bankrekening te veel verwennen kinderen
Beeld: Shutterstock

Haar Marokkaanse ouders vinden het belachelijk dat Nadia’s kinderen elk vijf winterjassen hebben. het gaat om de liefde, zeggen ze.

Nadia (38) heeft twee dochters (6 en 3) en een zoontje (5).

More content below the advertising

“Mijn vader werkte bij een schoonmaakbedrijf, mijn moeder bleef thuis met vijf kinderen. We hadden het thuis niet breed, maar mijn ouders zorgden ervoor dat er lekker werd gegeten en we mooie kleding droegen. Ze kochten voor zichzelf nooit nieuwe kleren. Op vakantie gingen we nooit – in mijn jeugd zijn we maar één keer met de auto naar familie in Marokko gegaan.
 

Close

Ik heb twee broers en twee zussen. We sliepen met zijn allen op een kamer, in stapelbedden. We deelden met zijn vijven een kledingkast, ieder had een eigen plankje en een bureau – heel gezellig. Ik bewaar mooie herinneringen aan mijn jeugd. Dat we altijd alles moesten delen heeft ervoor gezorgd dat we als broers en zussen heel hecht zijn. Mijn eigen kinderen laat ik nu ook samen op een kamer slapen, ik hoop dat ze later net zo close worden.
 

Belangrijk voor in de toekomst

School was het allerbelangrijkste bij ons thuis. We mochten pas spelen als we ons huiswerk af hadden. Het draaide om discipline en goede cijfers. Na de middelbare school studeerde ik voor mondhygiëniste en daarna ging ik fulltime werken. Tot ik mijn man ontmoette en we drie kinderen kregen: sindsdien werk ik twee dagen per week. Een bewuste keuze, zodat ik veel tijd met de kinderen kan doorbrengen. Door nog twee dagen te werken haal ik mijn punten, waardoor ik geregistreerd kan blijven als mondhygiëniste – dat is belangrijk om mijn vak ook in de toekomst te kunnen blijven uitoefenen. Als de jongste straks naar school gaat, wil ik weer meer gaan werken – ik hou van mijn vak.

Momenteel gaan de twee oudsten een dag per week naar de bso, de jongste gaat naar het kinderdagverblijf als ik werk. Dat kost 950 euro per maand. Mijn man werkt 4,5 dag in een zorginstelling, hij haalt de kinderen een middag per week op.
 

Alles op één hoop

Mijn man verdient 2700 euro netto per maand, ik 1400 euro. Alles wat we verdienen gooien we op één hoop, we hebben er nooit discussies over. Het gaat op aan de vaste lasten, zo’n 900 euro per maand, en de rest geven we uit aan boodschappen en kleren en speelgoed voor de kinderen. Sparen voor later vinden we ook belangrijk: we zetten duizend euro per maand opzij voor de kinderen. Daarvan kunnen ze later hun rijbewijs halen of een opleiding volgen. Ook storten we elke maand honderd tot tweehonderd euro op een spaarrekening voor onverwachte kosten.
 

Lees ook
'Dit is waarom ik mijn kinderen verwen met mooie spullen' >

 

Extra

Voor extraatjes hadden mijn ouders vroeger geen geld. Als kind heb ik dat nooit als een gemis ervaren, maar nu ik zelf moeder ben, vind ik het belangrijk dat mijn kinderen zichzelf kunnen ontplooien en de kans krijgen hun talenten te ontwikkelen. Mijn zoontje zit op judo, zwemles en streetdance, mijn oudste dochter op judo, gitaarles en paardrijden, dat kost in totaal ongeveer tweehonderd euro per maand.

Voor we kinderen hadden, gingen mijn man en ik iedere week wel een keer uit eten, samen of met vrienden. Ik hield van goeie cosmetica: ik kocht rustig een dagcrème van 60 euro of een mooie mascara van 25 euro. Tegenwoordig koop ik die spullen voor een paar euro bij de drogist. Het enige waar ik mezelf nu nog mee verwen is een pedicure, dat kost elke zes weken 35 euro. En heel af en toe gun ik mezelf een dure fles parfum. Vroeger dacht ik daar niet over na, nu voelt het echt als een cadeautje. Ik vind het overigens niet erg om mezelf luxe dingen te ontzeggen, de kinderen staan de komende jaren op één, niet ik.

Vroeger ging mijn man en ik vaak op dure vakanties – de Malediven, Mauritius, Thailand. Met de kinderen blijven we dichter bij huis, het Spaanse strand is voor hen net zo leuk. Afgelopen zomer zijn we in Nederland gebleven en ging mijn dochter op ponykamp en mijn zoontje hutten bouwen, vonden ze geweldig.
 

'Jullie vinden het allemaal vanzelfsprekend'

Ik koop nauwelijks kleding voor mezelf, ik shop voornamelijk voor de kinderen. De zolderkamer hebben we omgetoverd tot speelkamer, die staat vol Lego, K’nex en ander mooi spul. Alleen: mijn kinderen kijken er nauwelijks naar om. Ik kocht een pratende pop van 32 euro voor mijn middelste dochter. Als beloning omdat ze zichzelf kon aankleden. Speelde ze er maar één keer mee. Best frustrerend. Dan roep ik dat ze het allemaal vanzelfsprekend vinden en niet beseffen hoe goed ze het hebben – dat helpt niet erg natuurlijk. Ze vinden het vooral leuk zich te verkleden, met een paar oude sjaaltjes te spelen dat ze paardjes zijn of een eierdoos te beschilderen.
 

Verwennen

Mijn ouders vinden dat we de kinderen veel te veel verwennen. Je moet ze niet overladen met spullen, maar met liefde, vinden ze. ‘Jullie hadden één stuk speelgoed per kind en daar moesten jullie het mee doen’, zegt mijn moeder. Dat onze kinderen omkomen in het speelgoed en elk vijf winterjassen hebben, vindt ze belachelijk. Onze winterjas ging op zondag in de was en op maandag trokken we ’m weer aan naar school, net zolang tot we er uit waren gegroeid.

Mijn ouders hebben gelijk, we verwennen onze kinderen. En toch kan ik het niet laten. Als ik de zoveelste speelgoedauto in de winkel zie, neem ik die toch mee. Wel probeer ik mijn kinderen nu al te leren dat je altijd moet delen met mensen die het minder goed hebben. Ik ruim een paar keer per jaar alle kasten uit en daarna ga ik met de kinderen naar de voedselbank om kleding en speelgoed te brengen. Speelgoed gaat naar neefjes en nichtjes, of vriendinnen die het minder breed hebben. Vorig jaar bakten mijn oudste dochter en ik cupcakes die ze verkocht op de kerstmarkt van de ponyclub. De opbrengst van honderd euro gaf ze aan de club, voor de verzorging van de pony’s. Zo lief. Ha, wie weet valt het toch wel mee met hoe verwend ze zijn.”

Dit artikel staat in Kek Mama 04-2019.

 

 

 


Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >