Beeld: Getty
Beeld: Getty

Marieke zou het liefst net als haar ouders sussend door het leven gaan, haar man Simon komt uit een oud en berucht geslacht van ruziemakers.

Het is maandagavond en Simon en ik hebben ruzie. De aanleiding is te knullig voor woorden.
Ik: “Kan die telefoon nou even aan de kant? We zijn aan het eten.”
Hij, compleet afgehaakt: “…”
Ik, geïrriteerd: “Je telefoon. Aan. De. Kant. Het is niet te geloven hoeveel tijd jij besteedt aan onzinnige groepsapps. Hoeveel flauwe filmpjes van iemand die als een dronken idioot op een plank een heuvel afskiet en dan keihard valt kan een mens bekijken op één avond?”
Hij, niet luisterend: “Hmmmmmm?”
Ik, zwaar geïrriteerd: “We zijn aan het eten. E-ten. Lekker sociaal dit. En ook echt een goed voorbeeld voor de kinderen.”
Hij, ineens wakker: “Wat zit je nou te zeuren?”
Enz. Enz. Tot het moment dat we elkaar verwijten dat ik ‘altijd’ zit te zeuren en hij ‘nooit’ naar mij luistert. En ik niet wil toegeven dat ik altijd zit te zeuren en hij niet wil toegeven dat hij nooit luistert en we in een soort patstelling terecht zijn gekomen die alleen maar doorbroken gaat worden als een van ons inbindt en dat zijn we allebei niet van plan.
 

Slap van het lachen om ruzies

Gevolg: ruzie. En niet van het soort dat we na tien minuten lafjes boos zijn allebei enorm om elkaar moeten lachen, want haha, wat zijn we toch stijfkopjes, kom hier, dan zoenen we het snel af. (Ik vind het altijd verwonderlijk hoeveel mensen naar eigen zeggen om zichzelf moeten lachen als ze ruzie maken met elkaar. Als dat zo is, waarom strandt dan veertig procent van alle huwelijken? Omdat die mensen allemaal zo slap van het lachen lagen om hun eigen ruzies? Ik denk eerder dat toegeven dat je af en toe servies naar elkaars hoofd smijt een taboe van de bovenste plank is. Maar dat geheel terzijde.)
 

'Ik heb ruzie-angst, hij discussie-allergie'

Zo’n ruzie om een x-onderwerp (dat al snel niet meer ter zake doet) eindigt bij ons meestal in een ruzie om de vorm van diezelfde ruzie. Ik vind dat we snel alles moeten gladstrijken en hup, weer door. Uitpraten? Sorry zeggen? Nee, nee, snel wegstoppen allemaal. Want ruzie, dat moet wel het teken van een heel slechte relatie zijn. Simon vindt daarentegen dat helemaal niemand met elkaar moet discussiëren, maar dat een van ons (ik) gewoon moet toegeven en sorry zeggen en wel snel, want hoe langer er discussie is, hoe bozer hij wordt. Kortom: ik heb ruzie-angst, hij discussie-allergie.
 

'Déze afrit, o nee gemist'

De basis van het probleem bij mij is: mijn ouders hadden nooit ruzie. Echt nooit. Althans, in mijn beleving. Ik kan me letterlijk niet één moment van stemverheffing herinneren, laat staan dat er borden door de kamer vlogen. Oké, er was weleens irritatie. Een paar keer per jaar. Meestal op de rondweg van Parijs als we ‘ja toch wel, nee toch niet, wacht even, nee niet, o wacht, nee, ja, toch wel, deze afrit, déze afrit, o nee gemist’ moesten nemen, en de bron van de verwarring het feit bleek te zijn dat mijn moeder de kaart ondersteboven had gehouden. Maar zelfs dan vlogen er geen harde woorden over en weer, maar mopperde mijn vader wat binnensmonds en zei mijn moeder sorry en was de ergernis over als we alsnog de goede route hadden gevonden.
 

The silent treatment

Mijn moeder beweert trouwens dat er echt weleens ruzie was, maar dat uitte zich dan in the silent treatment. Elkaar doodzwijgen dus. Soms wel een paar weken lang. Herinner ik me niets van. Ik herinner me de fijne sfeer thuis, dat ik nooit bang was dat mijn ouders uit elkaar gingen of elkaar de tent uit vochten. Ik denk dat ik tot mijn twaalfde niet eens wist dat volwassenen ruzie met elkaar maken. En dat voelde fijn als kind en het is natuurlijk enorm het goede voorbeeld voor een latere relatie, behalve dan dat ik nu bij elke ruzie tussen Simon en mij denk dat we helaas zullen moeten scheiden.
 

Een ruzietraditie

Simon daarentegen komt uit een oud geslacht van ruziemakers. “Altijd discussie, vaak geschreeuw”, zegt hij als ik vraag hoe hij het huwelijk van zijn ouders zou omschrijven. Dat is nog steeds zo. Niemand kijkt nog op als mijn schoonvader tegen mijn schoonmoeder loopt te bulderen dat ze de vaatwasser niet goed heeft in- dan wel uitgeruimd. En mijn schoonvader heeft het weer van zíjn vader en zo gaat de ruzietraditie lang terug.

Simon wil hem graag doorbreken. Ik ook. Alleen willen we allebei een andere manier. Ik wil ‘gewoon geen ruziemaken’, zoals mijn ouders. Onenigheid snel wegmoffelen, zonder duidelijke conclusie of oplossing. Simon wil ‘niet die eeuwige discussie’. Onenigheid eveneens snel van de tafel, maar wel opgelost zodat niet exact dezelfde discussie morgen, overmorgen of volgende week weer de kop opsteekt (een bekend probleem tussen zijn ouders). En als we dan toch bezig zijn ook even de manier van ruziemaken centraal stellen, zodat we die meteen kunnen aanpakken. Dat klinkt op zich als een goede manier, behalve dan dat zijn oplossing vaak is: toegeven, Marieke. Sorry zeggen, Marieke. Wat weer direct terug te leiden is op zijn ouders, waarbij zijn moeder altijd degene is die inbindt. En dat ben ik niet van plan, want dat vind ik doodeng. Straks loopt-ie nog over me heen, zeg, zoals zijn vader over zijn moeder. Dat is een beetje flauw, want Simon is nou niet bepaald de beste vriend van zijn vader, laat staan dat hij hem als voorbeeld heeft. Maar toch, voor je het weet zit je in een patroon.
 

'Kun je er niet gewoon over ophouden?'

Nee, laten we dan liever mijn ouders als voorbeeld nemen. Je spreekt nooit iets uit, maar er is wel rust in de tent. Dus hoezo moet ik nu sorry zeggen? Kun je er niet gewoon over ophouden? Heb je het daar nu nóg over?! Ik interviewde ooit een relatietherapeut die zei dat de manier waarop iemand op ruzie reageert inderdaad vaak teruggaat naar trauma’s uit de jeugd. Nu heeft Simon geen trauma door de ruzies van zijn ouders en ik niet door het gebrek eraan, maar er zit natuurlijk wel iets in.
 

Gezapig

Dat Simon niet wil dat onze kinderen opgroeien in een sfeer van altijd maar discussie, is begrijpelijk vanuit zijn jeugd. Voor mij ligt het anders. Ik vond het fijn dat mijn ouders nooit tegen elkaar stonden te schelden en dat wil ik ook graag voor onze kinderen, maar achteraf gezien denk ik weleens: op veel echte passie heb ik ze ook niet kunnen betrappen. Het was gezapig. En dat leken ze allebei prima te vinden, maar ik heb ze óók nooit zien zoenen. Niet echt, althans. En de keren dat mijn vader in het voorbijgaan mijn moeder bij haar heupen greep en begon te dansen alsof hij een Zuid-Amerikaanse samba-leraar was, zijn op de vingers van nul handen te tellen.

Nu kan je denken: hoeft ook niet. Maar dit zijn wel de dingen die Simon doet en waarmee hij me aan het lachen maakt. En ik denk ook weleens: mijn moeder pikte soms wel veel. Als Simon belooft dat hij om zes uur thuis is en hij is om kwart voor zeven nog nergens te bekennen, vind ik dat irritant en dat zal ik hem dan ook meedelen. Mijn vader doet dit regelmatig en weigert bovendien stelselmatig het gebruik van de mobiele telefoon. Mijn moeder vindt dat ook heel ergerlijk, maar ze accepteert het zonder er veel van te zeggen.
 

Een felle discussie over intellectuele vermogens

Dat mijn vader een enorme Pietje Precies is en daarom de administratie die mijn moeder net heeft gedaan nog even napluist op fouten, zou voor mij genoeg zijn voor een felle discussie over intellectuele vermogens en het feit dat hij blijkbaar twijfelt aan de mijne. Niet bij mijn ouders. Mijn moeder haalt haar schouders op en laat hem begaan. Net als over het feit dat hij na 22 jaar nog steeds niet wil snappen hoe de magnetron werkt, laat staan dat hij ooit kookt, ook al is hij met pensioen en mijn moeder niet. Allemaal geen halszaken en mijn vader is een heel aimabele man, maar goed, ik zou denk ik toch mijn mond niet altijd kunnen houden.

Dus ik kan wel willen dat Simon en ik het huwelijk van mijn ouders op dit vlak kopiëren, maar realistisch gezien: ik ben mijn moeder niet. En hij is mijn vader is. Dus het is een zinloos streven. En is het dan echt altijd beter om gewoon je mond te houden in plaats van ergernissen uit te spreken? De rechte lijn te kiezen in plaats van soms dalen, maar ook de hoge pieken?
 

De hoeveelheid ruzie zegt niet veel

Diezelfde relatietherapeut zei dat de hoeveelheid ruzie op zichzelf niet zoveel zegt over de kwaliteit van de relatie (hoewel ik dat bij de dagelijkse schreeuwpartijen van mijn schoonouders waag te betwijfelen, maar goed), maar wel de manier waarop er ruzie wordt gemaakt. Schelden, kwetsen, minachting voor elkaar: allemaal niet zo handig voor je relatie. Elkaar laten uitpraten en begrijpen daarentegen: wel een goed idee. Dat is natuurlijk leuke theorie, maar als het zo goed gaat met uitpraten en begrijpen zou er geen ruzie zijn, denk ik.

Toch zit er natuurlijk wel iets in. Er valt namelijk op Simons discussie-allergie ook wel wat af te dingen. Want doordat hij zo geprikkeld reageert op weerwoord van mijn kant gaat hij met grote regelmaat voorbij aan de inhoud. Waardoor ik het gevoel heb dat ik harder moet roepen en dan nog harder, omdat ik anders niet word gehoord. Als hij nou even die allergie onderdrukt en lúistert naar wat ik zeg, zou die discussie die hij zo haat heel snel over zijn. Dan hoeft-ie ook niet zo te flippen over het feit dat er überhaupt discussie is.
 

Even toegeven

Het is soms (niet altijd, ik geef het toe) zijn eigen gedrag dat een woordenwisseling juist in stand houdt en heviger maakt. Nu moet ik alleen nog even leren hem daar niet fijntjes op te wijzen als hij toch al boos is, want dat is nog nooit zinvol gebleken. Dat moet ik dus achteraf doen. Dan maar even toegeven om de gemoederen wat te laten bedaren en niet proberen de ruzie snel onder het tapijt te vegen en meteen te beginnen over wat híj allemaal anders had moeten doen. Dat is namelijk ook niet echt een voorbeeld voor de kinderen.

Die ruzie over de telefoon, die kwam trouwens nog goed. Uiteindelijk gaf ik toe dat ik dit soort dingen misschien beter niet kan bespreken waar de kinderen bij zijn. Simon gaf toe dat het einde wel een beetje zoek is als we tijdens het eten met een scherm voor onze neus zitten. Doet-ie nu niet meer. Probleem opgelost. We leren het nog weleens, ruziemaken.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 05-2017.

man gaat vreemd prima
Beeld: Unsplash

Het libido van Kris (36) was nooit hoog, maar toen haar jongste dochter Maud (4) geboren werd, daalde het tot een nulpunt. Haar man zoekt het sindsdien buiten de deur. “Ik weet best dat hij vreemdgaat, maar ik vind het wel prima zo. Kan ik tenminste ongestoord gaan slapen.”

“Acht maanden geleden draaide ik voor de zoveelste keer mijn rug naar mijn man Jeroen. We lagen in bed en ik voelde zijn erectie. De veelzeggende hand op mijn heup, de kus in mijn nek. Ik negeerde ze, zoals meestal, en viel in diepe slaap. Sindsdien hebben we niet meer gevreeën, en voor het eerst in onze relatie, heeft Jeroen het ook niet meer geprobeerd.

Ik weet dat hij sindsdien vreemdgaat. Ik zie hem lachen bij appjes op zijn telefoon. En hij is losser, relaxter – meer dan hij in jaren is geweest. Onze relatie is gelukkig en stabiel; we zijn elkaars beste vrienden en willen geen dag zonder elkaar. Ik besteed de seks sinds kort alleen uit aan een ander. Een soort onuitgesproken afspraak. Hij heeft zijn verzetje, en ik kan ongestoord gaan slapen. Zonder elke avond weer die onrust: o god, dadelijk wil hij weer.

 

Momentje onder de douche

Mijn libido is nooit heel hoog geweest. Zonder reden; zo zit ik gewoon in elkaar. Toen Jeroen en ik net samen waren, acht jaar geleden, deden we het een keer of twee per week. Daar genoot ik heus wel van, maar het was ook meer dan voldoende. Jeroen had wel zin in meer, maar respecteerde dat mijn behoefte anders was. Onze basis is zo sterk, onze liefde zo groot; onze geestelijke band was voor ons beiden veel belangrijker dan het fysieke.

Toen ik zes jaar geleden zwanger raakte van onze zoon Joost, ontging me de lust volledig. Hoort bij de zwangerschap, dachten we, en knuffelden gewoon wat vaker. ‘Ik duik wel een keertje extra onder de douche’, zei Joost als ik me weer eens schuldig voelde. Na de bevalling zou het vast wel goedkomen. Bovendien: alle jonge ouders vrijen toch weinig? Zo bijzonder was onze situatie dus niet.

 

Lees ook:
Carina (42) gaat vreemd en haar man accepteert dat >

 

Eén van de vele huishoudelijke plichten

Maar het kwam niet goed. Twee maanden na de bevalling, drie, acht… Ik moest gewoon echt niet denken aan vrijen. Ik weet het aan de hormonen en slapeloosheid, en Jeroen schikte zich naar de situatie. Hij mopperde wel een beetje, want anderhalf jaar zonder seks met je partner – dat trekt natuurlijk niemand. Dus gaf ik soms uit coulance toe. Misschien krijg ik vanzelf zin als ik het gewoon doe, hoopte ik. Maar er gebeurde niks. Mijn lichaam reageerde op zijn aanrakingen, maar emotioneel was ik er niet bij.

Zo hielden we het een tijdje vol. We vreeën hooguit eens in de twee weken, en niet omdat ík er nou zo’n zin in had, maar Jeroen was er tevreden mee. Ik ben dol op hem, weerzinwekkend vond ik het niet. Het was meer een soort plicht waaraan ik gehoor gaf. Zoals ik ook dagelijks de was draaide, of luiers van onze zoon verschoonde.

 

Porno en een speeltje

Ik werd opnieuw zwanger, wéér deden we maandenlang niks, en toen ze drie maanden na haar geboorte al doorsliep, deed Jeroen weer eens een verleidingspoging. Fysiek was er, op wat gierende borstvoedingshormonen na, niks met me aan de hand. Ik was niet uitgescheurd, vloeide al lang niet meer en ik voelde me comfortabel in mijn lichaam. Maar ik kon het niet. Ik kreeg gewoon geen zin, wat ik ook probeerde.

Toen Maud een maand of tien was, vond ik dat het er toch echt eens van moest komen. Dus gaf ik toe, uit medelijden. Jeroen was blij, en daarmee ik ook, maar genieten deed ik er niet van. Niet dat ik dat vertelde. Wel probeerden we de boel een beetje spannender te maken. We keken porno, masseerden elkaar eerst uitgebreid, gingen romantisch uit eten en kochten een speeltje. Maar ik kreeg de knop niet om.

 

Vreemdgaan is de oplossing

Onze laatste vrijpartij is nu zeker tien maanden geleden. Na mijn afwijzing van een maand of acht geleden, is er iets veranderd bij Jeroen. Ik vermoed dat hij op Tinder zit, of elders scharrels regelt. Neem het hem maar eens kwalijk, als je altijd maar ‘nee’ krijgt van je eigen vrouw, dus laat ik hem zijn gang gaan. Onze relatie wordt er stukken relaxter van. Hij is geen wandelende brok opgekropte energie meer, en ik ga elke avond met een gerust gevoel naar bed. Ik hóef niks meer.

Ik denk niet dat Jeroen verliefd is op een ander. Als hij alleen het lichamelijke buiten de deur haalt, heb ik daar verder vrede mee: ík kan het hem niet geven. We zouden naar een seksuoloog kunnen gaan, maar eerlijk gezegd vind ik dat niet nodig. Ik wíl mijn libido helemaal niet veranderen, en gebruik liever een oplossing als deze. Op alle andere vlakken zijn we dolgelukkig. Ik heb vriendinnen die de sterren van de hemel vrijen met hun man, maar in het dagelijks leven amper een woord met hem te wisselen hebben. Of altijd zonder partner op pad gaan, omdat hun interesses zo verschillen. Ik deel liever de geestelijke verbondenheid, al betekent dat natuurlijk wel dat we binnenkort over dit onderwerp moeten praten. Als onze band zoveel sterker is dan seks, moeten juist wij dit samen aankunnen.”

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

relatietherapie kinderen
Beeld: Pixabay

En dan loopt het ineens – of eigenlijk al veel langer – niet meer zo lekker in jullie relatie. Welke soorten relatietherapie zijn er, ook als je kinderen hebt?

 

EFT-relatietherapie

Deze vorm van relatietherapie staat voor Emotionally Focused Therapy. Klinkt interessant, maar wat houdt het in? Allereerst verraadt de naam al dat deze therapie zich richt op emoties. Er wordt gekeken naar patronen binnen jullie relatie (altijd en eeuwig ruzie over geld of een niet-uitgeruimde vaatwasser), zodat jullie deze leren te herkennen en te begrijpen. Want je weet zelf ook wel: vaak gaat het niet eens om die vervloekte afwas, maar wat eronder ligt (geen rekening houden met elkaar, je in de steek gelaten voelen). Ook gaan jullie kijken naar oud zeer. Daarna gaan jullie met behulp van de therapeut bouwen aan een nieuwe, veilige basis waarin jij en je partner elkaar om steun en begrip vragen, in plaats van elkaar verwijten te maken. Er wordt naar het hele gezin gekeken en onderzocht waar jullie het meeste behoefte aan hebben.

Meer info vind je hier.

 

Samengesteld gezin coaching

Hij heeft al kinderen, jij hebt al kinderen, en samen werden jullie verliefd. Mooi sprookje toch? Er zijn in Nederland ontelbaar veel samengestelde gezinnen. Maar de cijfers hierover zijn niet best: 60% van zulke gezinnen redt het uiteindelijk niet. Grootste knelpunten: verschil in opvoeding (‘Van mama mag het wel en jij bent mijn vader niet!’), mag je iets zeggen over je stiefkind, bemoeienissen van ex-partners en ga zo maar door. Gelukkig is er speciale coaching voor samengestelde gezinnen. Deze hulp is erop gericht om rust te creëren in jullie leven en relatie. De bedoeling is om jullie samengestelde, unieke gezin goed op de rails te zetten, met jullie eigen gezinscultuur. Want eerlijk is eerlijk: elke familie is anders. De praktische adviezen hebben als doel om binnen 3 tot 5 maanden voor meer balans te zorgen in jullie hele gezin. En dat is heel, héél erg fijn, voor iedereen.

Meer info vind je hier.

 

Lees ook
LIEFDE: Zo kan het dus ook: blij met je scheiding >

 

Systeemtherapie

Relatieproblemen gaan vaak veel verder dan alleen de band tussen jou en je partner. Als jullie kinderen hebben, horen die ook bij de relatiedynamiek. Bij systeemtherapie wordt gekeken naar het sociale systeem waarvan je deel uitmaakt, zoals je gezin. En hierin staat vooral de wisselwerking met andere personen bij het probleem centraal.  Het kan dus zijn dat je deze therapie niet alleen met je partner doet, maar ook met jouw eigen ouders of je kinderen (als die oud genoeg zijn). De systeemtherapeut kijkt dus naar het hele gezin, en iedereen wordt bij de oplossing betrokken. Soms zie je dat bepaalde obstakels van generatie op generatie worden doorgegeven: jij mocht vroeger nooit ‘huilen om niets’, en ineens snauw je dat ook naar je eigen kids. Deze vorm van therapie is heel geschikt om ook dit soort opvoedingskwesties te doorbreken.

Meer info vind je hier.

 

Oplossingsgerichte therapie

Oké, jullie weten dat het niet heel lekker gaat in jullie relatie. Maar elk huisje heeft z’n kruisje en jullie willen niet te veel kibbelen over hoe deze impasse is ontstaan. Dan is oplossingsgerichte therapie iets voor jullie. Deze hulpsoort gaat niet over hoe jullie problemen ontstaan zijn en het analyseren hiervan, maar is gericht op het oplossen ervan. De therapeut helpt jullie te kijken naar de momenten waarop het wel goed gaat en hoe jullie onderlinge situatie is als jullie troubles er niet zijn. Wat gaat er dan wél goed en hoe komt dat? En: hoe houden jullie dit vol? Lekker positief, kortom.

Meer info vind je hier.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >