Seksuele voorlichting
Beeld: 123RF

Als kleuterzoon Callum vrolijk thuiskomt met een verhaal over het plassertje van Julia, weet Joan Makenbach dat het hoog tijd is voor een goed gesprek.

Ik rijd met vijfjarige Callum van school naar huis en vraag of hij een leuke dag had gehad. Meestal vertelt hij dan trots over de gymles of de nieuwe letters die hij heeft geleerd; deze keer heeft hij een veel spannender verhaal. “Ik heb de plasser van Julia mogen zien, mama”, vertelt hij opgetogen.
 

Voorzichtig doorvragen

Ik schrik me lam, maar probeer zo vrolijk mogelijk te reageren: “Leuk joh.” Om vervolgens voorzichtig door te vragen. Waar werd de plasser geshowd? Wie waren erbij? En nog belangrijker: heb jij je onderbroek ook uitgetrokken? De krantenberichten over de vierjarige kleuter die in 2012 geschorst werd vanwege ongewenste intimiteiten, staan me nog helder voor de geest. Gelukkig, Callum heeft niks onbehoorlijks gedaan. Julia had op het schoolplein Sem beloofd dat hij haar plasser mocht zien op de wc en Callum en zijn vriendje Andreas waren uitgenodigd het tafereel eveneens te aanschouwen. Nee, de jongens waren er niet aangekomen en hadden hun broek gewoon aangehouden. Mijn kind vond het wel raar, zo’n meisjesplasser. “Heel anders dan een piemeltje, mama.”
 

Vergelijkingsmateriaal

De volgende morgen loop ik toch maar even naar zijn juf. Ik vind dat ze van het voorval moet afweten en misschien kan zij mij vertellen hoe ik Doktertje Spelen 2.0 moet interpreteren. Callum is mijn eerste kind, ik heb geen vergelijkingsmateriaal. Is dit gedrag verontrustend? Raar? Juf verblikt of verbloost niet en reageert relaxed: “Geweldig toch dat ze op deze leeftijd zo nieuwsgierig zijn? Ik mag het niet te veel toejuichen, anders heb ik straks 24 kleuters die elkaars piemeltje en vagina gaan bewonderen, maar jeetje, het hoort er wel bij hoor.” Oef. Gelukkig.
 

Constante dialoog

Wel vraagt ze me of ik het al eens met Callum over sex heb gehad. Nee dus. Ik heb mijn geliefde tv-goeroe Dr. Phil weleens horen zeggen dat seksuele opvoeding een constante dialoog zou moeten zijn tussen ouder en kind. Je moet over alles praten. Van de private parts waar niemand tegen je zin aan mag komen tot het verhaal over waar de baby’s vandaan komen. Dat kan Dr. Phil wel zo vrolijk beweren, maar zelf ben ik daar nog helemaal niet aan toe.
 

Baas over eigen lijf

Ik word een beetje ongemakkelijk bij het idee met mijn kleuter over sex te moeten praten. Ik heb hem wel geleerd dat hij de baas is over zijn eigen lijf, dat hij niemand tegen zijn zin een kus hoeft te geven en hij kent het verschil tussen meisjes en jongens. Over bloot doen we thuis ook niet moeilijk. Ik loop in mijn nakie van de badkamer naar de slaapkamer en Callum doucht samen met opa of oma als hij bij ze logeert.

Toen we ons laatst omkleedden in het badhokje van het zwembad, keek hij mij even onderzoekend aan en zei toen: “Ach nee, jij hebt geen piemel”, om zich vervolgens te storten op het opblazen van Minions-bandjes. Ik heb hem nog nooit betrapt op enige interesse in het onderwerp. Hij heeft weleens gevraagd hoe ik aan het litteken op mijn buik kom. Ik heb verteld dat de dokter er een sneetje in heeft gemaakt zodat hij eruit kon komen. Sindsdien denkt hij dat alle baby’s middels een keizersnee worden geboren. Wel zo makkelijk, wat mij betreft.
 

Vroege seksuele opvoeding

Na mijn gesprekje met Callums juf googel ik op ‘sex en kleuters’ en stuit op de boeken van Sanderijn van der Doef Ben jij ook op mij? en een prentenboek voor vier- tot achtjarigen van pedagoog Channah Zwiepen: Wat is seks? Beide schrijfsters pleiten ervoor vroeg te beginnen met seksuele opvoeding.

Baby’s van een maand of vijf schijnen hun eigen geslachtsorganen al te ontdekken en vanaf anderhalf jaar gaan ze doelgericht op zoek naar die fijne plekjes. Ik lees dat de helft van de jongens rond het tiende jaar seksueel getinte spelletjes met elkaar speelt en een derde van de meisjes rond hun achtste met vriendinnetjes. Tien procent van de kinderen onder de twaalf heeft al eens een orgasme gehad. Volgens de deskundigen moeten kinderen als ze acht jaar zijn de basiskennis hebben van seksuele voorlichting. Als ze dan nog moeten vragen waar de baby’s vandaan komen, ben je als ouder te laat.
 

Met volle vaart naar de bibliotheek

Ik praat erover met vriendinnen die oudere kinderen hebben. Wanneer zijn zij begonnen met seksuele voorlichting? Iris herinnert zich hoe haar tweejarige dochter op een zondagochtend wijdbeens voor de spiegel haar vagina bekeek: “Toen heb ik vrolijk benadrukt hoe mooi het eruitzag.” Zodra haar zoon en dochter met vragen kwamen, is Iris naar de bibliotheek gerend om daar boekjes te halen die aansloten bij hun leeftijd.
 

Wachten tot groep 7

Vriendin Esther denkt er heel anders over. Wat haar betreft komt het onderwerp pas in groep zeven op tafel, als er seksuele voorlichting op school wordt gegeven. Ze vindt sex geen onderwerp dat je als kind met je ouders wilt delen. “Het lijkt me fijner dat in de klas te bespreken en er dan met je vriendjes hard om te gillen. Zo is dat twee jaar geleden gegaan bij onze oudste, Walter die nu twaalf is, en zo ging dat laatst bij dochter Fleur van tien. Ik keek verlangend uit naar de lessen van Dokter Corrie in haar klas. Fleur is nog zo’n kindje met haar Play-Doh en barbies en het leek me afschuwelijk als ze ongesteld zou worden voordat ze de bijbehorende theorie had gehad. Het vloog me vorig jaar ineens zo aan dat ik naar haar juf ben gestapt. Gelukkig stond de seksuele voorlichting twee weken later op de planning.”
 

Eerlijk

Inmiddels heeft Esther zelf ook over sex gesproken met haar kinderen. En Fleur weet precies waar het maandverband ligt, zowel bij mama thuis als bij haar vader. Esther: “Dat ik er zelf niet over begonnen ben, betekent niet dat we er niet over praten. Ik heb mijn kinderen verteld dat als ze vragen hebben, ik die eerlijk zal beantwoorden.

Dat ‘eerlijk’ had ik misschien beter kunnen weglaten. Ik was nauwelijks uitgesproken of Walter vroeg: ‘O ja? Wanneer heb je dan voor het laatst sex gehad?’ Ik werd pimpelpaars, aarzelde tien seconden en zei toen: ‘Eergisteren’. Waarop hij een gezicht trok en vroeg: ‘Met Thijs?’ Dat is mijn vriend. ‘Ja, met wie anders?’ Walter vond het maar vies: ‘Wat smerig. En hoe vaak doen jullie dat dan?’ Naar waarheid antwoordde ik dat het de ene week twee keer was, de andere week niet en soms wel drie keer. Toen ik even nadacht, drukte ik Walter op het hart deze informatie wel voor zich te houden. Het was niet de bedoeling dat mijn seksleven de volgende dag op het schoolplein zou liggen.”
 

Geen gesprek dat je eenvoudig met je ouders voert

Ik ben het met Esther eens, sex is geen gesprek dat je eenvoudig met je ouders voert. Ik herinner me nog maar al te goed mijn eigen seksuele opvoeding. Mijn moeder, zelf een product van de preutse jarenvijftigprincipes – ze heeft haar ouders nooit naakt gezien – was compleet doorgeslagen naar de flowerpowerkant. Soms op het provocerende af. Ging ze topless zonnen in de tuin en zo. Toen ik vijf was, was zij zwanger van mijn broertje. Ik kreeg het verhaal over de conceptie in geuren en kleuren te horen aan de hand van een boek met expliciete tekeningen. Woorden als piemels, vagina’s en neuken rolden over tafel alsof het niets was.

Bijna veertig jaar later zie ik nog de plaatjes voor me en weet ik weer hoe ongemakkelijk ik me voelde. Waarschijnlijk komt daar mijn gêne vandaan om met mijn zoon over sex te praten. Toch is dat niet slim. Callum is pas vijf, maar kinderen krijgen tegenwoordig veel informatie over sex via vriendjes, tv en internet. Bijna negentig procent van alle jongens en meisjes van twaalf tot en met veertien is weleens verliefd geweest. En tien procent van de jongens en vijf procent van de meisjes in die leeftijdscategorie heeft zelfs al geslachtsgemeenschap gehad.
 

Geen onderwerp uit de weg

Voor mijn vriendin Anouschka, moeder van twaalfjarige Luuk, waren die cijfers reden het gesprek met haar zoon op tijd aan te gaan. “Een jaar of drie geleden vonden Luuk en zijn vriendjes een condoom in de bosjes. De jongens hadden geen idee wat het was, maar Luuk kon dat ze haarfijn uitleggen.

Toen in groep zeven het onderwerp seksualiteit tijdens humanistische vorming aan bod kwam, hoorde hij weinig nieuws. ‘Ach, mam, dat wist ik allemaal al van jou’, zei hij. Dat klopt. Condooms, natte dromen, tampons, sex; ik ga geen onderwerp uit de weg. Ik heb hem als klein kind altijd zelf met vragen laten komen en legde alles eerlijk uit. Meestal reageerde hij niet op het moment zelf, maar kwam hij er een paar weken later ineens op terug. Het grappige is dat hij met dit soort vragen nooit naar zijn vader gaat, maar altijd naar mij toe komt.”

Door er zelf open over te zijn wil Anouschka sex op een natuurlijke manier bespreekbaar houden. “Hoe jong hij ook is, ik vertel hem dat hij later zuinig op zichzelf moet zijn. Doe het alleen als je je er goed bij voelt, doe het met respect voor het meisje en gebruik een condoom, druk ik hem op het hart. Nu maar hopen dat het is blijven hangen als hij een meisje krijgt.”
 

'Ja ja, in hun blootje zeker'

Een paar weken na het wc-akkefetje met Julia voelt Callum zich op een avond niet lekker. Ik zet hem op de bank bij mijn vriend die net een romantische komedie bekijkt. Met een pakje appelsap nestelt Callum zich naast hem en geeft commentaar. Als er een heftige bedscène in voorkomt, pak ik snel de afstandsbediening en spoel vooruit. Ik hoop dat Callum niks doorheeft, maar dat had ik gedacht. “Hé, mag ik dat soms niet zien?”, vraagt hij verontwaardigd, ondanks zijn koorts. Ik mompel iets over mensen die aan het stoeien zijn. “Ja ja”, zei mijn zoon, “in hun blootje zeker.” Ik geloof dat ik er echt niet meer onderuit kan. Morgen ga ik met hem praten. Als hij weer beter is.


Dit artikel staat in Kek Mama 01-2016.


 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

De juf

Een leerkracht vertelt aan Kek Mama wat ze meemaakt. Deze keer: juf Julia en de ruziënde ouders van Job.

Woensdagavond, zeven uur. Tegenover me zitten de ouders van zesjarige Job. Hij is universitair docent, zij advocaat. Hun stoelen staan zo ver mogelijk uit elkaar. Ze zijn net gescheiden. Ik friemel nerveus aan mijn kettinkje. Ze zijn bijna twintig jaar ouder dan ik; ik kom vers van de leraren opleiding. Het is niet de enige reden dat ik tegen dit gesprek opzie. Een paar dagen eerder hebben ze een scene getrapt op het volle schoolplein. Job stond er lijkbleek bij. Daarom heb ik ze gevraagd te komen praten.
 

Oorlog in mijn klaslokaal

Als ik naar hun strakke gezichten staar, denk ik: wat kan ik ze in godsnaam vertellen wat ze zelf niet bedacht hebben? Dan zie ik het verdrietige gezichtje van Job voor me. Ik moet voor hem opkomen. “Die ruzie op het schoolplein had niet mogen plaatsvinden”, zegt de vader. De moeder knikt. Ik haal opgelucht adem. Misschien wordt het makkelijker dan ik dacht. Dan vraagt de vader of hij het gebeuren mag toelichten. Per ongeluk zeg ik ja. Binnen de kortste keren is het oorlog in mijn klaslokaal. Vader verwijt moeder hem tegen de afspraken in het huis uit te hebben gezet omdat zij besloten heeft het te kopen. Moeder zegt dat hij haar ’s nachts belt en stalkt. Hij klaagt dat ze de kinderen tegen hem opzet. De verwijten vliegen als kogels heen en weer. 

De twee lijken niet meer door te hebben dat ik ook in het lokaal ben. Ik begin te begrijpen hoe Job zich moet voelen. Job. Hij was de makkelijkste kleuter van de wereld toen ik hem les gaf in groep 1. Nu slaat hij klasgenootjes, scheldt ze uit en luistert niet naar me. Hij blijft een kwartier weg als hij naar de wc moet, zodat ik hem overal moet gaan zoeken. Soms is hij overdreven positief, in een taal die te wijs is voor zijn leeftijd. Dan zegt hij: “Eet smakelijk, lieve juf.” Of: “Jij bent echt de liefste juf.”
 

Lees ook
Deze ouders hebben altijd gillende ruzie op vakantie >

 

"U maakt hem kapot"

In gedachten hoor ik hem tegen zijn ruziënde ouders om de beurt zeggen: “Jij bent de allerliefste.” Te midden van het ouderlijke gescheld voel ik boosheid opkomen. Ik zou het liefst op de tafel slaan en roepen: “U maakt hem kapot!” Maar ik mag geen partij kiezen. “Mevrouw, meneer, mag ik uw aandacht?” vraag ik. Ik moet gillen om boven ze uit te komen. Ze kijken me verdwaasd aan. “Het spijt me. Ik word een beetje door u aan gestoken geloof ik.”

Er gebeurt een klein wonder: ze kijken geamuseerd. “Hoe denkt u dat deze situatie voor Job is?” vraag ik. Ik vertel waarom ik me grote zorgen maak over Job. Ik ben niet meer geïntimideerd, de rollen zijn omgedraaid, ik praat en praat. Als ik op hou kijken de twee geschrokken en bedremmeld. En dan komt er voorzichtig een normaal gesprek op gang. Het lijkt wel of ze wakker zijn geschud.

Desgevraagd zeggen ze beiden dat ze mijn observaties herkennen. En dat ze dolgraag de oude Job terug willen. En dat ze vanuit de grond van hun hart willen proberen hun verstoorde verhoudingen opzij te zetten waar het Job betreft. Ik stel voor dat we daartoe een aan onze school verbonden therapeut in de arm nemen. Ze nemen het met beide handen aan. Bij het weggaan helpt de vader de moeder in haar jas. Ik kijk ze voldaan na. Het zijn écht keurige mensen, denk ik.

 

Dit artikel staat in Kek Mama Magazine en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

kinderdagverblijven_worden_volgend_jaar_fors_duurder

De kosten voor de kinderopvang gaan flink omhoog: ouders dreigen volgend jaar honderden euro’s meer kwijt te zijn.

Dat blijkt uit cijfers van de brancheorganisatie Kinderopvang.

 

Kwaliteit verbeteren

Om de kwaliteit in de kinderopvang te verbeteren, gaan vanaf 1 januari strengere eisen in voor de opvang van baby's: pedagogisch medewerkers mogen niet langer voor vier nuljarigen tegelijk zorgen, maar maximaal drie. Deze kosten worden doorberekend aan ouders en vooral kleine locaties voelen de veranderingen in de portemonnee.

 

Verhoging toeslagen

Via een verhoging van de kinderopvangtoeslag krijgen ouders wel een deel van die rekening terug, maar toch verwacht de brancheorganisatie dat de prijzen harder zullen stijgen dan de verhoging van de toeslagen. Als de berekeningen van de kinderdagverblijven bewaarheid worden, gaat een gezin met een laag inkomen, dat twee kinderen drie dagen naar de opvang stuurt, er minimaal 800 euro per jaar op achteruit. Voor eenzelfde gezin met een modaal inkomen stijgen de kosten met ruim 900 euro per jaar.

 

Niet pessimistisch

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SWZ) ziet aan eigen berekeningen dat de verhoging van de toeslagen die extra kosten wél dekt en gaat niet uit van zo'n hoge prijsstijging. Ook ouderorganisatie Boink wil nog niet pessimistisch zijn. "We denken dat het effect op de laagste inkomens het grootst is. Dat is ongunstig, want die zijn al ondervertegenwoordigd in de kinderopvang. Maar we weten pas wat ouders gaan betalen als in het eerste kwartaal van 2019 de rekening krijgen."

Bron: AD.nl

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >