. De liefde tussen Emre en mij is onmeetbaar. Die overstijgt het seksuele aspect. Natuurlijk doen zijn gevoelens me pijn en heb ik wel honderd keer getwijfeld of we niet beter uit elkaar kunnen gaan. Maar dit stuk is maar een heel klein onderdeel van wat verder zo ontzettend goed en groots is tussen ons.
 

Intimiteit

Ik schakelde een seksuoloog in en Emre ging zonder morren mee. We onderzochten of er ruimte was voor onze seksualiteit en die van Emre met een andere man, binnen onze relatie. Die was er voor ons beiden niet. Emre wilde mij niet het gevoel geven dat ik niet kan voldoen aan zijn seksuele wensen, en ik wilde hem niet delen.

We zijn nu bijna vijf jaar verder en we hebben nooit meer gemeenschap gehad. Wel is er heel veel intimiteit tussen ons. We gaan nog steeds samen in bad, we kussen elkaar op de mond, we slapen in elkaars armen. We delen een intense liefde voor elkaar en zijn, na de nodige teleurstelling, nog steeds heel gelukkig samen. Maar de seks, die delen we met anderen.

Emre heeft sinds een jaar een partner bij wie hij op zondag altijd slaapt. Ze doen ook leuke dingen samen. Ik heb daaraan moeten wennen, maar zie ook mogelijkheden. Ik heb ook ruimte voor een man in mijn leven. De partner van Emre weet van onze band, en respecteert die. Ik denk dat het voor een toekomstige man in mijn leven misschien moeilijker is te accepteren dat Emre en ik zo intiem samenleven. Het is geen maatschappelijk gangbare constructie.
 

Een heksenketel vol roddel

Toch ben ik gelukkig met hoe we elkaar weten vast te houden. Onze kinderen zijn inmiddels ook op de hoogte van de situatie. Ze willen niet dat het bekend wordt en dat begrijp ik wel. Kinderen onderling zijn hard, en het schoolplein is een heksenketel vol roddel en achterklap. Onze families hebben we nog niet ingelicht, op mijn zus na. Leg maar eens uit aan je ouders van tachtig dat de vader van je kinderen vrijt met een andere man, maar wel zes dagen per week bij jou in bed slaapt. Ze zouden erin blijven.

Voor ons werkt dit, voor nu. Al weet ik niet hoe het loopt als de kinderen ouder zijn en ik een nieuwe man in mijn leven vind. De kans is groot dat Emre ooit zal willen bouwen aan een toekomst alleen met zijn partner, en misschien wil ik tegen die tijd wel hetzelfde met de mijne. Of misschien kopen we wel een grote boerderij en gaan we er met z’n allen wonen. Aan liefde geen gebrek, en hoe rijk zijn onze kleinkinderen later met zo veel grootouders?”
 

Dit artikel staat in Kek Mama 03-2019.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >