in zomer leukste zelf
Beeld: Shutterstock

Hoe is het toch mogelijk dat ik in de zomer zo veel relaxter ben, denkt Marieke soms. Aan de andere kant is het maar goed dat het er niet altijd zo aan toegaat in huize van Wijk.

Het was half acht ’s avonds en ik bevond mij in een oase van primaire kleuren en krakend plastic. Om me heen plonsden kinderen rond, in herrie en drukte overtroffen door mijn man, die een vrij goed gelukte imitatie van een met een dolfijn gekruiste walrus in zich bleek te hebben. Het leek een scène uit een ietwat uit de hand gelopen gezinsvakantie op een Spaanse camping in augustus, waar werk, school en crèche verder weg leken dan ooit. Was het niet. Het was dinsdagavond en iedereen moest de volgende dag gewoon weer naar dat werk, die school en de opvang. Het wijntje in mijn hand was dan ook best misplaatst, want wij drinken alleen in het weekend. En o ja, we moesten ook nog eten.
 

More content below the advertising

Ten tijde van een hittegolf

Ik zou graag zeggen dat dit een grote uitzondering is, of beter nog: dat we iets te vieren hadden of zo. Maar dat zou gelogen zijn. Dit was gewoon een vrij doorsnee dag ten tijde van een hittegolf, waarbij ik dat begrip even ruim neem, want alles boven de 24 graden kwalificeert bij mij als een reden om het normale leven subiet overboord te gooien.

Als het warm is, blijk ik een soort inner mediterraan – Antilliaans, misschien wel – karakter te hebben, dat dan ineens komt bovendrijven. Mañana mañana is plotseling mijn nieuwe levensmotto.
 

Schemaverslaafde

Dat is op zichzelf best opvallend, want ik ben eigenlijk een schemaverslaafde. We eten doorgaans bijtijds, zodat de kinderen elke dag trouw in bad kunnen en rond zevenen – maximaal half acht als we echt een dolle dag hebben – in bed liggen. In tijden van kou wordt alles nog wat extra vervroegd. Dat komt zo: in de winter komt alles bij mij sowieso vroeg. Honger, slaap, alles. We eten ineens om half zes en ik lig zelden na tienen in bed, omdat ik niet gemaakt ben voor kou en ik ’s avonds niet kan stoppen met rillen tot ik veilig en wel onder een dekbed ben gekropen. Om nog iets van een avond te hebben – en omdat de avond voor mijn gevoel al om half vijf ’s middags begint – liggen de kinderen er dan om negentien punt nul nul uur in, als het niet een kwartier eerder is. Vinden ze ook prima, zeker omdat ik ze nog wijs kan maken dat het al ver na bedtijd is. Weten zij veel, het is toch de halve dag donker buiten.
 

Lange dagen

Nee, dan de zomer. Als de dagen lang duren, wil ik ook het maximale eruit halen. Zon hamsteren, want je weet nooit wanneer het feest weer over is. Dat betekent in de praktijk dat de dagindeling gezellig mee fluctueert met de temperatuur. Als het warm is, doe ik om te beginnen niet aan vaste bedtijden. Doordeweeks wil ik nog weleens een poging ondernemen, maar ik ben bereid zeven uur op te rekken tot kwart over acht, zonder mezelf ontaard te vinden. In het weekend en de vakantie is ‘we zien wel’ onze vaste bedtijdregel (en prijzen we onszelf gelukkig met kinderen die daar moeiteloos tegen kunnen).

Dat komt ook: we eten dan zelden voor zevenen, voornamelijk omdat er voor die tijd lekker geborreld kan worden in het namiddagzonnetje. Niet dat er elke dag liters wijn doorheen gaan, maar onze alleeninhetweekend-regel sneuvelt boven de 25 graden al snel (nou ja, boven de 20 graden; je moet goed drinken als het warm is, heb ik altijd geleerd). Niet zelden schuiven er vrienden of buren aan en staat zomaar ineens de barbecue te roken. De kinderen rennen plakkerig van de vele ijsjes door de tuin en het eindigt er eigenlijk altijd mee dat Daan van vijf in z’n blootje op de trampoline staat te springen. Nu hoeft het daar niet per se zomer voor te zijn, want als je hem z’n gang laat gaan, laat hij zijn innerlijke naturist nog los bij min zeven. Maar anders dan wanneer het vriest, heb ik nu het hart niet hem te sommeren iets van kleding aan te trekken. Doe lekker jongen, mama vindt het allemaal prima, zeker na twee prosecco.
 

Een stroom aan vriendjes

Zo veel kleding is er trouwens doorgaans ook niet aan of uit te trekken, aangezien ik het badje het liefst bij het krieken van de dag al laat vollopen en er dus de rest van de dag een spoor voetstapjes met nat gras en zand door mijn huis loopt. Zo veel voetstapjes dat het lijkt of ik een crèche ben begonnen, wat ook een beetje zo is, want als het mooi weer is, heb ik geen moeite met een hele stroom aan vriendjes die ongevraagd mijn tuin bevolken (waar ik in de winter soms al lijdzaam toekijk hoe één vriendje het speelgoed overhoop trekt).

Vervolgens wordt de halve auto- en poppenvoorraad naar buiten gesleept, om al dan niet in het water te verdwijnen. Nu ben ik normaal gesproken nogal gehecht aan het speelgoedsysteem bij ons thuis. Hardnekkig blijf ik tegen beter weten in vasthouden aan de zestien (zés-tien, ik weet ook niet waar dit misging) bakken speelgoed in zo’n reuzehandige Ikea-kast met vakken, en vooral aan de kaartjes waarmee van elke bak te zien is wat erin zit. Maar als ik net lekker in het zonnetje zit te braden, geloof ik het verder wel en glimlach toegeeflijk tegen alles en iedereen die voorbijkomt met z’n armen vol spullen.
 

Lees ook
Ach, het is vakantie: opvoeden doen we daarna wel weer >

 

Meer als mijn zomerse zelf zijn

Hoe komt dat toch, verzuchtte ik laatst tegen vriendin Rianne, terwijl onze in totaal vijf kinderen aan ijsje nummer acht van de dag begonnen. Ik zou over het algemeen wel wat relaxter willen zijn, maar heb vaak moeite met loslaten. Waarom kan ik niet altijd wat meer mijn zomerse zelf zijn? Het komt niet alleen maar door de zon, ik voel me gewoon beter. Leuker. Relaxter. Hoewel het eigenlijk heel vreemd is om je humeur te laten bepalen door het weer, gebeurt mij dat toch. In extreme mate, mogen we wel stellen. Ik bleek in goed gezelschap te verkeren; Rianne had namelijk precies hetzelfde. Het bleek een generatieverschijnsel, want zij herinnerde zich van vroeger óók die eindeloze zomers waarin alles mocht en iedereen altijd lachte. Heb ik ook – ik geloof niet dat mijn moeder bij warmte ook maar één keer hamerde op bedtijd of bord leegeten (wat ze vast wel heeft gedaan, want ik heb een heel verantwoorde moeder, maar in mijn herinnering kon en mocht alles).

Misschien wil ik mijn kinderen dezelfde herinneringen meegeven, zonder dat het hier allemaal van God los is. Het zou een mooie boel worden als het er het hele jaar zo aan toeging bij ons. Best gezellig, maar een beetje opvoeding, ritme en rust is natuurlijk ook niet verkeerd voor junioren. Net als voldoende slaap en iemand die je vertelt dat je moet oefenen met lezen en dat je je bord leeg eet teneinde voldoende vitamines binnen te krijgen, want met alleen perenijs voldoe je helaas niet aan de dagelijkse fruitinname, zelfs niet als je er 23 eet.
 

Seizoenen

Rianne bleek nog te beschikken over een aanvulling op deze theorie. Zij heeft drie kinderen waar ze stapelgek op is en bij tijd en wijle half overspannen van wordt. Maar niet in de zomer, want dan staat ze zichzelf toe ontaarder te zijn en laadt ze op voor de tijden dat er weer streng wordt opgevoed en huiswerk geoefend en iedereen begrijpt dat het leven natuurlijk niet alleen maar lol is. Zonder die balans zou iemands geestelijke gezondheid eraan gaan. Die van Rianne als ze nooit ontaard mocht zijn, die van de kinderen als het altijd maar lang leve de lol was. “Daarom zijn er dus seizoenen”, vatte ze het logisch samen, en aangezien we aan ons tweede wijntje zaten, vonden we dit een sluitende theorie. Blij dat we onze zomerse uitwassen in een opvoedmethode hadden kunnen gieten, keken we maar even niet op de klok, anders hadden we nog kunnen zien dat het best wel bedtijd was.
 

Altijd zomer

Aan dit alles dacht ik niet toen ik in dat krakende plastic badje zat en uiteindelijk toch maar mee ging doen met de dolfijnenshow. En ook niet toen ik de kinderen die avond pas om kwart voor negen in bed legde. Dat was nog een hele toer omdat ze een beetje hyper waren van het ijs na het eten, maar uiteindelijk lukte het. Toen sloeg Daan zijn armen om me heen en fluisterde in mijn oor dat ik zijn lievelingsdolfijn was en wou ik heel graag dat het altijd zomer was.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 08-2019.

 

 

 

Meer Kek Mama? Neem nu een abonnement en profiteer van leuke aanbiedingen!