Het begon na de geboorte van haar eerste kind. Sjoukje (33) was niet gewoon bezorgd, ze zag in alle hoeken en gaten gevaar. “Waar we ook zijn, ik screen de risico's.”

“Ik was 21 toen ik mijn oudste dochter verwachtte. Mijn zwangerschapverliep onrustig, ik raakte mijn baan kwijt en we moesten opeens op zoek naar een ander huis. Naast mijn man was de baby in mijn buik mijn enige houvast. De bevalling verliep rampzalig. Mijn vliezen braken en mijn dochtertje en ik liepen een ontsteking op, en om alle hechtingen te tellen kwam ik vingers tekort. Eenmaal thuis sliep ze goed, maar de schrik zat er behoorlijk in. Ik kon me niet voorstellen dat het na zo veel rampspoed goed zou gaan; ik was voortdurend op mijn hoede voor gevaar. Als ze sliep controleerde ik of ze nog wel ademde. Urenlang zat ik naast haar bedje en deed niets dan opletten. Als ik twijfelde, voelde ik bij haar mond of legde mijn vingers bij haar hart. Er was nooit iets aan de hand, mijn dochter was een gelukkige baby, maar na een tijdje legde ik haar uit voorzorg in de box te slapen, dan had ik iets meer bewegingsruimte en was ik toch in de buurt als haar iets overkwam.

Natuurlijk besefte ik toen al dat mijn gedrag geen gewone moederlijke bezorgdheid was. Zo’n tobber was ik nooit geweest, ik herkende mezelf niet meer. Dit was het gedrag van een neurotische patiënt. Toch greep ik niet in. Mijn omgeving ook niet. Mijn man werkte veel en mijn ouders en zus schreven mijn onzekerheid toe aan mijn jonge leeftijd. Voor vriendinnen was ik altijd de sterke vrouw geweest. Zij kwamen naar mij met hun problemen, ik dacht er niet aan hen in vertrouwen te nemen. Ja, het was eenzame tijd, maar brengt het prille moederschap niet altijd een zekere mate van eenzaamheid met zich mee? Zodra er visite kwam begon ik te screenen: wie is er een gevaar voor mijn kind, wie is er verkouden, is er iemand met een koortslip, of met buikgriep? Een keer was ik in het winkelcentrum, mijn dochter in een draagzak. Van het ene op het andere moment stond ik als aan de grond genageld. Als ik een stap verder zou doen, zou ik misschien vallen en met mijn volle gewicht op mijn baby terechtkomen. Ik wist hoe irreëel mijn angst was, maar dat maakte hem niet minder echt. Ik belde mijn man: ‘Je moet nu komen.’ Hij was aan het werk en loodste mij al pratend door de telefoon naar huis. Die avond hebben we er niet meer over gesproken, het was immers goed afgelopen.”

Lees het hele verhaal van Sjoukje in Kek Mama 09-2015. Online bestellen doe je hier.

In samenwerking met Kek Mama