Seksuele voorlichting
Beeld: 123RF

Als kleuterzoon Callum vrolijk thuiskomt met een verhaal over het plassertje van Julia, weet Joan Makenbach dat het hoog tijd is voor een goed gesprek.

Ik rijd met vijfjarige Callum van school naar huis en vraag of hij een leuke dag had gehad. Meestal vertelt hij dan trots over de gymles of de nieuwe letters die hij heeft geleerd; deze keer heeft hij een veel spannender verhaal. “Ik heb de plasser van Julia mogen zien, mama”, vertelt hij opgetogen.
 

Voorzichtig doorvragen

Ik schrik me lam, maar probeer zo vrolijk mogelijk te reageren: “Leuk joh.” Om vervolgens voorzichtig door te vragen. Waar werd de plasser geshowd? Wie waren erbij? En nog belangrijker: heb jij je onderbroek ook uitgetrokken? De krantenberichten over de vierjarige kleuter die in 2012 geschorst werd vanwege ongewenste intimiteiten, staan me nog helder voor de geest. Gelukkig, Callum heeft niks onbehoorlijks gedaan. Julia had op het schoolplein Sem beloofd dat hij haar plasser mocht zien op de wc en Callum en zijn vriendje Andreas waren uitgenodigd het tafereel eveneens te aanschouwen. Nee, de jongens waren er niet aangekomen en hadden hun broek gewoon aangehouden. Mijn kind vond het wel raar, zo’n meisjesplasser. “Heel anders dan een piemeltje, mama.”
 

Vergelijkingsmateriaal

De volgende morgen loop ik toch maar even naar zijn juf. Ik vind dat ze van het voorval moet afweten en misschien kan zij mij vertellen hoe ik Doktertje Spelen 2.0 moet interpreteren. Callum is mijn eerste kind, ik heb geen vergelijkingsmateriaal. Is dit gedrag verontrustend? Raar? Juf verblikt of verbloost niet en reageert relaxed: “Geweldig toch dat ze op deze leeftijd zo nieuwsgierig zijn? Ik mag het niet te veel toejuichen, anders heb ik straks 24 kleuters die elkaars piemeltje en vagina gaan bewonderen, maar jeetje, het hoort er wel bij hoor.” Oef. Gelukkig.
 

Constante dialoog

Wel vraagt ze me of ik het al eens met Callum over sex heb gehad. Nee dus. Ik heb mijn geliefde tv-goeroe Dr. Phil weleens horen zeggen dat seksuele opvoeding een constante dialoog zou moeten zijn tussen ouder en kind. Je moet over alles praten. Van de private parts waar niemand tegen je zin aan mag komen tot het verhaal over waar de baby’s vandaan komen. Dat kan Dr. Phil wel zo vrolijk beweren, maar zelf ben ik daar nog helemaal niet aan toe.
 

Baas over eigen lijf

Ik word een beetje ongemakkelijk bij het idee met mijn kleuter over sex te moeten praten. Ik heb hem wel geleerd dat hij de baas is over zijn eigen lijf, dat hij niemand tegen zijn zin een kus hoeft te geven en hij kent het verschil tussen meisjes en jongens. Over bloot doen we thuis ook niet moeilijk. Ik loop in mijn nakie van de badkamer naar de slaapkamer en Callum doucht samen met opa of oma als hij bij ze logeert.

Toen we ons laatst omkleedden in het badhokje van het zwembad, keek hij mij even onderzoekend aan en zei toen: “Ach nee, jij hebt geen piemel”, om zich vervolgens te storten op het opblazen van Minions-bandjes. Ik heb hem nog nooit betrapt op enige interesse in het onderwerp. Hij heeft weleens gevraagd hoe ik aan het litteken op mijn buik kom. Ik heb verteld dat de dokter er een sneetje in heeft gemaakt zodat hij eruit kon komen. Sindsdien denkt hij dat alle baby’s middels een keizersnee worden geboren. Wel zo makkelijk, wat mij betreft.
 

Vroege seksuele opvoeding

Na mijn gesprekje met Callums juf googel ik op ‘sex en kleuters’ en stuit op de boeken van Sanderijn van der Doef Ben jij ook op mij? en een prentenboek voor vier- tot achtjarigen van pedagoog Channah Zwiepen: Wat is seks? Beide schrijfsters pleiten ervoor vroeg te beginnen met seksuele opvoeding.

Baby’s van een maand of vijf schijnen hun eigen geslachtsorganen al te ontdekken en vanaf anderhalf jaar gaan ze doelgericht op zoek naar die fijne plekjes. Ik lees dat de helft van de jongens rond het tiende jaar seksueel getinte spelletjes met elkaar speelt en een derde van de meisjes rond hun achtste met vriendinnetjes. Tien procent van de kinderen onder de twaalf heeft al eens een orgasme gehad. Volgens de deskundigen moeten kinderen als ze acht jaar zijn de basiskennis hebben van seksuele voorlichting. Als ze dan nog moeten vragen waar de baby’s vandaan komen, ben je als ouder te laat.
 

Met volle vaart naar de bibliotheek

Ik praat erover met vriendinnen die oudere kinderen hebben. Wanneer zijn zij begonnen met seksuele voorlichting? Iris herinnert zich hoe haar tweejarige dochter op een zondagochtend wijdbeens voor de spiegel haar vagina bekeek: “Toen heb ik vrolijk benadrukt hoe mooi het eruitzag.” Zodra haar zoon en dochter met vragen kwamen, is Iris naar de bibliotheek gerend om daar boekjes te halen die aansloten bij hun leeftijd.
 

Wachten tot groep 7

Vriendin Esther denkt er heel anders over. Wat haar betreft komt het onderwerp pas in groep zeven op tafel, als er seksuele voorlichting op school wordt gegeven. Ze vindt sex geen onderwerp dat je als kind met je ouders wilt delen. “Het lijkt me fijner dat in de klas te bespreken en er dan met je vriendjes hard om te gillen. Zo is dat twee jaar geleden gegaan bij onze oudste, Walter die nu twaalf is, en zo ging dat laatst bij dochter Fleur van tien. Ik keek verlangend uit naar de lessen van Dokter Corrie in haar klas. Fleur is nog zo’n kindje met haar Play-Doh en barbies en het leek me afschuwelijk als ze ongesteld zou worden voordat ze de bijbehorende theorie had gehad. Het vloog me vorig jaar ineens zo aan dat ik naar haar juf ben gestapt. Gelukkig stond de seksuele voorlichting twee weken later op de planning.”
 

Eerlijk

Inmiddels heeft Esther zelf ook over sex gesproken met haar kinderen. En Fleur weet precies waar het maandverband ligt, zowel bij mama thuis als bij haar vader. Esther: “Dat ik er zelf niet over begonnen ben, betekent niet dat we er niet over praten. Ik heb mijn kinderen verteld dat als ze vragen hebben, ik die eerlijk zal beantwoorden.

Dat ‘eerlijk’ had ik misschien beter kunnen weglaten. Ik was nauwelijks uitgesproken of Walter vroeg: ‘O ja? Wanneer heb je dan voor het laatst sex gehad?’ Ik werd pimpelpaars, aarzelde tien seconden en zei toen: ‘Eergisteren’. Waarop hij een gezicht trok en vroeg: ‘Met Thijs?’ Dat is mijn vriend. ‘Ja, met wie anders?’ Walter vond het maar vies: ‘Wat smerig. En hoe vaak doen jullie dat dan?’ Naar waarheid antwoordde ik dat het de ene week twee keer was, de andere week niet en soms wel drie keer. Toen ik even nadacht, drukte ik Walter op het hart deze informatie wel voor zich te houden. Het was niet de bedoeling dat mijn seksleven de volgende dag op het schoolplein zou liggen.”
 

Geen gesprek dat je eenvoudig met je ouders voert

Ik ben het met Esther eens, sex is geen gesprek dat je eenvoudig met je ouders voert. Ik herinner me nog maar al te goed mijn eigen seksuele opvoeding. Mijn moeder, zelf een product van de preutse jarenvijftigprincipes – ze heeft haar ouders nooit naakt gezien – was compleet doorgeslagen naar de flowerpowerkant. Soms op het provocerende af. Ging ze topless zonnen in de tuin en zo. Toen ik vijf was, was zij zwanger van mijn broertje. Ik kreeg het verhaal over de conceptie in geuren en kleuren te horen aan de hand van een boek met expliciete tekeningen. Woorden als piemels, vagina’s en neuken rolden over tafel alsof het niets was.

Bijna veertig jaar later zie ik nog de plaatjes voor me en weet ik weer hoe ongemakkelijk ik me voelde. Waarschijnlijk komt daar mijn gêne vandaan om met mijn zoon over sex te praten. Toch is dat niet slim. Callum is pas vijf, maar kinderen krijgen tegenwoordig veel informatie over sex via vriendjes, tv en internet. Bijna negentig procent van alle jongens en meisjes van twaalf tot en met veertien is weleens verliefd geweest. En tien procent van de jongens en vijf procent van de meisjes in die leeftijdscategorie heeft zelfs al geslachtsgemeenschap gehad.
 

Geen onderwerp uit de weg

Voor mijn vriendin Anouschka, moeder van twaalfjarige Luuk, waren die cijfers reden het gesprek met haar zoon op tijd aan te gaan. “Een jaar of drie geleden vonden Luuk en zijn vriendjes een condoom in de bosjes. De jongens hadden geen idee wat het was, maar Luuk kon dat ze haarfijn uitleggen.

Toen in groep zeven het onderwerp seksualiteit tijdens humanistische vorming aan bod kwam, hoorde hij weinig nieuws. ‘Ach, mam, dat wist ik allemaal al van jou’, zei hij. Dat klopt. Condooms, natte dromen, tampons, sex; ik ga geen onderwerp uit de weg. Ik heb hem als klein kind altijd zelf met vragen laten komen en legde alles eerlijk uit. Meestal reageerde hij niet op het moment zelf, maar kwam hij er een paar weken later ineens op terug. Het grappige is dat hij met dit soort vragen nooit naar zijn vader gaat, maar altijd naar mij toe komt.”

Door er zelf open over te zijn wil Anouschka sex op een natuurlijke manier bespreekbaar houden. “Hoe jong hij ook is, ik vertel hem dat hij later zuinig op zichzelf moet zijn. Doe het alleen als je je er goed bij voelt, doe het met respect voor het meisje en gebruik een condoom, druk ik hem op het hart. Nu maar hopen dat het is blijven hangen als hij een meisje krijgt.”
 

'Ja ja, in hun blootje zeker'

Een paar weken na het wc-akkefetje met Julia voelt Callum zich op een avond niet lekker. Ik zet hem op de bank bij mijn vriend die net een romantische komedie bekijkt. Met een pakje appelsap nestelt Callum zich naast hem en geeft commentaar. Als er een heftige bedscène in voorkomt, pak ik snel de afstandsbediening en spoel vooruit. Ik hoop dat Callum niks doorheeft, maar dat had ik gedacht. “Hé, mag ik dat soms niet zien?”, vraagt hij verontwaardigd, ondanks zijn koorts. Ik mompel iets over mensen die aan het stoeien zijn. “Ja ja”, zei mijn zoon, “in hun blootje zeker.” Ik geloof dat ik er echt niet meer onderuit kan. Morgen ga ik met hem praten. Als hij weer beter is.


Dit artikel staat in Kek Mama 01-2016.


 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

opvoeden ik doe maar wat
Beeld: Unsplash

Mama kijkt tv, dochtertje drentelt gezellig om haar heen, pakje smarties in de hand. Dat is in het kort de opvoedmethode van Anne.

Het begon al tijdens mijn zwangerschap. Waar andere aanstaande moeders stapels boeken over de groei van hun pinda verslonden, een forumgebruikersnaam aanmaakten (love2Be-MamaVanWondertje3) om online ieder scheutje bandenpijn te bespreken en elke week trouw een pufklasje bezochten, nam ik het allemaal wat minder nauw.

Ik ging geen etiketten uitpluizen op verboden ingrediënten als rauwe eierdooiers, at gewoon chorizo – mag niet, wist ik niet – en stopte al na vier lessen met zwangerschapsyoga. Dat rekken, strekken en chanten moest namelijk op zaterdagochtend gebeuren en hallo, mocht ik nog even uitslapen zolang het nog kon?
 

Voor spek en bonen

Toen de tijd begon te dringen ging ik samen met mijn zus naar de babyafdeling van de Hema, waar zij met een verhit hoofd drie mandjes volgooide met hydrofielluiers, rompers, aankleedhoezen en ander onmisbaar spul. Ik hobbelde er braaf knikkend achteraan en trok mijn pinpas.

Aan de kassa voelde ik me een beetje een bedrieger. Iemand die voor spek en bonen meedeed. Alle andere zwangere vrouwen leken zo perfect voorbereid en precies te weten hoe ze hun nakomeling op de juiste manier zouden verzorgen en opvoeden. De plek op de antroposofische crèche was al besproken en er lag een gedetailleerd voedingsplan klaar, naast de boxpakjes van duurzame hennepvezel. En ik? Ik deed maar wat.
 

Ik volgde mijn gevoel

Niet lang daarna werd onze dochter Rosa geboren. Met een kleine ooievaarsbeet op haar linkeroog, een guitig bekkie en stevige stembanden. En nog steeds raakte ik geen pedagogisch naslagwerk aan. Om maar het cliché der moederclichés te gebruiken: ik volgde mijn gevoel.

Geen idee of het wel of niet verantwoord was om een inbakerdoek te gebruiken, maar bij ons hielp het. Toen ik weer kon lopen en broodjes ging halen, gaf de bakkersvrouw mij wat tips tegen darmkrampjes en die hielpen wonderwel. Logisch. In wat voor wereld zouden we leven als je een bakkersvrouw niet op haar woord kunt geloven?  

Ondertussen vlogen de adviezen en theorieën me om de oren. Zo moest onze dochter zeker het eerste halfjaar bij ons op de kamer slapen, ter voorkoming van wiegendood. Nee, nog beter was een jaar, wisten de buren. Ik vond het na drie maanden hoog tijd worden voor een verhuizing richting babykamer, want A: onze dochter snurkte bizar hard en B: ik wilde wel weer eens lekker in bed Law & Order kijken. De wieg stond binnen vijf minuten op de babykamer en ik viel die avond in slaap met de afstandsbediening op schoot, precies zoals het hoort. 
 

Ernst en militaire precisie

Het toeval wil dat er rond mijn kraamtijd zo’n zes baby’s in mijn omgeving werden geboren. Met verbazing registreerde ik de ernst en militaire precisie waarmee mijn collega-moeders hun welp verzorgden.

Zo zat er een moeder tussen wier zoon slechts één speeltje in zijn box mocht hebben – van hout welteverstaan, want plastic is de duivel – anders zou hij overprikkeld raken. Ik las het op Facebook en wierp een blik op mijn dochter. Boven haar hoofd draaide een muziekmobiel met kleurige beestjes, in de ene hand hield ze een knisperboekje, de andere hand greep naar een pluchen telefoon.

Om misverstanden en haatmails te voorkomen benadruk ik hierbij: iedereen moet doen waar ze zelf zin in heeft. En natuurlijk wil ik goed voor mijn kind zorgen. Voor mij houdt dat in dat ik haar in leven houd (nogal belangrijk), en dat ze gezond, blij, doorvoed en gehydrateerd is, bij voorkeur in een droge romper. Maar ik vraag me oprecht af of daar nou echt een door Boliviaanse Indianen handgeweven draagzak of een verbod op plastic speelgoed voor nodig is.

Ik zweer bij luisteren naar je boerenverstand. Je weet wel, gewoon een kind te eten geven, corrigeren als het vervelend is en vooral veel lol maken samen.
 

Lees ook
'Opvoeden? Ik ben allergisch voor regels' >

 

Ik schuif Rosa gewoon smarties toe

Inmiddels is Rosa anderhalf en handhaaf ik nog steeds de ik-doe-maar-wat-methode. Heb ik haar volgens de Rapleymethode leren eten met hele stronken broccoli in haar knuistje? Welnee. Ik kies voor de alom beproefde Olvarit-methode. Die gaat als volgt: deksel eraf draaien, potje in de magnetron, dertig seconden opwarmen, inhoud doorroeren en klaar is Kees.

Voeding is tegenwoordig sowieso nogal een heikel punt, heb ik begrepen. Iets met quinoa (ik heb geen idéé hoe ik dat klaarmaak, laat staan hoe ik het vervolgens in Rosa krijg), het drinken van glazen klei en de menstruatie van een kip. Ook kinderen ontspringen niet aan de healthfood-dans. Mijn buurvrouw geeft haar kroost enkel biologische rozijntjes en zelfgebakken speltkoeken als snack. Ik schuif Rosa gewoon smarties toe (jaaahaaa, ze krijgt ook groente, fruit en brood).
 

Schapen van popcorn en pinguïns van schuimzoenen

En wie heeft toch bedacht dat traktaties tegenwoordig vernuftige stukjes kunst moeten zijn? De schapen van popcorn, pinguïns van schuimzoenen en muizen van eierkoeken bestormen dagelijks mijn Instagram-tijdlijn. Als Rosa over een paar jaar op school gaat trakteren, mag ze zakjes chips uitdelen. Bolognese, naturel of paprika. Of van die dropveters met Nibb-it ringen eraan, als ik eraan denk ze te maken.

Dan is er nog het punt van televisie kijken. Laat ik nou weinig hebben met metalen wipkippen in de vrieskou en toevallig dol zijn op tv-kijken, dus dat ding staat de godganse dag aan. Soms op Baby TV, maar vaker op fijne pulp over trouwende gipsy’s en peuters die meedoen aan schoonheidswedstrijden. Het liefst lig ik daarbij languit op onze bank, terwijl Rosa om me heen drentelt.

Een vriendin verzuchtte laatst dat ze niet zo goed wist hoe ze haar zoontje de hele dag moest vermaken. “Maar dat deden onze ouders vroeger toch ook niet met ons?” riep ik verbaasd uit. Nou haar ouders dus wel.

 

Wie ben ik om tradities te breken?

Ik denk dat daar de kern ligt van mijn ik-doe-maar-wat-houding. Ik stam namelijk uit een edel geslacht van mensen die opvoedtechnisch maar wat aanrommelen (ook op andere gebieden trouwens, maar daar gaat dit verhaal niet over).

Wij mochten vroeger thuis niet brutaal zijn, elkaar de hersens inslaan of liegen, maar verder was het mijn ouders worst of wij van die chemische likkoekjes aten, uren zoet waren op de spelcomputer of ons zakgeld stuksloegen aan troep. En mijn oma lag vroeger ook liever eindeloos op de bank te lezen in plaats van zich druk te maken over E-nummers. Dus wie ben ik om met tradities te breken?

Tuurlijk zie ik soms de opgetrokken wenkbrauwen als ik Rosa op het terras een bitterbal voer. Wel een beetje zuur overigens, want was ik een ultraslanke Parisienne geweest, dan zou ik bejubeld worden om mijn laisser faire-methode. Daar zou ik dan een bestseller over schrijven, en mensen zouden míj als opvoedgoeroe zien. Eentje die gewoon haar gevoel volgt en eerlijk toegeeft dat ze simpelweg ook maar wat doet.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 02-2017.

 

 


Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

De juf verhalen
Beeld: Pexels

Ineens sta je voor het eerst in jaren op een schoolplein. Wachtend tot je kind naar buiten komt, terwijl je geen van de andere ouders kent. Even lijk je zelf de nieuwe leerling te zijn. Sofie van den Enk en Eva Munnik schreven er een boek over: De Schoolfabriek.

En het boek gaat trouwens niet alleen maar over schoolpleinstress, maar over nog veel meer schoolgerelateerde zaken: Van luizenmoeder tot voorleesvader en alles wat je verder moet weten als je kind (voor het eerst) naar school gaat. Kek Mama mag alvast een tipje van de sluier geven met een voorpublicatie.

(Uit hoofdstuk 6: 'Ode aan de juf en meester')
 

Flirtende ouders

Juf Anna: ‘Als ik hulpouders nodig heb voor een activiteit in de klas, melden zich opvallend vaak één specifeke vader en één specifeke moeder. Die niet bij elkaar horen. In het begin viel het me nog niet zo op, maar toen we op een gegeven moment met z’n allen kerststukjes aan het knutselen waren, zag ik opeens dat ze elkaar wel erg lange en intense blikken toewierpen. Ik ging het in de gaten houden en het viel me op dat ze elkaar ook vaak per ongeluk aanraakten. En de moeder lachte hysterisch hard om de grapjes van die vader.

Sindsdien moet ik steeds gniffelen als ik de intekenlijst op het raam van mijn klaslokaal bekijk. Een dag nadat ik ’m heb opgehangen prijken er standaard twee namen op. Ik hoop natuurlijk wel dat het bij wat geflirt blijft.’
 

Ruziënde moeders

Juf Joyce: ‘Twee moeders uit mijn klas kunnen elkaars bloed wel drinken. Ik weet niet hoe het nou precies begonnen is, maar het had te maken met een voetbalkaartje dat het zoontje van de een, van het kind van de ander zou hebben afgepakt. De spanningen daarover liepen zo hoog op dat de directeur op een gegeven moment het schoolplein op moest lopen om ze weg te sturen. Stonden ze luidkeels te bekvechten terwijl de kinderen al naar buiten kwamen.

Daarna ging het nog twee keer mis, waardoor de directeur ze nu aparte ophaaltijden heeft gegeven. De een mag om drie uur op het schoolplein staan en moet meteen weg als haar kind naar buiten komt, want de ander heeft het “tijdsvak” vanaf tien over drie gekregen.’
 

Pina colada

Juf Jacqueline: ‘Laatst ging ik op huisbezoek bij een leerling uit mijn klas. Het is misschien wat ouderwets, maar ik blijf het fijn vinden om te zien hoe kinderen wonen en uit wat voor een nest ze komen. Wat ik wilde drinken, vroeg de moeder. Ik antwoordde dat het mij niks uitmaakte en kreeg vervolgens een vol glas met wit spul. Ik dacht dat het melk was en nam een grote slok. Bleek het tot mijn grote schrik pina colada!’
 

Lees ook
Schoolpleingedoe: 'Al die heisa om die speelafspraken' >

 

Straalverliefd op een vader

Juf Susan: ‘Ik was 27 en werkte met veel plezier als kleuterjuf op een basisschool. De ouders van één van mijn leerlingen, een schattig jongetje met rode krullen, waren net uit elkaar. Voor de moeder van het joch was dat heel verdrietig, want haar keuze was het niet.

Ik kon goed met haar opschieten en regelmatig stortte ze haar hart bij mij uit. Gelukkig gingen zij en de vader beiden heel volwassen met de situatie om en ze kwamen samen op oudergesprekken of helpen in de klas. Zij waren heel blij met mij als leraar en lieten dat ook merken. Maar ondertussen kreeg ik steeds sterkere gevoelens voor die vader.

We hadden gewoon een enorme klik, dat voelde ik aan alles. Hij had het ook, vermoedde ik al snel. Dan kwam hij tijdens het pepernoten bakken naast me staan en legde even zijn hand op mijn schouder... knalrood werd ik dan. Ik was gewoon vreselijk verliefd. Maar ja, ondertussen kende ik ook alle ins en outs van hun scheiding omdat die moeder dat aan mij vertelde en wist ik hoe kapot zij nog was van hun breuk. Een hele rare situatie dus.

Op een dag haalde ik de post uit de brievenbus en zat er een kaart bij van die vader. Ik wist niet eens dat hij wist waar ik woonde! Er stond in dat hij zo blij was met hoe ik zijn zoontje begeleidde en dat hij mij een bijzonder mens vond. Toen ik hem weer zag, heb ik hem bedankt voor die kaart maar verder niks.

En toen kwam die dag dat hij naast mij fietste, hij woonde op mijn route van school naar huis en sloot aan. Na maanden om elkaar heen draaien, stelde hij die vraag: “Heb je wat te doen vanavond?” Ik stamelde wat. “Want anders kunnen we wat leuks gaan doen samen”, stelde hij vervolgens voor. Eindelijk de bevestiging: hij vond mij ook leuk! Mijn reactie? “Ik moet hier naar rechts, doei.” Dat was het einde van het verhaal. Ik heb het afgekapt en daarna afstand gehouden. Het kon gewoon echt niet. Ik was de juf van zijn zoon én had een goede band met zijn ex-vrouw die nog veel verdriet had van de scheiding.’

 

Wanneer jouw kleuter naar school gaat, krijgt je leven als ouder een nieuwe dimensie. Je kind krijgt speelafspraakjes, wordt in razend tempo groot en komt thuis met allerlei leuke nieuwe vieze woorden. Als ouder sta je ook opeens dagelijks op het schoolplein en moet je je redden tussen al die andere vaders en moeders. Wat is daar de etiquette eigenlijk en wat doe je als een vriendje tijdens een speelafspraakje vanaf jouw wc roept: "Mama van Magnus, veeg je mijn billen even af?'

Alles wat je als ouder wilt weten over de bassischool staat in De Schoolfabriek. Ervaringsverhalen van Sofie en een heleboel andere ouders, adviezen & tips van verschillende deskundigen én de verhalen van hele leuke BN'ers: Bracha van Doesburgh, prinses Laurentien, Jandino Asporaat, Aaf Brandt Corstius en Ruud de Wild. Tot slot is er ook een hoofdstuk speciaal voor je kind, geschreven door de kinderen van Sofie & Eva. Laat die eerste schooldag maar komen.

De Schoolfabriek - Sofie van den Enk en Eva Munnik
De Schoolfabriek - Sofie van den Enk en Eva Munnik

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >