Simone: ‘Moet je nagaan: die opa-en-oma-economie die achter zo’n festival schuilgaat’

columnist Simone de Bruijn Beeld: Mandy Brander
Simone de Bruijn
Simone de Bruijn
Leestijd: 4 minuten

Simone verwondert zich over kleine dingen in het leven, die ze koppelt aan grotere dingen. Soms alledaagse dingen, zoals vakantieliefdes van haar kinderen. Soms dingen die spelen in de maatschappij, zoals kinderen die het land uit worden gezet. Ze werkt als journalist, tekstschrijver en fotograaf. Ze woont samen met L. en hun twee zonen van 9 en 7.

Lees verder onder de advertentie

We waren er weer, op een meerdaags festival. Ieder jaar opnieuw vraag ik me af of het lukt: het onderbrengen van de kinderen voor drie dagen. Niet niks. Bij vriendjes laten logeren? Teveel gevraagd voor drie dagen. Een oppas regelen? Idem dito.

Toch maar weer de opa’s en oma’s. We zijn gezegend met vier in blakende gezondheid. Dat dat niet vanzelfsprekend is, beseffen we maar al te goed. De ene opa en oma wonen op tweeënhalf uur rijden van het festival. Niet ideaal. De andere kant gaat richting de tachtig. Niet niks. Opa zei laatst nog: “Ze mogen één nacht logeren, langer vind ik te druk.” Oma leek het alleen maar leuk. Nou weet mijn man aardig van doordrukken, hij kreeg het dus toch geregeld bij zijn vader.

Lees verder onder de advertentie

Iedereen sprong bij

De tante en oom sprongen ook bij. Ze namen de hele bubs op zaterdag mee naar het openluchtmuseum. Met als afsluiter van de dag een barbecue in de achtertuin. Ze hadden de dagen ervoor al inkopen gedaan. Voor de zekerheid de logeerkamer schoongemaakt, voor het geval het toch wat veel zou zijn voor opa en oma. Op zondag had oma een programma samengesteld. Lego uit de jaren tachtig van zolder gehaald om fantasiehuisjes te bouwen. Klusjes in de natuurtuin, van sproeien met de tuinslang tot boeketten samenstellen van veldbloemen. Zelf pizza maken, we hadden de deegroller mee moeten geven.

Lees verder onder de advertentie

Eenmaal op het festival bleek dat de meeste stellen met kinderen het ook op deze manier hadden geregeld. De een meer bezwaard, de ander minder. Sommigen kregen het ook niet geregeld. Die waren er niet, of alleen.

Een opa-en-oma-economie

Moet je nagaan: die opa-en-oma-economie die achter zo’n festival schuilgaat. Hoe al die opa’s en oma’s door het hele land in de weer zijn met autostoeltjes installeren, bedden opmaken en activiteiten bedenken. Zodat hun eigen kinderen een weekend zich eventjes twintig wanen. Dansen tussen ruggen en zwetende oksels, per ongeluk middenin een pit belanden, een half uur wachten op een pannenkoek, ‘s ochtends knakworsten delen met de buren in de tent naast je, koffie maken in een percolator op een gasbrander, die proberen uit de wind te houden waardoor je koeltas in brand vliegt, op een Dixi je behoefte doen en er vervolgens achterkomen dat de wc-rol op is, een uur wachten in de rij voor de douche, een dutje doen in het gras bij een optreden, gesprekken met onbekenden, breeklichtjes om je armen en glitters rond je ogen, twee avonden op rij te laat naar bed, niet kunnen uitslapen omdat de zon je tent verhit tot sauna en dan op het einde van de rit toch nog vijf jaar jonger ingeschat worden (hoe dan?).

Lees verder onder de advertentie

Goud waard

Maar zelf maken die opa’s en oma’s er dus ook een feest van. Al die creativiteit, energie en liefde. Goud. We haalden onze jongens om twaalf uur ‘s nachts uit bed. Onze jongste, halfslapend: “Dit was het leukste weekend ooit”. Mijne ook, dacht ik. Een uur lang reden we naar huis, door het donker. De straatverlichting kleurde de snelweg lichtgeel, de sfeerverlichting in de auto zorgde voor een blauwroze gloed. Muziek op de achtergrond. “Discofeestje in de auto”, opnieuw de jongste. Hij moest eens weten, met dank aan al die opa’s en oma’s.

Lees verder onder de advertentie

Meer lezen van Simone? Je vindt haar andere columns hier.

Voeg ons toe als voorkeursbron
Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail