Vrolijke opvoedtantes Els en Do beantwoorden jullie opvoedvragen met een knipoog. Deze week: het gebruik van scheldwoorden.

Mijn achtjarige dochter zegt de laatste tijd om de haverklap fuck. Toen ik haar vroeg wat de juf daarvan vindt, zei ze: “Die vindt het niet leuk, maar iedereen doet het lekker toch.”

Do’s buurvrouw mevrouw Hupperts (91) durft nauwelijks nog tv te kijken, zo schokkend vindt ze het huidige taalgebruik. Toen zij haar negen kinderen opvoedde was het woord ‘bil’ nog verboden. In 1955 dreigde Annie M.G. Schmidt in haar vers Ik ben lekker stout: ‘En als ik kwaad ben, zeg ik: bil.’
Woorden veranderen van lading. ‘Krijg de klere’ klinkt bijna speels, maar toen je nog massaal dood ging aan cholera (‘klere’) was het net zo grof als nu ‘krijg de kanker’. In de middeleeuwen betekende ‘wijf’ gewoon ‘vrouw’, nu is het een scheldwoord.

Ook de lading van het woord ‘fuck’ verschuift. Fraai is het niet, maar misschien hoort het erbij. Het komt uiteindelijk allemaal doordat het spannend is verboden woorden te zeggen. Kijk maar naar Geert Wilders. Wat zal die als peuter genoten hebben van het woord ‘poep’.
Toch moet u een grens trekken. Het gaat er niet eens om waar die grens ligt, als hij er maar is. Fluit uw kind in ieder geval terug bij kwetsende verwijzingen naar ziektes, uiterlijk, geloof, geaardheid en intelligentie (minister-president Mark Rutte is iets soepeler dan de tantes, die spreekt van ‘achterlijke gladiolen’.) Bijsturen kan via de bekende viezewoordenpot, waarin ieder gezinslid tien cent moet doen als hij vloekt of scheldt. Elke dag een vieze woorden-vijfminuten houden, werkt ook: iedereen kan zich even uitleven om daarna weer terug te keren in het gareel.

De tantes hebben nog een idee: laten we met zijn allen dat gareel veranderen. Dat gaat zo. Op stressvolle momenten zegt u tegen de kinderen: potverdriedubbeltjes! Of oenemeloen! Daarna biedt u geschokt uw excuses aan. “Dat had ik nooit, nooit moeten zeggen”, stamelt u. Binnen de kortste keren gebruikt de nieuwe generatie krachttermen waarmee iedereen kan leven. Dat noemen we dan retroschelden.

PS Do’s zevenjarige neefje vroeg haar onlangs: “Hoeren, dat zijn toch mevrouwen die trippelen?”

Lees alle opvoedvragen in Kek Mama 01-2016.

Els en Do zijn geboren voordat de pil was uitgevonden en kwamen ter wereld zonder dat hun ouders daarom hadden gevraagd. Zelf kregen zij heel bewust kinderen en voelen de plicht hen permanent gelukkig te maken. Ze kennen dus twee opvoedingsstijlen van nabij, en blijven onverminderd op zoek naar de gulden middenweg. Mail Els en Do: elsendo@kekmama.nl

Klik hier om meer te lezen van de opvoedtantes Els en Do.

In samenwerking met Kek Mama