Bankrekening fiftyfifty regeling
Beeld: Shutterstock

Sheila verdient meer dan haar man en vond dat ze ook meer mocht uitgeven. Maar daar kwam ze van terug.

Sheila (35): “Ik heb nooit schulden gehad of geleend – op de hypotheek na dan. Ik hou van mijn werk als item-regisseur, het betekent never a dull moment. Soms word ik midden in de nacht uit mijn bed gebeld omdat er ergens in het land dringend iets gedraaid moet worden. Dat deert mij niet: met een gewone kantoorbaan zou ik al snel verpieteren. Maar ik doe het niet voor niets. Ik heb altijd goed onderhandeld over mijn salaris, ook door na te vragen wat anderen in mijn functie verdienden. Dat kan ik iedereen aanraden.
 

More content below the advertising

Onderhandelen

Toen ik in een eerdere baan na verloop van tijd vond dat mijn werkzaamheden niet meer in verhouding stonden met de vergoeding die ik ervoor kreeg, stapte ik zelf naar mijn leidinggevende met de boodschap: dit wil ik gaan verdienen. Ik vond het zo flauw dat ze daar vervolgens € 60 onder gingen zitten dat ik zei: ‘Dan ga ik weg.’ Later die dag werd ik gebeld door de directeur: als ik zo goed kon onderhandelen voor mezelf, dan zou ik dat vast ook voor het programma doen. Ik kreeg er € 500 bij. Zo zette ik steeds weer een stap op de financiële ladder en verdien ik nu voor vier dagen werken per week € 3100 netto per maand.
 

Verdeling

Mijn man is ook een harde werker, maar verdient lang niet zoveel als ik. Hij draait als lichttechnicus voor tv-series en verdient daar zo’n € 2000 netto mee. Ik heb daar geen enkele moeite mee, en hij ook niet. Liever een betrokken vader die mij ’s ochtends laat uitslapen en met onze zoons Dean van negen en Mick van vijf naar de speeltuin gaat, dan een die ons twee keer per jaar mee op vakantie neemt maar nooit een luier verwisselt, zoals sommige partners van vriendinnen.

Wel hadden we jarenlang, ook nadat onze zoons geboren waren, gescheiden rekeningen. Op de gezamenlijke rekening, waarvan we de vaste lasten betaalden, stortten we allebei precies evenveel. Ik stond daar nauwelijks bij stil. Het leek me niet meer dan normaal dat ik recht had op meer geld voor mezelf omdat ik nu eenmaal meer verdiende. Ik kocht onbekommerd een dure crème, of een salade bij een veel te dure groentejuwelier zonder dat thuis te overleggen. Tot we op een avond op een feestje waren en ik mijn man tegen iemand hoorde zeggen dat hij zich vaak zorgen maakte of hij de komende maand zijn deel wel op kon brengen. Hij ging gebukt onder onze fiftyfifty-regel.
 

Praten over geld

Het raakte me dat onze afspraak hem zo veel stress opleverde. Ik bewonder de bevlogenheid waarmee hij zijn werk doet en hij is een fantastische vader. Ik zou het zonder hem nooit redden, besefte ik. Toen we erover spraken vertelde hij dat hij er al eerder over was begonnen, maar dat ik dergelijke gesprekken uit de weg ging. Ik moest hem gelijk geven. Ik mag dan goed in onderhandelen zijn, verder vind ik praten over geld maar een hinderlijk tijdverdrijf. Ik wil gewoon dat het is geregeld, klaar. Daarom ben ik ook in vaste dienst, terwijl ik als freelancer meer zou verdienen – maar me ook meer bezig zou moeten houden met administratie en facturen. We zijn rond de tafel gaan zitten en besloten tot een rigoureuze aanpak.
 

Lees ook
Geld: de bom onder je relatie >

Alles op één hoop

Ik zou voortaan mijn hele salaris op onze gezamenlijke rekening laten storten. We deelden ons leven toch al met elkaar, waarom niet ook onze financiën? Van die gezamenlijke rekening betalen we de hypotheek van € 1300 en de andere vaste lasten, de buitenschoolse opvang van € 412, en we zetten maandelijks een paar honderd euro opzij voor onze kinderen. Van de € 9000 die we nu totaal hebben staat € 8000 op een aparte spaarrekening voor onze zoons. Als ik iets voor mezelf wil kopen, doe ik dat van de gezamenlijke rekening.

Boodschappen, uitjes en andere uitgaven doen we ook van de en-ofrekening. Het inkomen van mijn man wordt er ook op gestort. Een tijdje geleden stemde ik ermee in dat hij zo’n beetje al ons spaargeld, los van wat we voor de jongens hebben gespaard, zou uitgeven aan lichtapparatuur. Het ging om zo’n € 10.000. Sinds hij die apparatuur bezit en die kan verhuren, verdient hij ongeveer € 2400 netto in de maand. Verder besloot ik hem te steunen in zijn plan om een opleiding tot kok te volgen, een droom die hij allang had. Nu werkt hij, naast zijn gewone werk, twee avonden in de week in een restaurant. Dan komt de zorg voor de kinderen op mij neer. Maar hij is verlost van de maandelijkse stress om de eindjes aan elkaar te knopen. En hij is gelukkig, en dat is me veel waard.
 

Bewuster met geld omgaan

Dat we nu alles op één hoop gooien, leidt soms tot kleine irritaties. Dan snap ik niet waarom hij € 200 pint voor een avond uit. Of vraagt hij zich af waarom ik een nieuwe telefoon nodig zou hebben. We hebben allebei geen cent eigen geld meer. Mijn auto is nu ook van hem, zijn lichtset is deels mijn bezit. Als mijn man een maand wat minder werk heeft, moet ik naar die goedkopere kapper die eigenlijk minder mooi knipt. Het maakt me niet uit. Sinds ons grote gesprek over geld, plannen we vaker gesprekken over financiën in. Het heeft ertoe geleid dat ik bewuster met ons geld omga.

Hij heeft nu een gezinsauto in plaats van een oldtimer, want ook hij heeft concessies gedaan. Maar waar we niet op hebben bespaard, zijn onze bijdragen aan goede doelen. Naar Unicef, Cordaid, War Child, Het Rode Kruis en Milieudefensie maken we maandelijks in totaal tweehonderd euro over. Mijn man en ik hebben vroeger veel gereisd en met eigen ogen gezien hoeveel gezinnen het minder getroffen hebben dan wij. Ik krijg het met twee jonge kinderen thuis en mijn baan nu eenmaal niet voor elkaar om bijvoorbeeld een maand vrijwilligerswerk te doen op Lesbos. Maar op goede doelen zal ik niet bezuinigen.”
 

Dit artikel staat in Kek Mama 11-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >